Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label interpreteren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label interpreteren. Alle posts tonen

woensdag 6 april 2011

Begrijpen we elkaar eigenlijk wel?

Hoe komt het toch dat we elkaar zo vaak niet begrijpen? Spreken we dan niet dezelfde taal? Vanuit het Engels overgewaaide uitspraken als ‘Welk deel van nee begrijp je niet?’ wijzen erop dat zelfs een simpel ja of nee niet altijd overkomt zoals de spreker dat bedoelt en ook zou wensen,  natuurlijk. 

Om te beginnen is het zo dat de meeste mensen wel eens ja zeggen als ze nee bedoelen. Dat er ‘ja’ over je lippen komt wil nog niet zeggen dat je ook ‘ja’ denkt. Als je ‘ja’ zegt en ‘nee’ denkt, zit het er dik in dat je lichaam ‘nee’ tot uitdrukking brengt. Als we bedenken dat uit onderzoek is gebleken dat een boodschap slechts voor iets van 30%  uit verbale taalinhoud en maar liefst voor 70% uit lichaamstaal bestaat, zal duidelijk zijn dat je als ontvanger vooral de denkversie van iemands boodschap meekrijgt en niet zozeer wat hij nu feitelijk zegt. Als je dan ook nog HSP’er bent, is de kans heel erg groot dat de lichamelijke mededeling of de werkelijke intentie van de spreker, voor jou nóg zwaarder weegt dan voor iemand met een doorsnee gevoeligheid.

Het gaat nog verder. Niet alleen ‘luistert’ de ontvanger dus meer naar iemands lichaamstaal, hij luistert ook nog eens door zijn eigen filters. Misschien wíl je juist wel ‘ja’ horen, of juist ‘nee.’ Misschien verwácht je ‘ja’ te zullen horen, of ga je er zondermeer van uit dat iemand ‘nee’ zal zeggen. Tel het effect van de filter op bij de intentie achter de gesproken taal en je hebt een conflict. Zo simpel is dat.

‘Oké, oké, hij zei dan wel nee, maar ik weet dat hij in werkelijkheid ja bedoelde.’ Wie HSP’er is en dit leest kent zo’n soort uitspraak misschien wel van zichzelf. Je zult de eerste niet zijn. Invullen voor de ander is de meeste HSP’ers niet vreemd. Je hebt geleerd op je intuïtie te vertrouwen, en hoewel je daar in de regel goed mee zit, kunnen je de plank ook behoorlijk mis slaan. Of misschien zit je er níet naast, maar om zomaar iets voor iemand anders in te vullen is doorgaans toch niet zo’n best idee. In zo’n geval kun je beter even checken. ‘Ik hoor je nee zeggen, maar op de een of andere manier heb ik het gevoel dat je ergens toch ja bedoelt. Klopt dat, of vergis ik mij?’ Helderheid, vragen om verduidelijking kan heel wat misverstanden of erger voorkomen.

Vreemd genoeg kost het moeite om zo’n vraag te stellen. Ik heb het gevoel dat mensen zich schamen. Wat ik in dat opzicht vanuit mijn coachingpraktijk opmerk, is dat een HSP’er dat soort vragen lastig vindt. ‘Ja hoor, als ik dat vraag vinden ze me natuurlijk stom,’ zei Hannah. ‘Ik ben wel gek, dát ga ik niet vragen. Dan denken ze dat ik doof en achterlijk ben,’  reageerde Jordi toen ik hem voorstelde om dit soort vragen tot een gewoonte te maken. Zowel Hannah als Jordi waren bij me gekomen om beter om te leren gaan met hun hooggevoeligheid. Tijdens de coachingsessies kwam naar voren dat ze, zoals de meeste HSP’ers, snelle invullers waren. Daarbij waren ze ook onzeker en bang om fouten te maken, en wilden ze dat natuurlijk op geen enkele manier laten blijken. Hannah was vooral onzeker in haar persoonlijke relaties, terwijl Jordi, die op een succesvol advocatenkantoor werkt, er alles voor over had om partner te mogen worden, waardoor hij doodsbang was om op wat voor manier dan ook de indruk te wekken dat hij traag van begrip zou zijn, want een succesvolle advocaat is immers flitsend en snel. Zowel Hannah als Jordi raakten vaak betrokken bij misverstanden en conflicten, en ze begrepen niet hoe dan kon, immers, niemand was zo gesteld op vrede en harmonie als zij. Pas toen ze tot het inzicht kwamen dat je als HSP’er uitermate voorzichtig moet zijn met dat invullen, én dat het HSP-eigen is om een zwak zelfbeeld te hebben, konden ze aan de slag met de oefeningen die ik hen gaf. Ze leerden anders op hun intuïtie te vertrouwen waardoor ze zich zekerder gingen voelen. Wat ze ook gingen beseffen was dat vragen om verduidelijking juist een goed idee is – voor henzelf, maar ook voor degene die je een bepaalde boodschap wil overbrengen. Geen mens zal je dom vinden omdat je iets graag helemaal wilt begrijpen.
En degene die zich volledig mag uitspreken zal zich bovendien helemaal begrepen voelen. 

Niemand is gebaat bij een nare stemming, bij misverstanden of conflicten. Duidelijkheid nastreven is een goede manier om dit soort narigheid te voorkomen. Begrijpen en begrepen worden, dat is waar het uiteindelijk allemaal om draait.

zondag 3 oktober 2010

HSP, conflict en communicatie

Hoewel hooggevoeligen sterk op de medemens zijn gericht en ze op grond daarvan als bijzonder sociale wezens bestempeld kunnen worden, blijken veel van hen toch moeite te hebben met de communicatie. Die moeilijkheden doen zich met name voor wanneer er heftige emoties in het spel zijn. Die emoties kunnen dan, en met name wanneer dit negatieve emoties betreft, met ze aan de haal gaan. Een lawine van emoties, vaak ook nog eens vermengd met de emoties van de ander, werkt in de regel verlammend. Zo kan het gebeuren dat de hsp'er dan ineens zijn aangeboren empathische vermogen kwijt is. Of dat hij volledig dichtslaat. Of gaat schreeuwen. Of ook wel dat hij het helemaal niet meer ziet zitten en zichzelf spontaan onderwerpt aan de verlangens of eisen van degene met wie hij een meningsverschil heeft. De innerlijke behoefte aan vrede en harmonie laat het dan volledig afweten.
Net als een hooggevoelige overvoerd kan raken door een veelheid aan visuele en auditieve indrukken waardoor 'kortsluiting' kan ontstaan, kan ook een overdaad aan emoties hem te veel worden.
Op zich kan het al moeilijk zijn om precies te weten wat je voelt; immers, je voelt eigenlijk altijd al zo veel. Zo lang die gevoelens overwegend plezierig zijn, gaat de communicatie vrijwel vanzelf. Een hsp'er kan doorgaans goed luisteren en het voeren van een vriendelijk gesprek wordt alleen maar als plezierig en verrijkend ervaren.
Maar is er sprake van een conflict of van een situatie die door de hsp'er als bedreigend wordt ervaren, dan is het net alsof ineens het licht uit gaat. De vloeiende communicatiestroom is verbroken, het contact is weg en het voelt donker. Als daar angst en onzekerheid bij komen, slaan vaak de stoppen door.
Wie te veel negatieve emoties tegelijk voelt (plotselinge eenzaamheid nu het contact niet langer daar is, onbegrip, verraad, boosheid, bedreiging) raakt gemakkelijk in paniek. Paniek is voor iedereen lastig, maar voor de hsp'er is het een regelrecht drama. De meeste HSP'ers hebben altijd al moeite om voor zichzelf op te komen en om duidelijke grenzen te bepalen (en daaraan vast te houden), en dat lukt nu helemaal niet meer. Hij -of zij- zegt of roept, vanuit zijn paniek, de verkeerde dingen die de situatie er vaak alleen nog maar erger op maken. Of hij slaat dicht en zegt helemaal niets meer. In beide gevallen is de hooggevoelige zichzelf niet langer de baas, want door de 'kortsluiting' is hij zijn innerlijke sturing, de greep op zijn 'ik' volledig kwijt.
Wat kun je in zo'n situatie het beste doen? Wees je ervan bewust dat reactief gedrag zelden tot positieve resultaten leidt. Ga er niet van uit dat de ander weet wat er in jou omgaat; evenmin als jij kunt weten wat er in de ander omgaat. Laat weten dat je tijd nodig hebt om adekwaat te kunnen reageren. Zonder je af en probeer een objectief beeld te vormen van wat er mis is gegaan dat de kortsluiting tot gevolg had. Wat gebeurde er precies waardoor de stemming is omgeslagen? Welke negatieve emoties speelden er voor jou? Waren die objectief terecht en horend bij deze situatie? Of werden er bepaalde herinneringen getriggerd die helemaal niets met deze situatie te maken hadden? Heb jij misschien iets gezegd of gedaan dat voor een ander niet helemaal duidelijk was, en waar diegene mogelijk zijn eigen interpretatie aan heeft gegeven? Of omgekeerd: heb jij iets geïnterpreteerd dat niet zo bedoeld werd door de ander?
Vaak helpt zo'n objectieve beeldvorming om de boel weer in het juiste perspectief te krijgen, waardoor de gemoederen vanzelf kalmeren en de innerlijke rust terug kan keren. Je kunt dan, zonder op je strepen te gaan staan, met je bevindingen bij de ander aankloppen en vragen hoe de ander de situatie heeft beleefd. Dit, plus het tonen van bereidheid tot het hervatten van het gesprek, is veelal voldoende om de communicatie weer op gang te brengen.