Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label empathie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label empathie. Alle posts tonen

zondag 17 augustus 2014

Hooggevoelig: over verlegenheid, oppervlakkigheid en een echt gesprek


foto: Inspiraçoes Assintecal
De zomermaanden zijn bij uitstek geschikt voor gezellige bijeenkomsten, etentjes zoals barbecues, (bedrijfs)uitstapjes, familiefeesten, noem maar op. Er wordt er graag getrouwd en zijn er uitnodingen voor recepties. En veel HSP'ers die voor zo'n leuk samenzijn worden uitgenodigd (of die op grond van familiebanden geacht worden acte de présence te geven) krijgen alleen al bij de gedachte aan zo'n 'gezellige happening' een naar gevoel in de buik.

Hooggevoelige mensen zijn over het algemeen heel sociaal ingesteld. Ze kunnen echt genieten van het contact met andere mensen en ze gaan een gesprek, een goed gesprek, zelden uit de weg. Een diepe en intense verwerking van de ontvangen informatie geldt als een van de meest kenmerkende eigenschappen van het HSP-zijn.  De HSP'er denkt doorgaans diep over de dingen na. Hij heeft vaak veel ideeën, houdt er een eigen mening op na en praat daar graag over met mensen die hem dierbaar zijn en met wie hij een goed contact heeft. Dat soort gesprekken voert hij het liefst in beperkt gezelschap, in een grotere groep raakt hij meestal snel gestrest en dan geblokkeert hij.

Paniek
Onverwacht aangesproken worden, een gesprek moeten aangaan, een vraag moeten beantwoorden in een vergadering... Het zijn situaties waar de HSP'er niet op zit te wachten en die hem nogal eens in paniek kunnen brengen. Ineens in het middelpunt van de belangstelling staan, andermans blikken op je gericht voelen... Ikzelf weet nog goed dat ik me op dat soort momenten licht in het hoofd en absoluut paniekerig voelde. Ik was als kind regelmatig voor verlegen uitgemaakt, en ik geloofde ook echt dat ik dat was. Ik dacht dus dat dat paniekgevoel het gevolg van mijn verlegenheid was. Intussen weet ik dat ik niet verlegen ben, maar dat een overdaad aan indrukken de veroorzaker is van dat nare gevoel. En als je je herkent in die onaangename paniekreactie, dan geldt misschien ook wel voor jou dat je altijd dacht dat dit door verlegenheid kwam...

Verlegenheid
Vind je van jezelf dat je verlegen bent, dan raad ik je aan dat idee eens onder de loep te houden. Waarom? Omdat het heel goed mogelijk, en zelfs waarschijnlijk is, dat je, als je hoogsensitief bent, niet zozeer lijdt onder de gevolgen van verlegenheid, maar dat je 'alleen maar' geblokkeerd raakt als gevolg van een te veel aan zintuigelijke informatie tegelijk. De konsekwentie daarvan kan zijn dat je ineens niet meer helder kunt denken en de draad van het gesprek kwijt raakt, en dát is wat verlegen mensen ook voelen... alleen is de oorzaak bij jou waarschijnlijk een andere: het overprikkeld zijn. Wanneer je, zoals elke HSP'er doet, meerdere dingen op verschillende lagen tegelijk denkt en waarneemt (Wat vindt die ander van me? Hoe ziet hij me? Hij denkt natuurlijk dat ik dom/dik/mager/saai/stug/verlegen... ben; Hij staat wel erg dichtbij! Wat een opvallende kleur hebben zijn ogen! Denkt hij echt dat die kleur van zijn das past bij de ruitjes van zijn overhemd? Volgens mij is hij moe, kijk maar naar die vermoeide trek rond zijn mondhoeken en de wallen onder zijn ogen...) dan is het alleen maar vanzelfsprekend dat je gestrest raakt en in mindere of meerdere mate blokkeert. Een nieuwe omgeving en mensen die je niet kent zorgen voor een extra zintuigelijke belasting, voor een toename van stress. Vraag jezelf dus nog maar eens af of je werkelijk verlegen bent, of dat een overdaad een nieuwe indrukken de oorzaak van je paniekgevoel kan zijn. Heb je dan eenmaal ingezien dat die innerlijke blokkade het rechtstreekse gevolg van de toegenomen stress is, dan is het zaak om op zoek te gaan naar manieren en mogelijkheden om stressoren te verminderen.

Een ander tema dat extra stress oplevert is de veronderstelling dat we net zo zouden moeten zijn als de niet-HSP'ers. Ben je sensitief, en behoor je tot de categorie 'introvert', ga dan alsjeblieft niet je best doen om extrovert over te komen, want dat is vragen om problemen. Blijf bij je eigen stijl, wees trots op je empatische kwaliteiten en het feit dat je heel goed kunt luisteren want alleen al op grond dáárvan heb je heel wat te bieden.

Koetjes en kalfjes
Iets waar het gros van de HSP'ers moeite mee heeft zijn gesprekken die nergens over gaan, gesprekken waarbij er niet geluisterd wordt en iedereen door elkaar heen praat, en roddelgesprekken. Kennen jullie dat gevoel van opkomende irritatie en het verlangen om er vandoor te willen gaan? Je kunt niet meedoen want er schieten je geen onbenullige opmerkingen te binnen, maar weggaan doe je ook niet want dat zou wel eens onaardig gevonden kunnen worden. En hoe sterker de irritatie, hoe meer stress. Het kan gebeuren dat er ineens om je mening wordt gevraagd en dat je er dan iets uitflapt wat kant noch wal raakt, of wat misschien kwetsend overkomt, en daarop volgt dan weer een gevoel van schaamte... Het kan ook zijn dat je het roddelgesprek zo pijnlijk vindt dat je wordt bekropen door een intens gevoel van afkeer of van schaamte; je voelt je enorm ongemakkelijk en je zou er iets van willen zeggen, maar je durft niet.

Gelukkig hoef je dit soort gesprekken niet machteloos over je heen te laten komen en bestaan er wel degelijk manieren om in te grijpen. Hoe zou je het vinden om al dat loze geklets vóór te zijn door zelf vragen te stellen? Het is een stap, dat geef ik toe, maar je kunt het oefenen en dan zul je zien dat het je beetje bij beetje steeds makkelijker zal afgaan. Stel je voor dat je de mensen interviewt, en dat zij je dingen vertellen die wèl ergens over gaan. Het leuke eraan is bovendien dat jij dan een van die kwaliteiten van het hooggevoelig-zijn in praktijk kunt brengen: het echte, diepe luisteren. En om te voorkomen dat je dichtslaat op het moment dat je je vraag wilt stellen, zou je van te voren thuis al een lijstje van eventuele vragen kunnen maken en die uit je hoofd leren.

En ook al heb je moeite met oppervlakkigheden, het is echt geen slecht idee om een gesprekje met de een of andere triviale opmerking te beginnen; al is het maar om een ander niet af te schrikken... De meeste mensen zouden vreemd opkijken als je een gesprekje opent met de vraag: 'En wat denkt u dat Nietzsche van deze situatie zou vinden?' Geloof me, het is veel handiger om te beginnen met een vraag over -bijvoorbeeld- een kunstvoorwerp in de ruimte waar je je bevindt, de sieraden (stenen!) van je gesprekspartner, de (achtergrond)muziek die wordt gespeeld, de smaak van de wijn, de kleuren van de schotels met eten... Iets van die orde waarmee je bovendien meteen de kans krijgt om iets te weten te komen over de eventuele hooggevoeligheid van de ander. Probeer het maar eens; het is echt makkelijker dan je op dit moment wellicht zou denken. En als je je vraag dan begint met 'Wat vind jij van...' of met 'Wat denk je dat er zou gebeuren als ineens...' dan reageert de ander zo goed als zeker met een antwoord waar je op kunt doorvragen; daar heb je meer aan dan aan het stellen van een vraag die alleen met ja of nee beantwoord kan worden.

Probeer creatief te zijn in het verzinnen van vragen; nóg een reden om thuis alvast een lijstje te maken, zo mogelijk met je gesprekspartner in gedachten. Wees soepel in het stellen ervan. 'Hoe heb jij van deze bijeenkomst gehoord?', 'Dit uitstapje is zo heel anders dan dat van vorig jaar. Ik weet nog... Hoe is dat voor jou?' Het kan uiteraard helemaal geen kwaad om ja/nee ('gesloten') vragen te stellen, en in die zin kun je denken aan: 'Ik ben hier voor het eerst, jij ook?'

Nogmaals, gaat het je niet meteen de eerste keer goed af, geef het niet meteen op. Oefening baart kunst. Communiceren is belangrijk, altijd, en het is de enige manier om een ander te leren kennen. Bedenk dat niet iedereen met wie je een gesprekje aangaat automatisch een innige vriend hoeft te worden; de meeste van dit soort gesprekjes zijn totaal vrijblijvend. Maar... het is wel een uitstekende gelegenheid om andere HSP'ers te spotten :) En mocht een gesprekje niet vlotten, geen paniek. Het is tenslotte onmogelijk om iedereen even aardig te vinden, en net zo is het onmogelijk dat iedereen jou aardig vindt. Dat is normaal, dat is gezond.

Tips: 
  • Laat je gedachten eens gaan over het verschil tussen 'verlegenheid' en geblokkeerd raken als gevolg van een te veel aan informatie en stress. 
  • Probeer je situaties uit het verleden voor de geest te halen en let daarbij op de veelheid aan nieuwe indrukken die ertoe geleid hebben dat je geblokkeerd raakte. 
  • Staat je een situatie zoals hierboven beschreven te wachten, bedenk dan wat je kunt doen om zo veel mogelijk stressoren van te voren te elimineren (bv: laat je informeren over wie de genodigden zijn, ga van te voren op de afgesproken plek kijken (je weet dan ook meteen hoe lang je nodig hebt om er te komen), ga een of twee dagen van te voren naar de kapper, bepaal een dag of wat van te voren wat je aan wilt trekken... 
  • Concentreer je op je positieve HSP-eigenschappen van empaticus en goede luisteraar. Probeer niet jolig en extrovert over te komen als je dat niet echt bent. 
  • Bereid een lijstje met vragen voor en leer ze uit je hoofd. Wil je niets te binnen schieten, zoek dan ter inspiratie op internet naar interviews met een vraag/antwoord-formule. 
  • Wees je ervan bewust dat je niet bij iedereen in de smaak zult vallen. Dat is normaal. Jij vindt ook niet iedereen even leuk en boeiend.


dinsdag 3 december 2013

8 Strategieën voor HSP’ers



Je hebt het gelezen en je hebt het gehoord, hooggevoeligheid is een gave. In het beste geval ben je het daar helemaal mee eens en is het voor jou vanzelfsprekend om vanuit die innerlijke overtuiging te leven, want dat is het mooiste dat je jezelf kunt wensen. Het kan echter ook zijn dat je weliswaar zo’n beetje geaccepteerd hebt dat je hooggevoelig bent, maar dat je nog niet helemaal zo ver bent dat je er in alle opzichten goed mee om kunt gaan. In dat geval zou je eens naar de onderstaande acht strategieën kunnen kijken, en wellicht dat er een aantal bij zijn waar je iets aan hebt.

  • Acceptatie. Als allereerste, nog voordat je aan de volgende strategieën kunt beginnen, is het noodzakelijk dat je accepteert dat je hooggevoelig bent. Leg je erbij neer. Het is niet erg, het is geen ziekte en geen stoornis, het is een deel van je karakter en het zegt iets over de manier waarop je de wereld beleeft. En, rustig maar, je bent nog véél meer dan alleen maar hooggevoelig. Die extreme gevoeligheid is alleen maar een facet van het prachtige mens dat je bent. We hebben het over de ‘gave’ van hooggevoeligheid, maar ik ben de eerste om toe te geven dat het niet altijd zo voelt. Twijfel en ontkenning, ik weet er alles van. Toch was het pas vanaf het moment dat ik besloot mijn gevoelige kant te omarmen dat het me steeds beter lukte om mijn emoties in de hand te houden. En je weet waarschijnlijk ook wel dat alles wat je probeert weg te stoppen, gevoelens die er zijn maar waar je niets van wilt weten, dat die uiteindelijk alleen maar sterker worden..  
  • Zelfkennis. De tweede strategie, de stap die volgt op de aanvaarding, is de fase van de zelfkennis. Kijk eens een poosje aandachtig naar hoe en op welke manier jouw hooggevoeligheid je in de weg zit. Wanneer ondervind je er hinder van en op welke gebieden. En schrijf het op! Maak aantekeningen en let daarbij vooral op dingen als stress, vermoeidheid (overvoerdheid) en honger. Kijk naar jezelf, naar je emoties en naar je reacties, en zoek naar patronen.
  • Zoek contact met andere HSP’ers. Het contact met andere hooggevoelige mensen is van groot belang. Zoek een groep, sluit je erbij aan en, als je niemand mocht vinden, trek dan de stoute schoenen aan, rek je comfortzone een stukje op, en vorm zelf een groepje. Facebook leent zich uitstekend voor dit doel, maar het is ook helemaal niet zo moeilijk om een paar leuke posters te maken en die op te hangen bij de groene winkel, in de bibliotheek, de sportshool, het yogacentrum en meer van dat soort plekken. Echt, het is de moeite meer dan waard. Het leren kennen van andere mensen die zoals jij extra gevoelig zijn, ervaringen met elkaar delen en van elkaar leren, het is een van de beste en meest verrijkende manieren om aan jezelf te werken.  
  • Lichaamsbeweging, kunstzinnig bezig zijn en meditatie. Aandacht voor lichaam en geest zijn strategieën waar geen enkele HSP’er eigenlijk onder uit kan. Wandelen, tai-chi, yoga, euritmie, zwemmen, rennen, enzovoort, bieden je de ideale mogelijkheid om je propvolle hoofd leeg te maken. Het contact met de natuur heeft een kalmerende uitwerking op ons snel aangetaste zenuwstelsel en helpt je bij het lozen van alle energie die je hebt opgepikt maar die niet bij jou hoort. Kunstzinnige activiteiten zoals schilderen of het bespelen van een muziekinstrument werken als balsem voor de ziel waardoor we alles wat ons bezighoudt en het hoofd overuren laat draaien, eens even los kunnen laten. En ten slotte, meditatie –op welke manier dan ook, want er zijn heel wat manieren om te mediteren- is iets dat niet zou mogen ontbreken in het dagprogramma van elke HSP’er. Ik herinner je in dit verband nog maar eens even aan die video van de one moment meditation’ die elk excuus van geen tijd hebben, onderuit haalt. Uiteindelijk is het ook zo dat spiritualiteit (een ruim concept waaraan je je eigen invulling kunt geven) voor de meeste hooggevoeligen even belangrijk is als eten en drinken.
  • Zoek rolmodellen. Het is een goed idee om eens op zoek te gaan naar een of twee hooggevoelige rolmodellen. Je vindt ze onder de bekende en grote musici, schilders, kunstenaars, onder persoonlijkheden die bekend staan om hun diepe betrokkenheid bij het welzijn der mensheid, het milieu, enzovoort. Lees hun biografie, volg de manier waarop ze naar buiten treden, let op de kleine details waaruit blijkt dat ze hooggevoelig zijn, en leer van hen. Hoewel ik altijd zeg dat het zinloos is om jezelf te vergelijken met het gros van de mensen die meer en sneller presteren dan jij en die ook assertiever zijn, maak ik een uitzondering voor de HSP’ers die zichtbaar in de wereld durven te staan en zich onderscheiden door hun inzet en morele houding. Je optrekken aan deze laatste groep heeft wel degelijk zin, terwijl het proberen evenaren van de eersten, die naar alle waarschijnlijkheid niet erg hoog scoren op de HSP-vragenlijst, alleen maar onmoedigend werkt. 
  • Let op je grenzen. Regelmatig gaat het in de artikelen van dit blog over het vaststellen en het bewaken van je grenzen. We weten dat we, als gevolg van de extreme gevoeligheid van ons zenuwzintuigstelsel voortdurend een enorme hoeveelheid informatie te verwerken krijgen. Het gevolg hiervan is, ik zeg het nog maar eens, dat we veel sneller ‘vol’ zitten -en niks meer op kunnen nemen- dan de gemiddelde mens, dan de niet-HSP’er. Nee kunnen zeggen en voldoende tijd reserveren om je accu’s op te laden is voor een HSP’er even belangrijk als acht uur slapen en een duidelijk gestructureerd bestaan (vaste ritmes en geen plotselinge wisselingen). Denk eraan dat dit laatste vooral van belang is voor kinderen. 
  • Je eigen stilteplek. Zitten we helemaal vol en voelt het alsof de stoppen elk moment kunnen doorslaan, dan is er niets beters dan je terug te kunnen trekken op je eigen stille, donkere plekje waar je overvoerde zintuigen even helemaal tot rust kunnen komen. Niet iedereen kan over zo’n stilteplek, zo’n eigen rustruimte beschikken. In dat geval raad ik je aan om de gordijnen dicht te trekken, de deur dicht te doen en in bed te kruipen. Denk eraan om ook alle stekkers van elektronische apparatuur uit het stopcontact te trekken, want ook de straling van deze apparaten heeft een verstorende werking op je fysiek- en geestelijk welzijn. Aan de andere kant kan het ook zo zijn dat jij je juist alleen maar ontspant wanneer je naar prettige, rustgevende muziek kunt luisteren; in dát geval zul je dus wel een apparaat moeten gebruiken. We zijn allemaal verschillend, maar de meeste HSP’ers zijn gebaat bij een volkomen verduisterde ruimte. En daarnaast is het misschien ook wel een goed idee om huisgenoten te verzoeken je behoefte aan rust en stilte te respecteren. 
  • Sluit je niet af voor de wereld. Hoewel de wereld je regelmatig te groot, te druk, te vol en te wreed lijkt, is het wél de plek waar we leven. De niet-HSP’ers zijn niet de vijand, echt niet. Ze zijn even belangrijk als wij, de HSP’ers, en samen vormen we het prachtige, majestueuze weefsel dat ons op aarde met elkaar verbindt. Ik herinner je aan de woorden van Elaine Aron, die zegt dat de koning niet zonder zijn raadsheren kan, maar óók niet zonder zijn soldaten. Oftewel, niemand is beter of slechter dan de ander. We hebben elkaar allemaal nodig. Dat dit niet altijd even makkelijk is? Dat geloof ik best. Toch denk ik dat het belangrijk is om zo tolerant mogelijk te zijn en te leven vanuit een innerlijke houding van acceptatie en inlevingsvermogen. Gaan we als HSP’er niet graag prat op ons empatisch vermogen? Niet iedereen beleeft de wereld zoals wij dat doen, maar dat wil niet zeggen dat iedereen die niet hooggevoelig is, daarom automatisch een slechterik zou zijn. Iedereen is zoals hij is. Dus, kijk uit voor oordelen en veroordelen, hetgeen niet hetzelfde is als het hebben van onderscheidingsvermogen. Het is een illusie dat je de wereld en de mensen zou kunnen veranderen door in een hutje op de hei te gaan wonen of door te schelden en te beledigen... Laten we manieren zoeken om elkaar nader te komen en alles wat op onze weg komt met nieuwsgierigheid tegemoet te treden. Wil je als mens groeien en je ontwikkelen, dan is dat de enige manier.
Rest mij nog een ieder die dit leest een goed Adventstijd en Kerstdagen toe te wensen.

vrijdag 14 juni 2013

Hooggevoelig, horen en luisteren

'Het belangrijkste bij communiceren is luisteren naar wat er niet wordt gezegd.'
Peter Drucker 
Horen en luisteren zijn niet hetzelfde. Een open deur? Ik vermoed van wel. Toch kan het, denk ik, geen kwaad om een aantal dingen weer eens bewust te overdenken.
Horen. Horen doen we allemaal, de dieren ook, en eigenlijk doen we dat ook continu. We doen het automatisch, dus zonder dat we ons er bewust van zijn. Achtergrondmuziekjes, verkeersgeluiden, geroezemoes in een ruimte met veel mensen, onze oren staan altijd open en er komt altijd geluid binnen. Het is in onze overbevolkte wereld zelden stil. We horen geluiden en staan er niet bij stil. En dat is maar goed ook, want als hooggevoelige weet je waarschijnlijk maar al te goed dat geluiden waar je bewust naar gaat luisteren (de vervelende muziek van de buurman) ineens extra luid worden; zó luid soms dat je alleen nog maar dát kunt horen. 
Luisteren, dus bewust horen, is een van de meest nuttige en zelfs ook noodzakelijke vaardigheden die je als mens kunt ontwikkelen. Luisteren en spreken samen, is communiceren. Waarom zou je willen luisteren? Je luistert om informatie te verzamelen, om iets te begrijpen en om te leren, om te genieten. Je luistert omdat iets of iemand je interesseert. (Inter-esse is zo’n prachtig woord. Letterlijk betekent het tussen-zijn). 
Uit onderzoek is echter gebleken dat een mens zich doorgaans maar een kwart of iets meer kan herinneren van wat hij gehoord heeft. Dat geldt dus voor zowel degene die hoort wat jij tegen hem zegt, als voor wat jij hoort dat er tegen jou wordt gezegd. Je houdt een heel verhaal –of het nu over een belevenis gaat, of over informatie die je wilt verstrekken, of over wát dan ook dat je mee wilt delen- en de ander hoort maar een heel klein deel. Wel een tikje ontmoedigend, vind je niet? En trouwens, wie kent dat niet, dat frustrerende gevoel dat iemand niet echt naar je luistert? Je kunt het vaak al merken aan de manier waarop er naar je wordt gekeken wanneer je iets aan het vertellen bent, niet? 
Wat kunnen we doen om beter te leren luisteren? Misschien kijk je ervan op als ik zeg dat luisteren bij jezelf begint. Dat lijkt niet logisch, maar dat is het wel. Want voordat je echt naar een ander kunt luisteren, moet je eerst met jezelf aan de slag. Luisteren –in tegenstelling tot horen- moet je leren. Om te beginnen zou je een klein oefeningetje kunnen doen. Zoek een plekje, bij voorkeur buiten, en zet je oren open. Hoor wat er aan geluiden om je heen is. Een brij van geluiden. Nu de volgende stap: zet opnieuw je oren open, maar probeer de geluiden van elkaar te scheiden en te benoemen. Probeer de betreffende klanken te benoemen (wat is het en hoe klinkt het, schel, dof, welke “kleur”, aangenaam of niet, enzovoort) en kruip er als het ware helemaal in. Welk gebaar roept een bepaald geluid bij je op. Je kunt deze oefening heel goed doen bij wijze van meditatie, probeer het maar eens. 
En dan nu het gesprek. Concentratie is een belangrijk onderdeel van het echte luisteren, dat ook wel het “diepe” luisteren wordt genoemd. Je kunt je alleen maar echt concentreren als je je eigen “ruis” onderdrukt. Met iemand méédenken is niet hetzelfde als vóór iemand denken. Ons reactieve, associactieve denken leidt ertoe dat we de neiging hebben om iemands verhaal in gedachten onmiddellijk van een oordeel te voorzien, of er herkenning aan te beleven. Je laat je oordeel of je persoonlijke herinnering dan tussen het verhaal van de ander en jouw luisteren schuiven... en wég is je aandacht. Hooggevoelige mensen doen dat heel snel, immers we zijn vaak kritischer dan goed voor ons is want de neiging tot perfectionisme zorgt er al snel voor dat we ergens iets van vinden. Wie echt luistert, die vindt niets, die luistert alleen maar zonder oordelen. 
Voor het echte luisteren is het dus als eerste nodig dat je je kunt concentreren en dat je je gedachten terughoudt. Als tweede is het van belang dat je je inleeft in de ander (en dat kun je natuurlijk alleen maar wanneer je niet oordeelt). Je luistert belangstellend niet alleen naar de woorden die je bereiken (horen) maar je probeert door te dringen tot de kern van de boodschap die de ander je probeert over te brengen. Wat zegt hij werkelijk? Wat is de kern van het verhaal? Door op iemands houding te letten word je vaak al een heel stuk wijzer, maar ook de klank van de stem en de gezichtsuitdrukking spelen een grote rol. Denk eraan dat je in dit opzicht als empatische HSP’er een streepje voor hebt op de minder gevoelige mens. Doorgaans pikken we de nonverbale informatie automatisch op en staan we er niet bij stil. Het kan op zich een interssante oefening zijn om daar voor de verandering wél eens bij stil te staan. 
Wordt een verhaal naar jouw idee te lang en begin je het gevoel te krijgen dat je te veel informatie te verwerken krijgt (als HSP’er zit je hoofd al snel vol, en helemaal wanneer je toch al moe was, of gespannen), dan zul je, zonder de ander op een storende manier in de rede te vallen –bijvoorbeeld door te gaan verzitten-, te kennen moeten geven dat je even wilt recapituleren. Aan dat recapituleren, aan dat samenvatten, zitten twee kanten. Ten eerste kun je de spreker laten weten dat je echt naar hem hebt geluisterd en dat je hem ook echt hebt begrepen, maar voor jezelf heb je de perfecte gelegenheid om wat tijd in te bouwen en de verkregen informatie op een rijtje te zetten. Probeer, wanneer de andere een adempauze neemt, het maar eens met zinnetjes als: 'Even, wacht even, ik wil graag zien of ik alles goed snap. Volgens mij bedoelde je...' 
Dit samenvatten is belangrijker dan je wellicht zou vermoeden. Ga maar eens na bij jezelf wat er gebeurt wanneer je te veel informatie over je heen krijgt. Bij HSP’ers is de spons (veel) eerder vol dan bij niet HSP’ers. Als je niet meer kunt opnemen kun je alleen nog maar horen en niet meer luisteren. Je haakt af. Je gedachten dwalen af zonder dat je dat zelf in de gaten hebt. Niet alleen loop je op die manier mogelijk belangrijke informatie mis, maar de ander heeft meestal wel in de gaten dat je niet meer oplet, en dat kan, afhankelijk van de situatie, vervelende gevolgen hebben. Ook kan het mislopen van informatie, of het luisteren met een half oor (h-oren, dus) tot misverstanden en conflicten leiden. ´Maar ik héb je toch gezegd...’ ‘Nou, daar kan ik me niks van herinneren. Dat heb je vast gedroomd.’ Wanneer je de kern van de boodschap van een ander herhaalt (en je de ander de kans geeft om je eventueel te corrigeren) dan bewijs jezelf én de ander een dienst. 
Actief luisteren, “diep” luisteren, vereist veel concentratie. Je moet het bovendien echt willen. Actief luisteren betekent een bewuste inspanning. Je moet het je echt aanleren. Het is een innerlijke houding die gevoed wordt door de oprechte interesse in de andere mens. Alleen door actief en diep te luisteren kun je contact maken met degene die tegenover je zit. Het betekent jezelf vanuit je hart openen naar die ander toe, oordelen en kritiek achterwege houden, en opletten dat je gedachten niet afdwalen naar bijvoorbeeld eigen ervaringen. Het betekent de ander alle ruimte geven die hij of zij nodig heeft. 
Het kan gebeuren dat iemand je iets wil vertellen en je niet in staat bent om op dát moment te luisteren. Zég dat dan. Je hoeft niet bang te zijn dat die ander je dan niet (meer) aardig zal vinden. Maak een afspraak voor een moment dat je wél tijd hebt. ‘Ik wil graag de tijd nemen om goed naar je te luisteren. Die tijd heb ik nu niet. Kun je morgen? Hoe laat spreken we af? Dan heb ik een dik uur om alles van je te horen.’ (Grenzen stellen!) 
De ander in de rede vallen, afgezien dan van hem op het juiste moment te onderbreken om de boodschap samen te vatten of om een vraag te stellen die tot verduidelijking kan leiden, is geen goed idee. En al helemaal niet wanneer het iets zegt dat de boodschap van de ander ontkracht. ‘Ja, dat ken ik. Ik heb dat ook meegemaakt toen...’ ‘Je overdrijft, zo erg is dat helemaal niet.’ ‘Je moet positief zijn.’ ‘Onzin!’ Doe je dat, dan heb je kennelijk toch niet echt geluisterd... Denk eraan dat je alleen je mening geeft wanneer de ander daarom vraagt.

Nog even een paar punten op een rijtje:  
  • Luister met aandacht. Kijk de ander geïnteresseerd aan. Hou je eigen oordelen, meningen en commentaren terug. Sluit je af voor ruis van buiten (muziek, verkeersgeluiden, enz.). Let op de lichaamstaal van de spreker. 
  • Laat blijken dat je actief luistert door een open lichaamshouding aan te nemen en door zo af en toe te knikken of instemmende geluidjes te maken. 
  • Probeer echt te begrijpen wat de boodschap is door zo af en toe samen te vatten en je te laten corrigeren. Stel vragen wanneer je iets niet begrijpt, of wanneer je ergens verduidelijking over wilt. 
  • Val de spreker niet in de rede, en al helemaal niet met eigen oordelen en meningen. 
  • Geef alleen je mening wanneer daarom wordt gevraagd. En doe dat dan vooral met respect en begrip.
Nogmaals, diep luisteren is iets wat je moet leren, waar je bewust aan moet werken. Probeer het zo veel mogelijk te oefenen, niet alleen door het in praktijk te brengen, maar ook door aandachtig naar gesprekken van anderen te luisteren om ervan te leren. Denk ook eens terug aan gesprekken die je in het verleden had en waar je echt contact met een ander had, of haal je een gesprek voor de geest waar het helemaal mis ging omdat de sprekers een defensieve houding aannamen en er niet werd geluisterd. 
In de zomermaanden, tijdens de vakantie, hebben we meestal meer tijd voor elkaar dan wanneer we druk aan het werk zijn. Het is daarom een goede periode om eens met deze manier van luisteren te oefenen. Ik wens je veel diep luisterplezier en “inter-esse toe!

zondag 7 april 2013

De positieve kant van hooggevoeligheid


Vreugde is wat ontstaat wanneer we onszelf toestaan in te zien hoe goed de dingen in werkelijkheid zijn.’
Marianne Williamson



Tijdens onze laatste HSP-bijeenkomst hier op Mallorca, raakten we in gesprek over de positieve kant van de hooggevoeligheid.

Ik geloof dat we het er allemaal wel zo’n beetje over eens waren dat, ook al is het niet altijd gemakkelijk om zo gevoelig te zijn en je jezelf door de bank genomen erg in acht moet nemen om je sterk te voelen, de voordelen van onze trek uiteindelijk toch zwaarder wegen dan de last die je ervan kunt ondervinden. En ja, terwijl ik dat zo beweer, ben ik me scherp bewust van het grote aantal HSP’ers dat het er erg moeilijk mee heeft, soms ook omdat ze alleen maar steeds tegen hun gevoeligheid op lopen en niet weten dat het een vrij algemene trek is en dat je van alles kunt doen en leren om er beter mee om te gaan.

De eerste kwaliteit die ik wil noemen is de enorme capaciteit om ergens van te genieten. Om de simpele reden dat het zenuwzintuigstelsel van de hooggevoelige mens tot wel tien keer meer informatie oppikt dan dat van iemand met een gemiddelde gevoeligheid, bespeuren we veel en véél meer nuances van alles wat we tegenkomen. Het intense plezier en ook de enorme ontroering die we kunnen ontlenen aan, bijvoorbeeld, een schilderij, een bepaald muziekstuk, een mooi landschap, maar ook aan een diep en verrijkend gesprek, is iets wat alleen HSP’ers maar van elkaar kunnen begrijpen. En ofschoon ik me er natuurlijk van bewust ben dat diezelfde eigenschap van ons zenuwzintuigstelsel ook tot een geestelijke en lichamelijke overvoerdheid kan leiden, wil ik het in dit artikel voor de verandering alleen over de up-side van de hooggevoeligheid hebben. Intens van iets kunnen genieten en geraakt worden, dát is een van de voordelen van het HSP zijn.

Echt, het is een geschenk, dat vermogen dat we hebben om blij te kunnen zijn met de ogenschijnlijk allerkleinste dingen. Een glimlach, een zonnestraal, een straatmuzikant, de geur van een roos, een gedicht... de gave om dit soort dingen op te merken en er zo’n warm gevoel van binnen van te krijgen, staat garant voor een enorme zielerijkdom. Veel mensen zijn op zoek naar geluk, en een groot deel zoekt dat geluk in materiële zaken. Een HSP’er begrijpt evenwel dat het echte geluk juist in die “gewone”, kleine dingen zit.

Een tweede positieve eigenschap van de HSP’er is zijn creativiteit. Dat wat de Amerikanen think outside the box noemen, dát is de HSP’er op het lijf geschreven. En ook dát is een gevolg van het feit dat de hooggevoelige mens zo enorm veel indrukken opneemt: hoe meer informatie je tot je beschikking hebt, des te groter je voorraaddoos met gegevens is om tot nieuwe en sprankelende ideeën te kunnen komen. Het zal niemands verbazing wekken dat veel kunstenaars HSP zijn, maar dat geldt ook voor uitvinders, voor de trendjagers, voor mensen met ideeën voor een vernieuwde en menselijke bedrijfsvoering of voor meer duurzame manieren om met geld om te gaan. En wie veel informatie tot zijn beschikking heeft, die beschikt vaak over visie en over de gave om verschillende dingen van ogenschijnlijk uiteenlopende gebieden, met elkaar in verband te brengen en daarmee op een hoger plan te brengen.

De positieve kant van veel waarnemen, van het zien van de dingen (in de ruimste zin) impliceert dat de HSP’er een goed oog voor details heeft. ‘Jij ziet ook álles,’ is een opmerking die hij nog al eens te horen krijgt. En ook al komt zo’n uitspraak misschien niet altijd sympathiek over, een compliment is het wel.

En wat te denken van de empathie? Het vermogen om “achter” de woorden te luisteren, om een ander mens ‘te lezen’ zonder dat deze ons verteld heeft hoe hij zich voelt, dat is een kwaliteit die wij HSP’ers gewoon cadeau hebben gekregen. Ik weet zeker dat jij, die dit leest, precies begrijpt wat ik bedoel: iemand tegenkomen en gewoon ‘weten’ of deze mens zich prettig voelt en of alles goed met hem is, of zelfs kunnen aanvoelen wat er in hem omgaat of wat hij nodig heeft. Net zo is de HSP’er in staat om de sfeer aan te voelen van de plek waar hij zich bevindt. Je voelt je ergens prettig, of juist niet. De meeste HSP’ers beschikken dan ook over een flinke dosis intuïtie.

HSP’ers zijn doorgaans mensen met diepgang. Hun gevoelens zitten diep, ze hebben de neiging om vaak lang en goed over de dingen na te denken, om zorgvuldig afwegingen te maken en om het naadje van de kous te willen weten. Het is dan ook niet verwonderlijk dat veel HSP’ers geïnteresseerd zijn in wat we, met een groot woord, ‘spiritualiteit’ noemen en dat ze zich bezighouden met thema’s als de zin van het leven. Kom bij hen liever niet (altijd) aan met oppervlakkigheden en prietpraat. In dit verband kan ik niet nalaten om op te merken dat veel HSP’ers een vorm van meditatie beoefenen.

De diepgang die de meeste HSP’ers karakteriseert, vinden we ook terug in hun gevoel voor rechtvaardigheid. Zijn ze eenmaal ergens door gegrepen, dan gáán ze er ook voor. Zo zien we veel HSP’ers als vrijwilliger hun steentje bijdragen bij instellingen die zich inzetten voor het goede doel, en komen we ze tegen in vele soorten beroepen waarbij ze zich kunnen inzetten voor het welzijn der mensheid. Ze hebben doorgaans moeite met het lijden van mens en dier, én van de natuur en onze planeet, en waar hun gevoeligheid dat toelaat zullen ze niet aarzelen om te doen wat ze kunnen om verlichting te brengen.


We zijn anders
We zijn een minderheid en dus zijn we anders. Maar we kunnen het ook omdraaien en zeggen dat de niet-HSP’ers anders zijn. Goedbeschouwd is het enige dat we daarmee zeggen, dat we als groep elk op onze eigen manier tegen het leven aankijke, dat we anders in het leven staan. Niet meer en niet minder. Het is belangrijk om goed te beseffen dat we niet beter zijn. Echt, we bewijzen onszelf geen enkele gunst door te denken dat we superieur zouden zijn. We vullen elkaar aan. De wereld heeft muziek en kunst nodig, maar ook huizen om in te wonen. De wereld heeft mensen nodig die zich in dienst van de ander kunnen en willen stellen (en dat is zo’n beetje ons pakkie an) maar er zijn net zo goed mensen nodig die het harde en zware werk willen en kunnen doen, die dát soort banen op zich willen nemen waartoe een HSP’er zich echt niet aangetrokken voelt (geestelijk en lichamelijk te zwaar werk). Grofweg kun je stellen: wij komen met de ideeën en voor de uitvoering daarvan hebben we de anderen nodig. Elaine Aron zei het al: de koning kan niet zonder zijn raadsheren, maar hij kan óók niet zonder zijn soldaten...

Het is van het allergrootste belang dat we op harmonieuze wijze (leren) samenwerken, de HSP’ers en de niet-HSP’ers. De grote meerderheid van de niet-HSP’ers is niet in staat om onze manier van denken en doen te begrijpen, eenvoudigweg omdat ze zich op geen enkele manier kunnen voorstellen hoe wij de wereld beleven, en ofschoon wij HSP’ers ook niet zo goed kunnen inschatten hoe onze minder gevoeliger broers en zusters de wereld beleven, ben ik van mening dat het van óns afhangt of deze samenwerking op een vruchtbare wijze gerealiseerd zal kunnen worden. Waarom?  Juist vanwege dat empatische vermogen van ons. De empathie die ons helpt bij het aanvaarden van de andere mens die, hoewel hij (wat) minder gevoelig is, over capaciteiten en vermogens beschikt die wij ontberen. De empathie die ons helpt bij het overwinnen van de zo menselijke neiging tot oordelen, om daarvoor in de plaats nieuwsgierigheid en tolerantie te beoefenen.


Een oefening
Opdat we allemaal naast en met elkaar kunnen leven op onze mooie planeet, is acceptatie over en weer toch wel het minste wat we moeten zien te bereiken. Als iets of iemand ons irriteert dan is dat omdat de situatie of het gedrag een gevoelig plekje in ons raakt. In werkelijkheid zegt die irritatie die we voelen alleen maar iets over óns, en in veel mindere maten over de andere mens. Het moge duidelijk zijn dat irritatie en empathie niet verenigbaar zijn. De vraag is dus: wat kun je doen om de irritatie te overwinnen?

  • Probeer je te verplaatsen in de ander.
  • Besef dat die ander –net als jij- een wereld op zich is.
  • Stel je nieuwsgierig op en vraag je af: Waarom doet die mens zoals hij doet? Is mijn oordeel over zijn gedrag wel juist? Laat je niet verleiden tot snelle antwoorden, maar neem er alle tijd voor.
  • De volgende vraag is dan: Kan ik iets leren van deze mens?
  • En de derde vraag die je jezelf zou kunnen stellen is: Kan ik nagaan waar mijn irritatie vandaan komt?
De mogelijkheid om verschillen te overbruggen is iets dat in het vermogen van de HSP’er ligt. Uiteindelijk gaat het hierbij om nóg een positieve kant (de belangrijkste?) van het hooggevoelig zijn.

Ik wens jullie een mooie aprilmaand toe!

woensdag 7 december 2011

Redder, Slachtoffer of Aanklager, met welke rol identificeer je je het meest?

Tijdens de meest recente ontmoetingsdag voor HSP'ers in Mallorca oefenden we met de “Dramadriehoek”, ook wel de Driehoek van Karpman genoemd, een tool die afkomstig is uit de Transactionele Analyse. Ook dit is weer zo’n onderwerp waarvan ik denk dat de hooggevoelige mens er veel aan kan hebben op zijn weg van zelfkennis en zelfonderzoek, een weg die mijns inziens onontbeerlijk is in het leven van de HSP’er die zijn hooggevoeligheid in de hand wil leren krijgen om zo datgene was hem nog al eens dwars kan zitten, om te buigen naar de positieve karaktertrek die het in feite is.

De Dramadriehoek is een spel, een dans, tussen drie rollen, tussen drie gedragstypen waar we als mens vaak vanzelf en zonder dat we het in de gaten hebben, toe neigen. Zo zien we de rol van het slachtoffer, de rol van de redder en de rol van de zogenaamde aanklager.

Stel je voor, je bent met iemand in gesprek en op een gegeven moment realiseer je je dat je niet verder komt, dat het gesprek niet opschiet en dat je eigenlijk alleen nog maar in hetzelfde kringetje ronddraait. Of het valt je op dat je gesprekspartner zichzelf voortdurend herhaalt, en dat op een nare, negatieve manier. Of je merkt dat je dingen zegt die je eigenlijk helemaal niet wilt zeggen.

Als dat gebeurt, is de kans groot dat jij en je gesprekspartner in het patroon van de “Dramadriehoek” zijn beland. De Dramadriehoek met zijn drie rollen van aanklager, redder en slachtoffer, vormt de basis van dit patroon.

Elke rol wordt gestuurd door een emotie, en doordat de drie rollen elkaar over en weer uitnodigen, blijven de gesprekspartners vastzitten in een dans waar je niet altijd even gemakkelijk weer uitstapt. Laten we de drie rollen eens wat nader bekijken.

De aanklager
De dans van de aanklager is gebaseerd op een gevoel van boosheid. De aanklager wil beschuldigen en straffen. Sterker nog, straffen voelt voor hem als volkomen gerechtvaardigd. Je kunt hem dan ook makkelijk herkennen aan het soort zinnen dat kenmerkend is voor zijn patroon: ‘En dat, na alles wat ik voor je heb gedaan!’ ‘Als jij er niet was geweest, hadden we deze kwestie al láng geregeld.’ ‘Bij mij moet je niet aankomen. Ik heb je gewaarschuwd.’ ‘…en dat komt door jou!’ De aanklager heeft er een handje van de ander op zijn zwakke plekken aan te vallen.

De redder
De rol van redder is veel HSP’ers op het lijf geschreven. De redder wil andere helpen en redden en zet zich voor honderd procent in om andermans problemen op te lossen. Dat doet hij vaak zonder dat die ander hem daar zelfs maar om heeft gevraagd: hij signaleert een probleem of ziet waar ergens iets aan mankeert en hij duikt er bij wijze van spreken onmiddellijk bovenop. Het zal duidelijk zijn dat hij, om dat te kunnen doen, een slachtoffer nodig heeft. Je kunt de redder makkelijk herkennen aan uitspraken in de trant van: ‘Weet je wat jij moet doen? A, B of C.’ ‘Zonder mij zou je het nooit redden.’ ‘Waarom doe je niet...’ ‘Nou, graag gedaan, hoor.’
De redder denkt alles te weten, en door zijn manier van handelen maakt hij anderen van zich afhankelijk.

Het slachtoffer
Het opmerkelijke van de rol van slachtoffer is dat hij de Dramadriehoek in stand houdt. Anders gezegd, als hij er niet was, dan zou de driehoek geen bestaansrecht hebben. En ook dit is een rol die veel HSP’ers bekend voorkomt. Het slachtoffer kenmerkt zich door zijn passieve houding en zijn treurige, moedeloze stemming. Hij voelt zich weerloos en kwetsbaar, en hij is overal bang voor: hij vreest het onbekende, is bang om fouten te maken en om op wat voor manier dan ook risico’s te nemen. De angst kan zo sterk zijn dat hij zich volkomen verlamt voelt, en paniekaanvallen zijn dan geen uitzondering.
Het is interessant om op te merken dat hij op twee manieren invulling kan geven aan zijn rol: hij kan zich als zielepoot presenteren –waarmee bij een beroep op de redder doet– of hij kan zich voordoen als de geslagen hond, een gedrag waardoor de aanklager zich aangesproken zal voelen.
Van het slachtoffer kennen we uitspraken als: ‘Dat kan ik niet, dat lukt me nooit.’ ‘Vind je het ook niet hartverscheurend?’ ‘Ik weet echt niet waar ik andere hsp’ers zou kunnen vinden.’ ‘O, dokter, u bent geweldig.’ (Mensen op een voetstuk plaatsen).

De interactie
Stel dat de Redder –R– besluit om het Slachtoffer –S– te helpen. S verheugt zich en rekent erop dat R zijn leven voor hem weer op de rails zet. Vroeg of laat komt er een moment waarop R een beetje genoeg krijgt van de lakse en apathische houding van S, en van het feit dat S volledig van hem afhankelijk is, hoewel hij dat laatste aanvankelijk juist prettig vond. Hij geeft S de ene goede raad na de andere, maar S steekt geen poot uit. Is voor S de maat ten slotte vol, dan moet het spel worden aangepast door een verschuiving van de rollen:
R stapt uit zijn rol en stapt in die van Aanklager –A–. ‘Je denkt toch zeker niet dat die situatie van jou ooit zal verbeteren als je zelf nooit een poot uitsteekt!’ Het is ook denkbaar dat R nu zèlf in de rol van S stapt: ‘Ik kán niet meer. Ik heb echt alles gedaan wat ik kon om je te helpen. Ik heb je alles gegeven. Ik voel me gebruikt.’ S kan niet in zijn rol blijven en zal ook een andere positie moeten kiezen.
Dit soort spel of dans doet zich in elke relatie voor, sterker nog, elke relatie heeft zo zijn vaste patroon. Een voor de hand liggende vraag is dan:

Waarin zit hem voor elke rol de winst?
De Aanklager laat zich nergens in betrekken. Niets is ooit zijn schuld en elke vorm van verantwoording nemen is hem vreemd. Misschien zit de grootste winst voor hem wel in het feit dat hij iedereen op een veilige afstand kan houden zodat hij zich nooit helemaal (of vaak zelfs maar ten dele) hoeft bloot te geven.
De Redder voelt zich doorgaans belangrijk en onmisbaar, en zorgt er al dan niet bewust voor dat anderen van hem afhankelijk zijn. Zo lang hij zich bezig kan houden met het leven van anderen beschikt hij over het volmaakte excuus om niet naar zichzelf te hoeven kijken. Dit is een van de motieven waarom de HSP’er zich in deze rol zo prettig voelt, terwijl hij bovendien ook nog eens aan de wereld kan laten zien dat hij zo’n goed mens is. Helaas is het zo dat hij, zo lang hij zich ten doel heeft gesteld om S’ redder te zijn, steeds meer uitgeput raakt. Vroeg of laat zal hij zijn hulp moeten staken en van rol moeten veranderen, simpelweg omdat het redden op den duur lichamelijk te zwaar voor hem is en hij eraan onderdoor gaan.
En het Slachtoffer? Het slachtoffer voelt zich uitstekend in zijn rol omdat hij niet hoeft te denken, omdat hij geen beslissingen hoeft te nemen of stappen hoeft te doen en omdat hij zich nergens verantwoordelijk voor hoeft te voelen. Als R niet genoeg zou krijgen van zijn verzorgersrol, zou onze S waarschijnlijk nooit enige noodzaak zien om uit zijn vertrouwde comfortzone te stappen.

Vanwaar de naam Dramadriehoek?
In de dramadriehoek is er, net als bij het klassieke griekse drama, sprake van een voorspelbaar en negatief verloop. Het problem zit hem onder andere in het feit dat de verschillende acteurs elkaar niet als gelijken behandelen, maar dat er in elke dialoog altijd een partij is die zich superieur voelt, terwijl de andere partij zich als inferieur beschouwt. Een bijkomende factor is dat met name de Redder het Slachtoffer elke vorm van verantwoordelijkheid onthoudt waardoor hem elke kans op zelfontplooiing, op persoonlijke groei, wordt onthouden.

Belangrijk is evenwel om goed te beseffen dat het bij de rollen gaat om gevoelens en om bepaald (tijdelijk) gedrag. Dat iemand in een bepaalde situatie de rol van slachtoffer, aanklager of redder speelt betekent dus helemaal niet dat hij ook daadwerkelijk slachtoffer, aanklager of redder is.


Hoe kun je deelname aan de Dramadriehoek voorkomen?
Het is op de eerste plaats van belang om het spel te herkennen en werking te doorzien. Daarnaast zul je over voldoende zelfkennis moeten beschikken om in te zien op welke manier je in de driehoek getrokken en verstrikt kunt raken, waarbij je niet mag vergeten dat HSP’ers een “voorkeur” hebben voor de rol van Redder en die van Slachtoffer.
Vertrouwdheid met jouw specifieke hooggevoeligheid en met de wijze waarop de Driehoek zichzelf in stand houdt en herhaalt, kan op zich al voldoende zijn om het spel tijdig te herkennen en er niet in te stappen. Als je de bui kunt zien hangen heb je de kans om op een volwassen, oprechte en postieve wijze te reageren en kun je verantwoordelijkheid nemen voor je daden, woorden, gedachten en gevoelens.
Let erop dat je niet overdrijft wanneer je over jezelf spreekt, dat je niet generaliseert en dat je uitspraken helder en specifiek zijn. Zo is het bijvoorbeeld een heel verschil of je ‘Niemand snapt me; ik word nooit begrepen,’ zegt, of ‘Vandaag sprak ik met X en die begreep niet wat ik bedoelde.’
Val de ander niet aan en kom niet met (vage) beschuldigingen. Speelt er een probleem of dreigt er een conflict, negeer dat dan niet maar spreek je zo snel mogelijk uit bij de verantwoordelijke persoon. Roddelen is dus bepaald géén goed idee. Denk eraan, problemen verdwijnen niet door ze te negeren of weg te stoppen, in tegendeel, ze worden er alleen maar groter en gecompliceerder op…

De Dramadriehoek is een fascinerend tema met vele lagen. Ik heb jullie daar hier alleen de eerste maar van laten zien om het verhaal er niet al te gecompliceerd op te maken en om te voorkomen dat jullie overvoerd raken. Als je er meer van wilt weten, kun je er op internet en in de boekhandel genoeg over vinden. Het kan in ieder geval een goed idee zijn om eens naar de driehoeken in je leven op zoek te gaan om te zien hoe ze verlopen en hoe de rollen zichzelf net zo lang (soms wel levenslang!) in stand houden tot iemand iets doet om uit zijn rol of om uit een driehoek te stappen, waarmee het spel of de dans dan is afgelopen.

maandag 7 november 2011

Irritatie binnen de relatie

Wanneer je als HSP-er je hart verliest, doe je dat doorgaans akuut en intens. Je valt als een baksteen voor je grote liefde. Na een eerste periode van rozengeur en maneschijn komt er een tijd waarin de kleur van je roze bril begint te vervagen omdat je steeds meer kleine en grote ‘gebreken’ bij de ander begint op te merken. Je begint je te ergeren aan dingen als de tube van de tandpasta die lukraak wordt ingeknepen, de wc-bril, lichten die niet worden uitgedaan en meer van dat soort schijnbaar onbeduidend, maar intens irritant gedrag. De ergernis groeit, op een gegeven moment kun je je mond niet langer houden en ga je er iets van zeggen. Je geeft kritiek en als de ander niet ‘luistert’ word je ongeduldig en ga je er ruzie over maken. Loopt de ruzie uit de hand dan ontstaat er een conflict, en een conflict zou wel eens het einde kunnen betekenen van de relatie met degene die –weet je nog?- je grote liefde was. Je zit met een gebroken hart en een enorme dosis onbegrip, verdriet en pijn. Ja, ik weet het, het is een negatief scenario, maar daarom niet minder reëel.

Ik weet ook dat het de meesten van jullie bekend in de oren klinkt. In de jaren dat ik als coach met HSP’ers werk, heb ik heel wat van dit soort verhalen gehoord. Natuurlijk is verliefd worden en je irrititeren niet het voorrecht van de HSP’er, maar bij de hooggevoeligen vallen wel bepaalde karakteristieken op, zoals die enorme heftige manier van je hart verliezen en de vurige overtuiging dat je –eindelijk- je tweelingziel hebt gevonden. Daarnaast zijn sommige irritaties die je kunt voelen rechtstreeks het gevolg van je hooggevoelig zijn. Je kunt hierbij denken aan geluiden die de ander maakt, zijn of haar slordigheid, luchtjes die je aanvankelijk niet stoorden maar die op een gegeven moment gaan overheersen… En zo kun je er zelf vast nog wel een aantal noemen. En wat vervolgens nog typisch voor de HSP’er is, is dat hij zijn irritaties aanvankelijk probeert te beredeneren en te negeren, en dat hij er niets van durft te zeggen uit angst voor ruzie of –nog veel erger- voor een conflict (met het risico van het verlies van de partner).

Het merendeel van de HSP’ers is huiverig voor conflicten. Ik kan jullie vertellen dat ik mezelf vroeger graag uitgaf voor pacifiste. Dat was in de tijd dat ik nog niets van HSP wist of zelfs ook maar het vermoeden had dat ik ‘er ook zo eentje was.’ Ik had er geen idee van dat een hooggevoelige panisch kan zijn voor alles wat ook maar enigszins naar confrontatie of conflict riekt. Later echter besefte ik dat ik mezelf eigenlijk alleen maar pacifiste had genoemd omdat ik daarmee het ideale excuus had om elke vorm van conflict uit de weg te gaan. (Tussen twee haakjes, ik noem mezelf nog steeds pacifist, maar nu vanuit een heel ander perspectief).

Nadat ik me uitvoerig met het thema HSP had bezig gehouden, verdiepte ik me in alles wat met conflicten te maken heeft – hoe ze ontstaan, wat hun dynamiek is, hoe je ze kunt voorkomen en, vooral, hoe je ze kunt oplossen- en ik kan jullie verzekeren dat het een uiterst boeiende materie is.

Wanneer een HSP’er in een conflict is beland voelt hij zich doorgaans aangevallen en uiterst kwetsbaar en weet hij niet goed hoe hij zich moet verdedigen. Zo kan het gebeuren dat de andere partij de stem verheft, een reeks verwijten of beschuldigingen uit en op meerdere manieren zijn best doet om de HSP’er te overtroeven of van zijn gelijk te overtuigen. Je hebt mensen die erg ver gaan om bij een conflict als overwinnaar uit de bus te komen. Ik ken verhalen over de meest onvoorstelbare leugens, mishandelingen en pesten. Hoe agressiever de aanval, des de meer de HSP’er dichtslaat en blokkeert. Hij zal proberen het probleem te negeren. Wanneer dat niet mogelijk is, is hij in staat de ander gelijk te geven, of kan het zelfs gebeuren dat hij de ander gaat geloven en de schuld op zich neemt. Het andere uiterste is dat hij zich slachtoffer gaat voelen; hij beschikt immers niet over de handvatten om het voor zichzelf op te nemen.

Wat kun je doen?
Om te beginnen raad ik je aan om zo veel mogelijk te genieten van die initiële verliefdheid, al is het misschien toch wel verstandig om niet meteen ál te hard van stapel te lopen. Het hoeft niet per se ‘alles of niets’ te zijn. Maar dan, wanneer je na de aanvankelijke euforie van die kleine irritaties bij jezelf begint op te merken, is het zaak op goed op te letten. Deze gevoelens, die je mogelijk als ‘aanstelleritus’ van de hand probeert te doen, vormen later vaak de aanleiding tot ruzies. Stop deze ergernissen over het gedrag van je partner (of van een collega!) dus niet weg, onderdruk ze niet, maar kijk ernaar, onderzoek ze en probeer te ontdekken waar ze vandaan komen. Probeer na te gaan waaróm het je zo waanzinnig maakt dat de ander nóóit zijn rommel opruimt. Verplaats je dan ook eens in de ander en vraag je af waarom hij of zij dit of dat doet. In verreweg de meeste gevallen doet hij dat echt niet om je te irriteren! Doorgaans zal deze manier van naar jezelf en naar de ander kijken voldoende zijn om de ergernis te laten verdwijnen.

Gaat het geïrriteerde gevoel echter niet weg en blijft die vervelende kritiek maar aan je knagen, dan is het misschien een goed idee om ook eens naar je manier van communiceren te kijken, want uiteindelijk zit er niet veel anders op dan er met je partner over te praten. Onthou: je kunt een probleem negeren, maar het gaat er niet van weg; het wordt er juist alleen maar groter en hardnekkiger van. Een manier van communiceren die ik zelf erg goed en duidelijk vind, is de zogenaamde Non Violent Communication. Een andere, daarop gebaseerde techniek, is de volgende:


  •  Laat je partner weten dat je een gesprek met hem/haar wilt. Trek jullie agenda’s en kies een tijdstip dat jullie alle twee goed uitkomt. Voorkom dringende en belangrijke afspraken ervoor of erna, want die zorgen alleen maar voor extra spanning en emotionele belasting.Als het moment is aangebroken zullen jullie een paar gespreksregels moeten afspreken, en het is erg belangrijk om je daar ook aan te houden. Kom bijvoorbeeld overeen dat ieder vijf of tien minuten krijgt om het woord te voeren zonder dat hij door de ander in de rede wordt gevallen. Eerst krijgt de een de beurt, daarna de ander. Ook is het belangrijk om af te spreken dat ieder kan praten zonder dat de ander daar spottende of kritische geluiden bij maakt of gezichten trekt. Streef naar oprechte interesse en belangstelling voor de ander.
  • Het is een goede gewoonte om dit soort gesprekken te beginnen met een vorm van ritueel waarbij elk –om de beurt- zijn liefde, genegenheid, bewondering en respect voor de ander onder woorden brengt en eigenschappen noemt die hij in de ander waardeert.
  • Elk praat uitsluitend vanuit zijn eigen ‘ik’ en waakt ervoor de ander te beschuldigen. Streef naar objectieve en exacte zinnen in de trant van: ‘Toen ik vanochtend zag dat het dopje niet op de tandpastatube zat, voelde ik me op slag enorm geïrriteerd, want datzelfde had ik gisteren en eergisteren ook al vastgesteld. Wanneer ik dat zie, ergert me dat, want dan denk ik altijd meteen aan de tandpasta die ligt uit te drogen en aan dat uitgedroogde stukje dat je dan moet weggooien, en ik hou nu eenmaal niet van weggooien.’ Of: ‘Dan erger ik me, want ik moet die glasplaat schoonmaken en dat dopje kost me extra werk.’ Maak de ander kenbaar dat dit echt een belangrijke behoefte van jou is, en dat je die behoefte graag gehonoreerd ziet.
  • Het is van belang dat jij en je partner goed beseffen dat dit soort gesprekken geen gelegenheid biedt voor het spuien van allemogelijke soorten kritiek of verwijten. De opzet van dit soort gesprekken is het dieper doordringen in de denk- en belevingswereld van de mens die je liefhebt. Het gaat om het ontwikkelen van wederzijnds begrip en om de versteviging van jullie band.


Natuurlijk zijn er ook relaties waarbinnen deze vorm van preventieve acties niet (meer) mogelijk is omdat de aanvankelijke ergernis al tot conflict is geëscaleerd. Wat kun je doen wanneer iemand je voortdurend beledigt? Ik heb een cliënte, Isabel, die zichzelf heeft aangeleerd om op dat soort momenten in de lach te schieten en iets te zeggen in de trant van , ‘Och, meen je dat echt?’ Volgens haar werkt dat in de regel uitstekend omdat de ander zo’n reactie niet van je verwacht, je hem ermee op het verkeerde been zet en de negatieve lading van de boodschap wordt beentjegelicht. Je kunt het proberen en zien of het voor jou werkt.

Zelf ga ik echter nog graag een stapje verder. Ik ben namelijk van mening dat het aan jouzelf is om je aangesproken of beledigd te voelen. Je kunt ervoor kiezen om een nare opmerking niet persoonlijk op te vatten. Dit zal ik nader uitleggen. Dat iemand je uitmaakt voor zwakkeling of voor wat dan ook, betekent nog helemaal niet dat je ook werkelijk een zwakkeling zou zijn. Het enige wat het zegt is dat die ander jou als zwakkeling ziet, en dat doet hij duidelijk omdat hij jouw gedrag met het zijne vergelijkt en omdat hij vindt dat je best wel eens wat steviger in je schoenen zou mogen staan. Zoals hij denkt dat hij dat zelf doet, dus. Denk er echter wel aan dat het misschien toch geen kwaad kan om je af te vragen of het mogelijk handig zou zijn om, samen met een coach, eens wat technieken te leren die je helpen wat beter voor jezelf op te komen.

Hoe gekwetst je je ook mag voelen door iets wat je van een ander te horen hebt gekregen (nogmaals, je kunt ervoor kiezen om je wel of niet gekwetst te voelen) het is belangrijk dat je één ding nooit doet: dichtslaan en niets terugzeggen. Als HSP’er zul je daar de neiging toe hebben, maar ik geef je de garantie dat je de situatie hier alleen nog maar mee verergert. Heus, ik begrijp dat je dichtslaat, ik begrijp dat je je zó gekwetst voelt dat je gewoon niet bij machte bent om te reageren, maar het is van belang dat je beseft dat je de ander hiermee alleen nóg maar bozer maakt. Als die ander geen HSP’er is dan zit het er dik in dat hij jouw reactie gewoon niet begrijpt. Wat dan?

Doe een beroep op die aangeboren kwaliteit die je als HSP’er hebt: je empatische vermogen. Probeer je, hoe moeilijk dat op zo’n moment ook kan zijn, te verplaatsen in de positie van de ander, haal diep adem en zeg: ‘Ik heb je gehoord. Op dit moment kan ik er helaas niet op ingaan. Als je wilt kunnen we het er op een later tijdstip over hebben.’ Je zult dan natuurlijk wel een afspraak moeten maken voor dat gesprek, want het is belangrijk om problemen uit te praten. Ook in dát gesprek is het een goed idee om aan het begin regels af te spreken om elkaar om de beurt aan het woord te laten, geen kritiek op elkaar te hebben en uitsluitend te vertellen hoe een bepaalde situatie op jou overkomt. Ook zou je kunnen overwegen om dit soort gesprek schriftelijk te voeren.

Vind je het erg moeilijk om zo’n gesprek te voeren, roep dan de hulp in van een familielid of een goede vriend(in). Of denk eens aan de mogelijkheid van het inhuren van een mediator. Zoals jullie waarschijnlijk wel weten, is een mediator iemand die geen standpunt inneemt, geen oplossingen bedenkt en geen beslissingen neemt. Dat doen jullie zelf. De mediator is alleen maar begeleider en bewaker van het proces. Een door de partijen zelf gevonden oplossing is vaak beter dan een opgelegde oplossing van bijvoorbeeld een rechter. De mediator kiest geen partij, maar blijft onafhankelijk en neutraal. Een mediator die HSP’er is heeft er begrip voor dat je conflicten moeilijk en bedreigend vindt, dat je je geremd voelt in het uiten van je gevoelens en hij of zij zal zijn best doen om ervoor te zorgen dat je net zo veel gelegenheid krijgt om je verhaal kwijt te kunnen als de persoon met wie je een conflict hebt.

Ten slotte wijs ik je er dan nog graag op dat ik als als HSP-coach beschikbaar ben voor individuele sessies en groepswerk, terwijl ik als bij het NMI-geregistreerde mediator gekwalificeerd ben om bij relatieconflicten te bemiddelen. Neem voor verdere informatie contact op via: coachkarina@gmail.com of bel: 030-6954774


donderdag 6 oktober 2011

Bouw je muren of bouw je bruggen?

‘We bouwen muren in plaats van bruggen. Geen wonder dat we ons eenzaam voelen.’
Soms heb je van die uitspraken die je echt treffen, en dat overkwam me met dit citaat van Joseph Newton. Zoals jullie misschien wel weten verzamel ik uitspraken waardoor ik me als HSP’er voel aangesproken, en in dat opzicht is dit echt een juweeltje.


Vanaf onze geboorte tot in onze kleuterjaren zijn we totaal open naar de wereld toe. We zuigen alles met grote gretigheid in ons op en hebben nog geen last van oordelen en van die akelige stemmetjes die ons voortdurend laten kiezen tussen wat ons in een bepaalde context als goed of slecht voorkomt. In die fase vertrouwen we nog volledig en zonder ook maar één vraagteken op de volwassenen die ons verzorgen en die over onze veiligheid waken. Alles wat we in onze eerste levensjaren doen –onderzoeken, leren, luisteren en zeggen- doen we vanuit het hart en vanuit de zuiverheid van het kind.


 Beetje bij beetje worden we ‘wijzer’. Als HSP’er komen we er al snel achter dat er een aantal dingen zijn die ons niet al te best bekomen. Maar toch, er zit niets anders op dan je zo goed en zo kwaad als het gaat aan te passen, ook al doet het af en toe flink pijn. Denk in die zin maar eens aan al die vriendjes en vriendinnetjes die we hadden en die ons vertrouwen uiteindelijk toch niet helemaal waard bleken te zijn. Voor wat die vriendjes en vriendinnetje betreft gaat onze voorkeur doorgaans uit naar de wat rustigere kinderen en hebben we het niet zo op met de echte druktemakers. Als kleuter, en later misschien ook nog wel, moeten we relatief snel huilen, zijn we snel moe en trekken we ons alles –vooral de onrechtvaardigheden- sterk aan.

 Het is niet ondenkbaar dat we thuis te horen krijgen dat we ons niet zo moeten aanstellen, dat het leven nu eenmaal zo is. Op school worden we mogelijk uitgemaakt voor verlegen of voor ‘schijtlaars’. Misschien zijn we ook wel het slachtoffer van pesterijen. We krijgen klapjes en klappen te incasseren, en daarbij het zijn vooral de emotionele opdonders die diepe sporen achterlaten in onze tere kinderziel. En omdat we steeds minder kunnen rekenen op de bescherming van onze volwassen verzorgers, zit er meestal niets anders op dan dat we onszelf gaan beschermen, en dat doen we dan door het optrekken van een denkbeeldige muur waarachter we ons gevoelige ikje kunnen verstoppen.

En als die muur eenmaal staat, kunnen er twee dingen gebeuren. Aan de ene kant heb je HSP’ers die het vermogen hebben hun eigen wezen veilig achter die muur te houden en daar te verzorgen en te voeden, terwijl ze zich naar buiten toe sterker en minder gevoelig voordoen. Ja, heus, er zijn HSP’ers die dat kunnen. Maar je hebt ook HSP’ers die zich voortdurend achter die muur verschuilen omdat ze met de beste wil van de wereld niet de kracht kunnen opbrengen om erachter vandaan te komen en zich te verbinden met de wereld die voor hen gelijk staat aan intens lijden. Door mijn werk als coach ken ik beide types, maar het zal duidelijk zijn dat de meerderheid van hooggevoelige mensen zich ergens tussen deze beide uitersten in bevindt en dat velen geleerd hebben zich meer of minder zichtbaar op te stellen al naar gelang het gezelschap waarin zij zich bevinden en de mate van vertrouwdheid die daarvan deel uitmaakt.

De muur als gereedschap om jezelf achter terug te trekken is voor een HSP’er echter een vertrouwd mechanisme, en een rechtstreeks gevolg van jezelf op die manier ‘verstoppen’, is eenzaamheid. De PAS die zijn ware ik met zijn rijke innerlijk leven slechts achter de muur durft te ontmoeten omdat hij de buitenwereld een sterk gezicht laat zien, is even eenzaam als de zich steevast verschansende hooggevoelige die het wereldleed ondraaglijk vindt .

Een hooggevoelige toont zijn ware ik doorgaans niet zomaar. Laat vooral niet zien wie je echt bent, want daarmee maak je je onnodig kwetsbaar, is zijn motto. Hij heeft geleerd dat het verstandiger is om jezelf te beschermen dan om met een ander mens echt contact te maken. Hij heeft geleerd om veelmeer op de muur (veiligheid) te vertrouwen dan op onze behoefte als mens om lief te hebben, bemind te worden en gerespecteerd te worden zoals we zijn. En dat beseffende, is het dan zo gek dat er zo enorm veel mensen verschrikkelijk eenzaam zijn?


Hoe zou je het vinden om die muur af te breken en dezelfde stenen te gebruiken om er, steentje voor steentje, een brug van te bouwen?


Als jij zo’n HSP’er bent die achter een muur leeft, dan is het logisch dat dit je enige referentie is – want wie veilig verschanst leeft doet niet echt mee aan het leven. Veilig beschut achter je muur gaat het leven als het ware aan je voorbij. Veilig, van achter je muurtje, is het ook heel gemakkelijk om de rest van de wereld de schuld te geven van al je problemen – immers, je zult alles wat je overkomt als een aanvalop jouw persoon beleven. Je hebt een waanzinnige behoefte aan liefde en respect, maar ondertussen word je alleen maar eenzamer. Als je verstopt achter je muur leeft kunnen de anderen je niet zien, en als je niet te zien bent (je láát je immers niet zien), hoe kan iemand dan ooit van je houden? Net zo, als je niemand binnenlaat, kun je ook niet zien hoe de ander in werkelijkheid is. Je dénkt dat je de anderen ziet, maar de muur leidt tot een vertekend en onvolledig beeld.

Iedereen is zoals hij is, iedereen is verantwoordelijk voor zijn daden, voor zijn gedachten en voor zijn gevoelens. Vanuit die optiek is het misschien een goed idee om de brug te gebruiken als gereedschap om, als gelijke tot gelijke, met elkaar contact te maken. De hooggevoelige mens is van nature empatisch, maar echt luisteren is toch vaak iets wat nog geleerd moet worden. Een goed begin in die zin is een oprechte en diepe belangstelling voor de mens met wie je in gesprek bent of wilt komen; noem het een gezonde nieuwsgierigheid. Maar wees vooral ook empathisch en belangstellend naar jezelf toe. Oordeel niet te hard, want leren gaat met vallen en opstaan. Een muur verandert heus niet in één dag in een brug: het is een proces.

Ik zeg niet dat het een pijnloos proces zal zijn. Groeipijnen horen erbij. En ik zeg óók niet dat iederéén je beste vriend of vriendin moet worden, maar probeer nu eens de positieve punten van een ander te ontdekken in plaats van al die negatieve kanten die je zo graag anders zou willen zien omdat je er zo onzeker van wordt. En ja, echt, iederéén heeft positieve kanten.

Blijf je je verschansen achter je muur omdat dat zo lekker veilig voelt, dan is de kans groot dat je je eenzaam zult blijven voelen. Maar durf je het aan de brug te bouwen, dan zal die eenzaamheid geleidelijk aan verdwijnen. En dat brengt me bij een ander, overbekend citaat van Gandhi:

‘Wil je de wereld veranderen, begin dan bij jezelf.

woensdag 8 juni 2011

HSP en Emotionele afhankelijkheid in de relatie

Emotionele afhankelijkheid betekent dat je ‘iets’ van buiten jezelf nodig hebt om je fijn en prettig te voelen. Zo kun je bepaalde stoffen (bv chocola, alcohol of drugs) nodig hebben om een bepaald pijngevoel te onderdrukken. Je kunt verslaafd zijn aan TV-kijken, geld uitgeven of gokken om de innerlijke leegte te vullen.
Afhankelijkheid van iemands liefde, goedkeurig of aandacht komt doorgaans voort uit een diep menselijke behoefte aan erkenning. Veel HSP’ers neigen ertoe zichzelf in een relatie te verliezen en hun geluk en welzijn in de handen van hun partner te leggen. Ze voelen zich veilig en bemind zolang de ander, de partner, hen laat blijken dat er van ze wordt gehouden. Om maar zo veel mogelijk van dat soort bewijzen te krijgen (en naarmate een relatie voortduurt heeft zo’n HSP’er steeds méér en overtuigender bewijzen nodig) cijfert hij of zij zichzelf steeds meer weg, waarmee hij of zij steeds meer van zichzelf aan de ander prijsgeeft. Waar aanvankelijk nog iets van evenwicht was, raakt dat evenwicht steeds verder verstoord. De HSP’er zal zich steeds onzekerder gaan voelen omdat de bewijzen op den duur minder zullen worden aangezien de partner vrijwel nooit aan de groeiende verwachting kan voldoen.
Ergens bij willen horen behoort tot de primaire menselijke behoeften. Datzelfde geldt voor de behoefte aan waardering. We willen aardig gevonden worden, we willen dat er van ons wordt gehouden. Als er van ons wordt gehouden voelen we ons veilig. Als we aardig worden gevonden, voelen we ons sterk. Maar als we ons gevoel van veiligheid en eigenwaarde van anderen laten afhangen, dan maken we de buitenwereld verantwoordelijk voor iets waar we in feite zelf voor zouden moeten zorgen. Het zit er bovendien dik in dat de buitenwereld je nooit blijvend datgene zal geven –áls de buitenwereld je het al geeft- wat je nodig hebt.
Wat kun je doen om je emotionele afhankelijkheid te overwinnen en zelf verantwoording te nemen voor je emotionele welzijn?
Laten we als eerste eens naar onze gevoelens kijken. Om te beginnen is het goed om te beseffen dat onze gevoelens voortkomen uit onze eigen gedachten, uit wat we geloven en uit ons eigen gedrag. Uit ervaring weet ik dat veel mensen, en daarbij maakt het niet uit of ze nu wel of niet hooggevoelig zijn, het moeilijk vinden om te aanvaarden dat onze gevoelens niet door door anderen of door uiterlijke omstandigheden worden veroorzaakt. Soms wil men er in gedachten wel aan dat dit zo is, maar het blijkt veelal moeilijk om het ook daadwerkelijk zo te beleven, laat staan dat ernaar wordt gehandeld. Maar pas wanneer je op die drie niveaus –dat van de gedachten, dat van de beleving en dat van het toepassen ervan- begrijpt en aanvaardt dat je emoties voortkomen uit jezelf in plaats van dat ze door een ander zouden zijn veroorzaakt, kun je beginnen met het nemen van verantwoordelijkheid voor je eigen gevoelens.
Stel dat iemand die veel voor je betekent boos op je is. Ben je emotioneel afhankelijk, dan zul je je afgewezen voelen terwijl je aanneemt dat dit gevoel van afgewezen zijn voortkomt uit de woede van de ander. Afgezien van afgewezen, is de kans groot dat je je ook gekwetst, bang, ontoereikend of beschaamd voelt. Of dat je zelf boos wordt. Misschien ga je, als HSP’er, wel extra je best doen om de ander te bewijzen dat je zijn liefde waard bent. Dat doe je dan voornamelijk om je zelf beter te kunnen voelen. Om jezelf gerust te kunnen stellen.
Wie echter emotioneel onafhankelijk is, die zal heel anders reageren. Zo zou je als eerste kunnen denken dat de woede van je partner niets met jou persoonlijk te maken heeft. Misschien heeft die ander wel hoofdpijn, of heeft hij iets naars meegemaakt en reageert hij zich alleen maar af op jou omdat jij toevallig in de buurt bent. Of misschien voelt die ander zich wel ontoereikend en probeert hij zich beter en sterker te voelen door jóu het gevoel te geven dat je niet deugt. Wát ook de reden mag zijn van de boosheid van die ander, het heeft niets met jou te maken en daarom hoef je het ook niet persoonlijk op te vatten. Je kunt immers geen invloed uitoefenen op de gevoelens en het gedrag van iemand anders, want net zoals jij zelf verantwoordelijk bent voor je eigen gevoelens en je eigen gedrag, is de ander dat ook.
Dus in plaats van jezelf ellendig of minderwaardig te voelen, of in plaats van zelf boos te worden, zou je een beroep kunnen doen op je inlevingsvermogen en iets kunnen zeggen in de geest van: ‘Ik ben niet blij met die boze uitval van je, maar ik wil graag van je horen waaróm je zo van streek bent. Zou je erover willen vertellen?’ Vaak is zo’n uitnodigend gebaar al voldoende om de ander te laten kalmeren, maar het gebeurt ook wel eens dat iemand alleen nóg maar bozer wordt. In dat laatste geval zou je nog een stapje verder kunnen gaan, en kunnen zeggen: ‘Ik heb geen behoefte aan die woede van jou. Wanneer je zo ver bent dat je erover wilt praten, kun je me dat laten weten. Ik ga ondertussen iets anders doen.’ Wie emotioneel onafhankelijk is, verwijdert zichzelf uit de vuurlinie in plaats van te proberen het gedrag van de ander te veranderen.
En als je je dan uit de vuurlinie hebt teruggetrokken, is het zinvol om naar je eigen emoties te kijken. Misschien voel je je verlaten als gevolg van de aanval van de ander. Of verdrietig. Dat is begrijpelijk, maar je weet dan dat dit jouw gevoel is, een gevoel dat uit jezelf voortkomt. Het is niet de schuld van de ander dat je je eenzaam of verdrietig voelt. Neem verantwoordelijkheid voor je eigen gevoelens en probeer ze niet weg te stoppen of de ander er de schuld van te geven. Ze zijn reëel en je doet er goed aan om te kijken naar waar ze vandaan komen. Als je dat doet kun je ze ook gemakkelijk weer loslaten, waardoor je je weer veilig en bemind zult voelen.
Hoe meer je gaat beseffen dat je gevoelens uitsluitend met jou zelf te maken hebben en uit je eigen binnenwereld afkomstig zijn, dat je emoties je eigen verantwoordelijkheid zijn, en hoe meer je je daar in je beleving van bewust wordt en ernaar kijkt, des te sterker en onafhankelijker je zult worden. Emotionele autonomie maakt je tot een vrij mens dat vanuit die innerlijke vrijheid liefde en waardering kan geven en ontvangen.