Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label conflict. Alle posts tonen
Posts tonen met het label conflict. Alle posts tonen

woensdag 7 januari 2015

HSP: een nieuw jaar met nieuwe mogelijkheden


Heb jij er ook een? Zo'n lijstje met goede voornemens? Ga je ervan uit dat dit jaar een veel beter jaar gaat worden dan 2014? Dit jaar zul je eindelijk de moed en de kracht weten op te brengen om uit die behaaglijke comfortzone te komen en worden al die positieve veranderingen die je hebt voorgenomen een feit. Ga je stoppen met roken? Afvallen? Je inschrijven voor yoga of het leren van een vreemde taal? Aanmerkelijk meer tijd vrijmaken om door te brengen met je kinderen, partner, ouders of goede vrienden? Je kasten opruimen? De eerste stap doen op weg naar het uitpraten van dat akelige conflict met Annet die jarenlang je beste vriendin was? Een hondje uit het asiel adopteren? Je boek schrijven?
Ik ken veel mensen die dit soort lijstjes aanleggen, en van die mensen zijn er echt maar een paar die het voor elkaar krijgen om hun doel(en) te verwezenlijken. In het verleden heb ik ook wel eens een paar dingen opgeschreven. Waarom ik dat deed weet ik niet precies, misschien omdat het een traditie is, maar misschien ook -en dat bedenk ik terwijl ik dit schrijf- omdat het opschrijven van je voornemens zoiets is als iets met jezelf afspreken. Het heeft iets van een contract afsluiten met jezelf, en als je een contract hebt dan moet je je er ook aan houden. Dat geldt tenminste voor mij: voor mij is een contract iets 'heiligs' waar je je aan moet houden. Met andere woorden, voor mij heeft een contract rechtstreeks te maken met mijn waarden. Dus als ik van te voren niet zeker weet of ik me aan een contract kan houden, kan ik er maar beter niet aan beginnen. En wat ik me nu óók realiseer, is dat mijn waarden, mijn principes, voor mij zwaarder wegen dan mijn doelen. En dit, het verband tussen waarden en doelen, is het onderwerp van de eerste nieuwsbrief van dit jaar.

Waarden
Wat waarden zijn zou je als volgt kunnen definiëren: 'Waarden zijn de richtlijnen van ons leven die bepalend zijn voor ons gedrag.' Zonder waarden zouden al die kleine en grote dingen die we dagelijks ondernemen in feite zinloos zijn. We kunnen dus wel stellen dat waarden als de aanhoudende grondtoon voor onze gedragspatronen zijn, als iets wat op de achtergrond altijd aanwezig is en dat van invloed is op alls wat we doen en zeggen en ook denken. Het is dus niet iets wat er even is, wat even oplicht, zeg maar, en dan weer is afgelopen. In die zin is duidelijk dat een 'waarde' nooit op je lijstje met goede voornemens kan staan want, is je voornemen eenmaal een feit, heb je iets eenmaal gedaan, dan kun je het van je lijstje schrappen.  Principes zijn blijven en zijn bepalend voor je handelingen, je houding, je instelling en je mening.
Staat er dus op je lijstje met goede voornemens 'Meer tijd doorbrengen met de kinderen' dan ligt daar naar alle waarschijnlijkheid een waarde als 'een goede ouder zijn' aan ten grondslag. In die zin is meer tijd doorbrengen met de kinderen dus het gevolg van wat voor jou een vereiste is van een goed ouderschap. In die zin zul je ook andere dingen wel of niet doen, zoals geen of weinig snoep maar goed eten geven, erop letten dat je kind voldoende slaap krijgt, warm genoeg is aangekleed zodat het geen kou hoeft te lijden, tijdig de luiers verschonen, enzovoort. Het gedrag dat jij als ouder nastreeft is dus het resultaat van de waarde van wat voor jou een goed ouderschap is.
Op dezelfde manier zou je kunnen zeggen dat populaire voornemens zoals, bijvoorbeeld, 'afvallen' of 'stoppen met roken' het resultaat zijn van een waarde als 'mijn lichaam is mijn tempel en daar wil ik goed voor zorgen.' Het willen uitpraten van een ruzie kan het resultaat zijn van een principe als 'een zuiver geweten hebben'.
Het is belangrijk om te weten wat jouw waarden zijn. Een manier om daar achter te komen is door stil te staan bij de verschillende aspecten van je leven en je af te vragen hoe je wilt zijn, wat voor mens je wilt zijn. Hoe wil je zijn als zoon/partner/broer of zus/ouder/vriend of vriendin/buur/collega... Hoe wil je zijn als mens? Met het opschrijven van je ideaalbeeld als mens verkrijg je een beeld van je waarden, van je principes. Met andere woorden: waarden hebben rechtstreeks te maken met de mens die je wilt zijn, met de mens die handelt in overeenstemming met datgene wat voor jou in jouw leven van belang is.
De bonus die je daarmee binnenhaalt is dat je, wanneer het je lukt om in overeenstemming met je waarden te leven, steeds meer zin aan je bestaan zult kunnen ontlenen en dát heeft weer tot gevolg dat je minder last zult hebben van stress. En hoe minder stress, hoe beter de HSP'er zich voelt! Hoe meer je in overeenstemming leeft met je waarden, hoe minder last je zult hebben van stress, zenuwen en zorgen aangezien je altijd zo veel mogelijk zult kiezen voor de dingen die bij je horen en die dus bevordelijk zijn voor je innerlijke rust en vermogen tot acceptatie.

Doelen
Het verschil tussen doelen en waarden is niet voor iedereen even duidelijk. Doelen en waarden hebben met elkaar te maken, maar ze zijn niet hetzelfde. Behoor jij tot die groep mensen die elk nieuw jaar een lijstje met goedevoornemens maakt, dan wil je natuurlijk ook graag dat die voornemens realiteit worden. In dat geval is het een goed idee dat je leert onderscheiden tussen het een en het ander en dat je elk van je voornemens koppelt aan de onderliggende waarde. Als je duidelijk hebt dat je met roken wilt stoppen omdat dit aansluit bij jouw principe van 'mijn lichaam is mijn tempel' en dat je zo goed mogelijk voor die tempel wilt zorgen, dan is de kans dat je voornemen slaagt veel groter dan als wanneer je alleen maar wilt stoppen om te stoppen. Anders gezegd, door er een dieper liggende waarde aan te koppelen, iets wat verder gaat dan alleen maar een oppervlakkige motivatie (bijvoorbeeld: 'dan hou ik geld over' of 'omdat roken ongezond is') wordt je kans van slagen een stuk groter, immers, je doet een stap op weg naar de mens die je wilt zijn.
In die zin zijn doelen niet meer dan stations op je levenspad. Je verwezenlijkt doelen omdat je grondhouding (de mens die je wilt zijn) dat van je verlangt. Je doelen helpen je bij het voortgaan op je pad; je neemt je iets voor, je doet het en werkt het af, je schrapt het van je lijstje en je kunt in dezelfde lijn door naar het volgende station. Die lijn, het pad, dat is de waarde; de stations die je daarop bereikt en die je kunt afturven, dat zijn je doelen, je voornemens.
Ik zal je nog een voorbeeld geven. Je neemt je voor om russisch te gaan leren. Het leren van de russische taal is een station op je pad dat bepaald wordt door het willen leren van nieuwe dingen, je leergierigeheid. Jezelf blijven ontwikkelen, het vergaren van kennis, is een waarde. In die zin kun je andere stations bereiken, zoals die van yoga leren, of engels, of gitaarspelen, enzovoort.
Nog eentje. Stel dat je houdt van reizen. Reizen op zich is de waarde. Het is iets wat belangrijk voor je is: nieuwe landen en culturen leren kennen, musea over de hele wereld bezoeken, dat is iets wat bij je hoort en waar je naar jouw idee een beter mens van wordt. Maar maak je een reis naar Parijs, naar Tokio of Thailand, dan kruis je die van je lijstje zodra je er bent geweest, want dat zijn (reis)doelen. Je reislust is de reden, het motief dat leidt tot het stellen van doelen. Je kruist de bestemmingen van je lijstje, maar je reislust blijft doorgaan.

Je waarden kennen om je doelen te bereiken
Alvorens je lijstje met goede voornemens op te stellen, is het een goed idee om eerst eens een inventaris van je waarden te maken. Daarbij is het van belang dat je begrijpt dat je waarden bepalend zijn voor je dagelijkse gedrag, voor de manier waarop je je opstelt tegenover alle verschillende mensen en dingen die je op een dag zoal tegenkomt en voor de beslissingen die je moet nemen (en de manier waarop!). Je waarden bepalen wie je bent en wie je wilt zijn. Ze geven je inzicht in waarom je iets zus doet of zo.
Wanneer je je lijstje waarden gebruikt om de zin te ontdekken achter de doelen die je jezelf wilt stellen en dan ook nog eens nadenkt over het verband tussen die twee dan kan het niet anders dan dat je 'doel', je 'goede voornemen' veel meer gewicht krijgt en je je dus met meer overtuiging en motivatie zult inzetten voor de verwezenlijking ervan, immers, de verwezenlijking ervan maakt je tot de mens die je wilt zijn. En mocht het zo zijn dat een van de voornemens die op je lijstje staan geen achterliggende, diepere waarde hebben, nou, schrap het dan maar meteen van je lijstje, want ik weet bijna zeker dat dát voornemen niet gaat lukken; je kunt je tijd en energie wel beter besteden.

Samengevat: 
  • Ga na welke facetten je leven heeft (kind, ouder, partner, broer/zus, buur, collega, enzovoort) 
  • Bedenk hoe je in elk van die facetten wilt zijn (trouw, eerlijk, altijd beschikbaar, vriendelijk, streng, stipt, enzovoort, zorgzaam, enzovoort) en schrijf dat bij elk facet (dit zijn je waarden) 
  • Maak een lijstje met 'goede voornemens' (doelen)  
  • Zoek bij elk doel de onderliggende, bepalende waarde 
  • Schrijf bij elke combinatie van doel en waarde(n) een paar zinnen over het verband tussen beide.


Ik wens je een goed jaar met gerealiseerde doelen en bereikte stations op je weg naar de mens die je wilt zijn!

zondag 1 juni 2014

HSP en snel beledigd?

Er wordt me nog al eens gevraagd of hooggevoelige mensen zich sneller beledigd of aangevallen voelen dan mensen met een gemiddelde gevoeligheid, en inderdaad, dat is zeker het geval. De hooggevoelige mens heeft de neiging veel, heel veel, op te vatten als iets persoonlijks, als persoonlijke kritiek. Laten we eens kijken hoe dat komt en wat je eraan kunt doen. 
Paul is vegetariër. Meer dan eens heeft hij meegemaakt dat er, wanneer hij ergens te eten wordt gevraagd en hij zegt dat hij geen vlees of vis eet, wordt gelachen. ‘Ik word uitgelachen, zegt hij, en ik voel me aangevallen. En als ik dan uitleg waarom ik ervoor kies om geen vlees te eten, maak ik alles er alleen nog maar erger op en krijg ik van alles over me heen.’ Hij geeft toe dat hij niet begrijpt dat er nog steeds mensen zijn die vlees eten, en het hem moeite kost om dat te aanvaarden. 
Juana is ambtenaar en staat achter het loket. Ze heeft dus rechtstreeks contact met de burgers. Ze neemt haar werk uiterst serieus, en ze vindt het belangrijk om iedereen altijd zo goed mogelijk van dienst te zijn. ‘Ik vind het dan ook onverdraaglijk als ik mensen slecht over ambtenaren hoor praten. Ik voel me dan persoonlijk aangevallen en ik sla dicht, en niet zelden lig ik er ´s nachts van wakker.’ 
We zien hoe het in beide voorbeelden in de eerste plaats gaat om normen en waarden; normen en waarden wegen voor de gemiddelde HSP’er erg zwaar. De meesten zijn ervan overtuigd dat ze het juiste doen en dat hun optreden correct is, dat hun normen en waarden de juiste zijn, en meer dan eens kunnen ze maar moeilijk aanvaarden dat er mensen zijn die anders handelen of voelen dan zij. Dit kan tot gevolg hebben dat de HSP’er zich superieur gaat voelen ten opzichte van diegenen die er andere normen en waarden op na houden. 
Er bestaan talloze normen en waarden, principes. Je kunt je van je eigen normen en waarden bewust zijn en ze doelgericht nastreven. Er zijn ook mensen die niet eens bewust weten dat ze ze hebben maar zich er in het leven toch naar richten, terwijl je daarnaast ook nog lieden hebt die gewoon maar handelen zoals het hen het op een bepaald moment het beste past en de meeste winst oplevert. Niet iedereen is zich dus bewust van zijn principes, en niet iedereen heeft dezelfde principes – áls hij ze al heeft. En omdat we onmogelijk zomaar kunnen weten wat iemands principes zijn zit er dus weinig anders op dan je neer te leggen bij de wijze waarop anderen hun bestaan inrichten hoewel dit volledig in strijd kan zijn met onze persoonlijke levensvisie. Let wel, ik heb het natuurlijk niet over crimineel gedrag, want dat is een ander verhaal. 
Wanneer jij als HSP’er met principes in contact komt met andere mensen (en dat kunnen natuurlijk ook HSP’ers zijn) die er andere normen en waarden op na houden dan jij en dat aangeven, dan kan het zijn dat je je niet alleen miskend voelt, maar dat je de reactie van die ander opvat als rechtstreekse kritiek op jouw opvattingen. De kans is groot dat het niet gelijkgestemde gedrag, de afkeurende boodschap van de ander, op jou overkomt als dat jij niet zou deugen als mens, dat je niet aardig bent en dat de ander dus niets met je te maken wil hebben. Ja, dan voel je je beledigd. Je voelt je aangevallen. Misschien stel je je naar buiten toe eigenlijk eerder defensief op omdat het leven je heeft geleerd dat geen mens te vertrouwen is. 
Veel HSP’ers hebben een zwak zelfbeeld. Van klein af aan heeft de wereld hen laten weten dat ze te soft zijn, dat ze huilebalken, of extreem verlegen zijn. De conclusie die hun kinderhartje daaraan heeft verbonden is dat ze niet deugen. Veel HSP’ers zijn op school gepest; een deel van hen krijgt het later op het werk ook te verduren en is het slachtoffer van mobbing. De maatschappij is helaas niet erg tolerant ten opzichte van mensen die anders zijn, die buiten de groep vallen. We hebben geleerd ons aan te passen, ons anders voor te doen dan we in werkelijkheid zijn; overlevingsstrategieën om vooral maar niet de aandacht te trekken. We hebben geleerd om aardig te doen ook wanneer we dat niet echt zo voelen, we maakten het anderen naar de zin om vriendjes en vriendinnetjes te hebben. Ja, ik weet het, ik ben op een verschrikkelijke manier aan het generaliseren, en gelukkig heeft lang niet elke HSP’er zulke nare ervaringen en hebben de meesten ook mooie en positieve dingen meegemaakt. Dat neemt echter niet weg dat het gros der HSP’ers een zwak zelfbeeld heeft. (Zie Elaine Aron’s “The undervalued self”). 
Paul, de vegetariër, voelt zich onzeker, en zijn onzekerheid maakt hem kwetsbaar. Hij denkt dat hij wordt uitgelachen, maar het is heel waarschijnlijk dat de mensen lachen omdat men niet goed weet wat te zeggen, of gewoon omdat men niet snapt dat er mensen zijn die geen vlees willen eten. Ze lachen Paul niet uit, ze lachen in geen geval om hem, maar hooguit om het idee waarmee hij hen confronteert. Paul wordt verschrikkelijk serieus en komt met principiële uitspraken, maar hoezeer hij ook zijn best doet, de anderen kunnen niets beginnen met zijn argumenten omdat ze het dilemma van wel of geen vlees niet zo intens beleven als hij dat doet. Paul kan zich niet voorstellen dat mensen die vlees eten ook best heel aardig kunnen zijn. 
Het wil nogal eens voorkomen dat HSP’ers er moeite mee hebben dat we niet allemaal hetzelfde zijn en hetzelfde denken. Onderlinge verschillen maken ons mensen juist interessant en boeiend. Wie zich flexibel en open opstelt naar anderen (andersdenkenden) wordt niet overvallen door die afschuwelijke (voor)oordelen die elke werkelijke communicatie onmogelijk maken. 
Het geheim van je niet beledigd of aangevallen voelen schuilt in aanvaarding en nieuwsgierigheid. Wie zich naar de ander toe nieuwsgierig en niet veroordelend opstelt kan zich onmogelijk beledigd voelen. Paul, onze vegetariër, heeft dat inmiddels geleerd, en in plaats van zich aangevallen of bekritiseerd te voelen, of van onmiddellijk iets te denken in de trant van “die lui zijn wreed en stom”, probeert hij nu vanuit een oprechte belangstelling meer te weten te komen over de ander en diens gewoontes, meningen en waarden. Hij schept er plezier in om ideeën uit te wisselen over verschillende diëten en levensfilosofieën. Verrijkend vindt hij dit soort gesprekken, want, zo zegt hij, ‘je hoeft het toch helemaal niet met iemand eens te zijn om met respect naar zijn opvattingen te kunnen luisteren.’ 
Juana, de ambtenaar, raakt niet langer geblokkeerd, ze heeft geen last meer van huilbuien of van slapeloosheid. De crisis, de verontwaardiging en de boosheid van de mensen zijn een realiteit, maar het is niet iets wat zij persoonlijk kan verhelpen. Ze doet wat er binnen haar vermogen ligt om de burger tegemoet te komen, en meer dan dat kan ze niet. In plaats van, zoals voorheen, te blokkeren, heeft ze geleerd om de ander empathisch tegemoet te treden en oprecht belangstellend te luisteren naar wat doorgaans over een klacht of een probleem gaat. Ze begrijp dat er burgers zijn die zich door het systeem benadeeld en beduveld voelen en die hun verhaal kwijt moeten en dat ze hun gram daarbij rechtstreeks op de ambtenaar –het aanspreekpunt- projecteren. 
Het gros van de mensen opereert vanuit een persoonlijke structuur van angsten, conclusies, afweermechanismen en waarden. We hebben geleerd om ons zus of zo te gedragen, op de manier die ervoor zorgt dat we het hoofd boven water blijven houden en ons zo gelukkig en tevreden mogelijk voelen. En hoewel we van tijd tot tijd kritiek krijgen, of klachten en misschien ook wel verwijten over ons gedrag te horen krijgen, is het een feit dat die maar hoogst zelden iets over ons persoonlijk zeggen. In de meeste gevallen staat iemands kritiek of klacht rechtstreeks in verband met de keren dat de criticus of klager –doorgaans in zijn vroege kinderjaren- een gelijksoortige situatie meemaakte. 
Echt, verreweg de meeste kritiek is niet persoonlijk; het gaat bij de klager bijna altijd om een vorm van projectie. En dat geldt natuurlijk ook omgekeerd: onze kritiek op anderen –of het nu om een partner, een collega, een klant of wie dan ook gaat-  is net zo goed bijna altijd een projectie. Zou het dan zo kunnen zijn dat we, telkens wanneer we ons bekritiseerd en beledigd voelen, het gedrag van de ander verkeerd interpreteren? Misschien is het een idee om eens te onderzoeken hoe het precies zit... 

Stel jezelf eens de volgende vragen: 
  • Ik voel me beledigd. Hoe komt het dat ik me aangesproken voel? 
  • Ik voel me beter dan de ander, en schiet daardoor onmiddellijk in het (ver)oordelen. Luister ik eigenlijk wel echt en met een open houding naar die ander? 
  • Wat zou de oorzaak kunnen zijn van het feit dat de ander mij dit soort verwijten maakt? 
  • Wat kan ik van de ander leren? 
  • Tot op welke hoogte kan ik met zekerheid zeggen dat mijn waarden ook werkelijk de míjne zijn, in plaats van dat ze het resultaat zijn van in mijn jeugd aangeleerde -en klakkeloos overgenomen- onwaarheden en oordelen? (bijvoorbeeld van ouders of leraren). 
  • Het is goed denkbaar dat ik het niet eens ben met de opvattingen van de ander, maar als ik zijn mening veroordeel, waar baseer ik mij dan op? 
  • Hoe kan ik ervoor zorgen dan de ander het gevoel krijgt dat ik echt naar hem luister? 
  • Zou ik, zo lang het niet misplaatst is, misschien met een beetje humor kunnen reageren?

Heb je eenmaal ingezien dat de zogenaamde kritiek geen aanval is maar een persoonlijke projectie van de ander, het resultaat van zijn eigen onmacht of pijn, dan kun je je gevoel van beledigd zijn loslaten. 
En tot besluit nog even dit: Het empatisch of inlevend vermogen behoort tot de positieve kenmerken van de hooggevoeligheid. Het is evenwel niet iets wat ons zomaar komt aangevlogen. Soms, wanneer we ergens emotioneel bij betrokken zijn zoals we bij Paul en Juana hebben kunnen zien, wordt het empatisch vermogen overschaduwd door onze eigen subjectiviteit. Onze eigen emotionaliteit maakt inlevend reageren onmogelijk. Door jezelf de bovenstaande vragen te stellen kun je die emotionele betrokkenheid als het ware ‘ontzenuwen’, waardoor je empatisch vermogen opnieuw actief wordt.

maandag 20 januari 2014

Hooggevoelig in een wereld die me niet begrijpt

Over verantwoordelijkheid en je schuldig voelen

Onlangs verzuchtte een van mijn cliënten: 'Ik voel me totaal niet thuis in deze wrede wereld. De mensen vinden me raar en er is niemand die me begrijpt.' En in dezelfde adem voegde ze eraan toe: 'Goede voornemens? Nou, daar ontbreekt het me niet aan hoor, maar met wat er tegenwoordig zoal niet om je heen gebeurt, komt er natuurlijk niets van terecht. Geen mens is bereid me te helpen.'

Het ligt niet aan haar, maar aan het onbegrip van de wereld. Ik kan me voorstellen dat het zo voelt. De wereld ís immers een plek waar je je als hooggevoelige snel onbegrepen en raar voelt. Het gaat er nogal eens hard aan toe en er gebeuren dingen die voor een HSP'er nauwelijks te bevatten zijn. Toch is het geen goed idee om alle de verantwoordelijkheid bij anderen, bij 'de wereld' neer te leggen, en ik zal uitleggen waarom.

Misschien geloof je het niet zo, maar het is een feit dat iedereen tot op zekere hoogte verantwoordelijk is voor de dingen die hem overkomen. Soms ben je dat meer, soms ben je dat minder, maar het heeft altijd iets te maken met wat je doet of nalaat te doen. Daarmee zeg ik niet dat het je schuld zou zijn, helemaal niet. Jezelf schuldig voelen is net zo giftig is als het idee dat anderen schuldig zouden zijn aan het feit dat jij je ellendig en onbegrepen voelt.


Schuld versus verantwoordelijkheid
'Schuld' heeft twee kanten. De overtuiging dat je nergens schuld aan hebt en dat het de schuld van alles en iedereen is dat jij je zo zielig en onbegrepen voelt, is er één. De andere kant is dat jij de volledige schuld van iets op je neemt en dat je je daadwerkelijk schuldig voelt.

In het laatste geval, dat van de schuld op je nemen, is het van belang dat je je afvraagt in hoeverre je binnen een bepaalde situatie verantwoordelijk bent. Kijk naar je mate van verantwoordelijk zijn zónder je schuldig (of nóg schuldiger) te voelen, want door je schuldig te voelen ontneem je jezelf je persoonlijke autonomie en daarmee de kracht om het heft van je leven in eigen hand te nemen. Lukt het je daarentegen om in te zien dat je in een bepaalde situatie (mede)verantwoordelijkheid draagt, dan word je meester over die situatie. En dat is niet het enige, want tegelijkertijd gebeurt er ook dit: zodra je ergens de schuld voor op je neemt, ontneem je daarmee een ander de mogelijkheid om de verantwoorlijkheid voor zijn aandeel in de situatie op zich te nemen. Met andere woorden, iets wat ogenschijnlijk een daad van 'liefde' lijkt, is in feite een daad waarmee je een ander ont-kracht. Op deze manier leveren beide partijen iets in.

Als HSP'er kan het gebeuren dat je, om een ruzie of een emotioneel heftige discussie uit de weg te gaan, kiest voor de ogenschijnlijk makkelijkste oplossing waarbij je iets zegt in de trant van: 'Goed, goed, het is mijn schuld. Ik had het niet moeten doen.' Dat zeg je dan eigenlijk om er vanaf te zijn; immers, veel HSP'ers hebben moeite met conflicten. En ja, het kan waar zijn, misschien hád je iets beter niet kunnen doen, maar dat impliceert echter niet automatisch dat het gevolg van hetgeen je gedaan hebt, helemaal alleen jouw schuld zou zijn. In de meeste gevallen is dat namelijk niet het geval. 

Beter, eerlijker ook, is het om je af te vragen wát er precies gebeurd is, en waaróm het zus of zo heeft uitgepakt. Heb je daar een beeld van gekregen, dan kun je zoiets zeggen als: 'Het spijt me dat ik het heb gedaan. Ik was erg moe (of wat dan ook) en daardoor reageerde ik te impulsief.' Op die manier is het geen kwestie van schuld, maar neem je verantwoordelijkheid en hou je het gesprek open zodat de ander zijn stuk verantwoordelijkheid op zich kan nemen. Zo zou de ander dan kunnen reageren met: 'Je hebt gelijk, je had me gezegd dat je een zware dag achter de rug had. Het was niet slim van mij om zo door te blijven drammen. Ik had er beter mee kunnen wachten tot een ander geschikter moment.' In dit scenario neemt elke gesprekspartner het stuk verantwoordelijkheid voor zijn rekening dat hem toekomt en hoeft niemand zich schuldig te voelen.

En dan die andere kant... Wie het onbegrip van de buitenwacht aanwijst als de oorzaak van zijn problemen, plaatst zich daarmee in een positie van totale machteloosheid. Doe je dat, dan maak je jezelf tot slachtoffer, met alle gevolgen vandien. Misschien dat er zich iemand aandient die je wil helpen en die je oplossingen aanreikt (mogelijk een andere HSP'er) maar de kans is groot dat je die niet zult aangrijpen. Een van de kenmerken van de rol van slachtoffer is dat iemand zich daar prettig in voelt, aangezien hij als 'arme ziel' niet in actie hoeft te komen en geen (enge) risico's hoeft te nemen, ergo, dat hij veilig in zijn comfortzone kan blijven. Het is makkelijker om jezelf zielig en onbegrepen te voelen, en te denken dat jou geen enkele blaam treft... 'ik doe toch helemaal niks'. Beste lezer, met een dergelijke instelling vergiftig je jezelf, en niet zo'n beetje ook. Helaas is het een houding die ik onder HSP'ers nogal eens tegenkom, en het lijkt dan wel alsof 'geen mens die me begrijpt' het ideale excuus is om niet in actie te hoeven komen. Doorgaans reageer ik dan met de vraag: 'En wat doe jij dan om de anderen te begrijpen?

Iedereen maakt fouten en niemand is volmaakt. Fouten maken heeft bovendien de positieve kant dat we ervan kunnen leren. En wie van zijn fouten leert, die groeit. Als jij wilt dat er in jouw leven iets verandert, dan zul je je eigen verantwoordelijkheid moeten aanvaarden en met dat inzicht in actie moeten komen. 

Groeien en verder komen is waar het in het leven om gaat, en hoe eerder je verantwoordelijkheid neemt voor je daden en gedachten, des meer je in staat zult zijn zelf richting aan je bestaan te geven. Nogmaals, wie de schuld afschuift op een ander, op de buitenwacht, die maakt zich daarmee tot speelbal van het lot; wie verantwoordelijkheid neemt, bepaalt zelf in grote mate hoe de rest van zijn leven eruit zal zien.

Denk je nog steeds dat je niet verder komt in het leven omdat de wereld je niet begrijpt, probeer dan eens antwoord te vinden op de volgende vragen:

  • Welke stappen heb ik ondernomen om de anderen in staat te stellen mij wat meer te begrijpen?
  • Wil ik eigenlijk wel begrepen worden, of komt het me beter uit te blijven denken dat het aan de wereld ligt, omdat ik dan niet uit mijn comfortzone hoef te komen?
  • Welke stappen heb ik ondernomen om de anderen te kunnen begrijpen?
  • Wil ik de anderen eigenlijk wel begrijpen, of komt het me beter uit om ze gewoon maar niet te begrijpen omdat ik dan niet in actie hoef te komen?
  • Is er verder misschien nog iets dat ik zou kunnen doen om mijn persoonlijke verantwoordelijkheid te (h)erkennen en ernaar te handelen?
Ik hoop dat deze vragen je op weg kunnen helpen. Mocht je echter het gevoel blijven houden dat je er in je eentje niet uitkomt, misschien is het dan een idee om de hulp van een coach in te schakelen.





vrijdag 14 juni 2013

Hooggevoelig, horen en luisteren

'Het belangrijkste bij communiceren is luisteren naar wat er niet wordt gezegd.'
Peter Drucker 
Horen en luisteren zijn niet hetzelfde. Een open deur? Ik vermoed van wel. Toch kan het, denk ik, geen kwaad om een aantal dingen weer eens bewust te overdenken.
Horen. Horen doen we allemaal, de dieren ook, en eigenlijk doen we dat ook continu. We doen het automatisch, dus zonder dat we ons er bewust van zijn. Achtergrondmuziekjes, verkeersgeluiden, geroezemoes in een ruimte met veel mensen, onze oren staan altijd open en er komt altijd geluid binnen. Het is in onze overbevolkte wereld zelden stil. We horen geluiden en staan er niet bij stil. En dat is maar goed ook, want als hooggevoelige weet je waarschijnlijk maar al te goed dat geluiden waar je bewust naar gaat luisteren (de vervelende muziek van de buurman) ineens extra luid worden; zó luid soms dat je alleen nog maar dát kunt horen. 
Luisteren, dus bewust horen, is een van de meest nuttige en zelfs ook noodzakelijke vaardigheden die je als mens kunt ontwikkelen. Luisteren en spreken samen, is communiceren. Waarom zou je willen luisteren? Je luistert om informatie te verzamelen, om iets te begrijpen en om te leren, om te genieten. Je luistert omdat iets of iemand je interesseert. (Inter-esse is zo’n prachtig woord. Letterlijk betekent het tussen-zijn). 
Uit onderzoek is echter gebleken dat een mens zich doorgaans maar een kwart of iets meer kan herinneren van wat hij gehoord heeft. Dat geldt dus voor zowel degene die hoort wat jij tegen hem zegt, als voor wat jij hoort dat er tegen jou wordt gezegd. Je houdt een heel verhaal –of het nu over een belevenis gaat, of over informatie die je wilt verstrekken, of over wát dan ook dat je mee wilt delen- en de ander hoort maar een heel klein deel. Wel een tikje ontmoedigend, vind je niet? En trouwens, wie kent dat niet, dat frustrerende gevoel dat iemand niet echt naar je luistert? Je kunt het vaak al merken aan de manier waarop er naar je wordt gekeken wanneer je iets aan het vertellen bent, niet? 
Wat kunnen we doen om beter te leren luisteren? Misschien kijk je ervan op als ik zeg dat luisteren bij jezelf begint. Dat lijkt niet logisch, maar dat is het wel. Want voordat je echt naar een ander kunt luisteren, moet je eerst met jezelf aan de slag. Luisteren –in tegenstelling tot horen- moet je leren. Om te beginnen zou je een klein oefeningetje kunnen doen. Zoek een plekje, bij voorkeur buiten, en zet je oren open. Hoor wat er aan geluiden om je heen is. Een brij van geluiden. Nu de volgende stap: zet opnieuw je oren open, maar probeer de geluiden van elkaar te scheiden en te benoemen. Probeer de betreffende klanken te benoemen (wat is het en hoe klinkt het, schel, dof, welke “kleur”, aangenaam of niet, enzovoort) en kruip er als het ware helemaal in. Welk gebaar roept een bepaald geluid bij je op. Je kunt deze oefening heel goed doen bij wijze van meditatie, probeer het maar eens. 
En dan nu het gesprek. Concentratie is een belangrijk onderdeel van het echte luisteren, dat ook wel het “diepe” luisteren wordt genoemd. Je kunt je alleen maar echt concentreren als je je eigen “ruis” onderdrukt. Met iemand méédenken is niet hetzelfde als vóór iemand denken. Ons reactieve, associactieve denken leidt ertoe dat we de neiging hebben om iemands verhaal in gedachten onmiddellijk van een oordeel te voorzien, of er herkenning aan te beleven. Je laat je oordeel of je persoonlijke herinnering dan tussen het verhaal van de ander en jouw luisteren schuiven... en wég is je aandacht. Hooggevoelige mensen doen dat heel snel, immers we zijn vaak kritischer dan goed voor ons is want de neiging tot perfectionisme zorgt er al snel voor dat we ergens iets van vinden. Wie echt luistert, die vindt niets, die luistert alleen maar zonder oordelen. 
Voor het echte luisteren is het dus als eerste nodig dat je je kunt concentreren en dat je je gedachten terughoudt. Als tweede is het van belang dat je je inleeft in de ander (en dat kun je natuurlijk alleen maar wanneer je niet oordeelt). Je luistert belangstellend niet alleen naar de woorden die je bereiken (horen) maar je probeert door te dringen tot de kern van de boodschap die de ander je probeert over te brengen. Wat zegt hij werkelijk? Wat is de kern van het verhaal? Door op iemands houding te letten word je vaak al een heel stuk wijzer, maar ook de klank van de stem en de gezichtsuitdrukking spelen een grote rol. Denk eraan dat je in dit opzicht als empatische HSP’er een streepje voor hebt op de minder gevoelige mens. Doorgaans pikken we de nonverbale informatie automatisch op en staan we er niet bij stil. Het kan op zich een interssante oefening zijn om daar voor de verandering wél eens bij stil te staan. 
Wordt een verhaal naar jouw idee te lang en begin je het gevoel te krijgen dat je te veel informatie te verwerken krijgt (als HSP’er zit je hoofd al snel vol, en helemaal wanneer je toch al moe was, of gespannen), dan zul je, zonder de ander op een storende manier in de rede te vallen –bijvoorbeeld door te gaan verzitten-, te kennen moeten geven dat je even wilt recapituleren. Aan dat recapituleren, aan dat samenvatten, zitten twee kanten. Ten eerste kun je de spreker laten weten dat je echt naar hem hebt geluisterd en dat je hem ook echt hebt begrepen, maar voor jezelf heb je de perfecte gelegenheid om wat tijd in te bouwen en de verkregen informatie op een rijtje te zetten. Probeer, wanneer de andere een adempauze neemt, het maar eens met zinnetjes als: 'Even, wacht even, ik wil graag zien of ik alles goed snap. Volgens mij bedoelde je...' 
Dit samenvatten is belangrijker dan je wellicht zou vermoeden. Ga maar eens na bij jezelf wat er gebeurt wanneer je te veel informatie over je heen krijgt. Bij HSP’ers is de spons (veel) eerder vol dan bij niet HSP’ers. Als je niet meer kunt opnemen kun je alleen nog maar horen en niet meer luisteren. Je haakt af. Je gedachten dwalen af zonder dat je dat zelf in de gaten hebt. Niet alleen loop je op die manier mogelijk belangrijke informatie mis, maar de ander heeft meestal wel in de gaten dat je niet meer oplet, en dat kan, afhankelijk van de situatie, vervelende gevolgen hebben. Ook kan het mislopen van informatie, of het luisteren met een half oor (h-oren, dus) tot misverstanden en conflicten leiden. ´Maar ik héb je toch gezegd...’ ‘Nou, daar kan ik me niks van herinneren. Dat heb je vast gedroomd.’ Wanneer je de kern van de boodschap van een ander herhaalt (en je de ander de kans geeft om je eventueel te corrigeren) dan bewijs jezelf én de ander een dienst. 
Actief luisteren, “diep” luisteren, vereist veel concentratie. Je moet het bovendien echt willen. Actief luisteren betekent een bewuste inspanning. Je moet het je echt aanleren. Het is een innerlijke houding die gevoed wordt door de oprechte interesse in de andere mens. Alleen door actief en diep te luisteren kun je contact maken met degene die tegenover je zit. Het betekent jezelf vanuit je hart openen naar die ander toe, oordelen en kritiek achterwege houden, en opletten dat je gedachten niet afdwalen naar bijvoorbeeld eigen ervaringen. Het betekent de ander alle ruimte geven die hij of zij nodig heeft. 
Het kan gebeuren dat iemand je iets wil vertellen en je niet in staat bent om op dát moment te luisteren. Zég dat dan. Je hoeft niet bang te zijn dat die ander je dan niet (meer) aardig zal vinden. Maak een afspraak voor een moment dat je wél tijd hebt. ‘Ik wil graag de tijd nemen om goed naar je te luisteren. Die tijd heb ik nu niet. Kun je morgen? Hoe laat spreken we af? Dan heb ik een dik uur om alles van je te horen.’ (Grenzen stellen!) 
De ander in de rede vallen, afgezien dan van hem op het juiste moment te onderbreken om de boodschap samen te vatten of om een vraag te stellen die tot verduidelijking kan leiden, is geen goed idee. En al helemaal niet wanneer het iets zegt dat de boodschap van de ander ontkracht. ‘Ja, dat ken ik. Ik heb dat ook meegemaakt toen...’ ‘Je overdrijft, zo erg is dat helemaal niet.’ ‘Je moet positief zijn.’ ‘Onzin!’ Doe je dat, dan heb je kennelijk toch niet echt geluisterd... Denk eraan dat je alleen je mening geeft wanneer de ander daarom vraagt.

Nog even een paar punten op een rijtje:  
  • Luister met aandacht. Kijk de ander geïnteresseerd aan. Hou je eigen oordelen, meningen en commentaren terug. Sluit je af voor ruis van buiten (muziek, verkeersgeluiden, enz.). Let op de lichaamstaal van de spreker. 
  • Laat blijken dat je actief luistert door een open lichaamshouding aan te nemen en door zo af en toe te knikken of instemmende geluidjes te maken. 
  • Probeer echt te begrijpen wat de boodschap is door zo af en toe samen te vatten en je te laten corrigeren. Stel vragen wanneer je iets niet begrijpt, of wanneer je ergens verduidelijking over wilt. 
  • Val de spreker niet in de rede, en al helemaal niet met eigen oordelen en meningen. 
  • Geef alleen je mening wanneer daarom wordt gevraagd. En doe dat dan vooral met respect en begrip.
Nogmaals, diep luisteren is iets wat je moet leren, waar je bewust aan moet werken. Probeer het zo veel mogelijk te oefenen, niet alleen door het in praktijk te brengen, maar ook door aandachtig naar gesprekken van anderen te luisteren om ervan te leren. Denk ook eens terug aan gesprekken die je in het verleden had en waar je echt contact met een ander had, of haal je een gesprek voor de geest waar het helemaal mis ging omdat de sprekers een defensieve houding aannamen en er niet werd geluisterd. 
In de zomermaanden, tijdens de vakantie, hebben we meestal meer tijd voor elkaar dan wanneer we druk aan het werk zijn. Het is daarom een goede periode om eens met deze manier van luisteren te oefenen. Ik wens je veel diep luisterplezier en “inter-esse toe!

zondag 12 mei 2013

Hooggevoelig en 'nee zeggen'


Je moeder vraagt je om even een boodschapje te doen, je vriendin vraagt je om even op de kinderen te passen, je man vraagt je om even die knoopjes aan te naaien, je baas vraagt je om dat klusje nog even op te knappen... En zo heb je waarschijnlijk zo je eigen serie voorbeeldjes; het dagelijks leven is er immers vol van.

Je bent niet te beroerd om te helpen. Helemaal niet. Je bent immers HSP’er, en als HSP’er sta je doorgaans voortdurend in de starthouding om anderen te helpen. Sterker nog: we zien vaak al wat een ander nodig heeft voordat die ander dat zelf überhaupt nog maar in de gaten heeft. Ja, ja, de meeste HSP’ers zijn geboren “redders”.

Vaak gaat het bieden van de helpende hand goed en vinden we het fijn om de ander een plezier te doen. Maar het is je vast wel eens overkomen dat je weliswaar ja zegt, maar dat het toch niet goed voelt om iets voor die ander te doen. Je krijgt al snel spijt van je spontane aanbod, en je beseft dat je eigenlijk gewoon nee had moeten zeggen omdat je te moe was, omdat je juist van plan was om eens lekker weg te kruipen met een boek of omdat je dringend toe was aan een eindje lopen, of om wat voor reden dan ook.

Waarom is 'nee zeggen' vaak zo lastig?
Nee zeggen is lastig om een aantal redenen, en vaak spelen al die redenen tot op zekere hoogte een rol:
  • Je wilt helpen, je bent een helper en helpen is iets wat je automatisch doet. Helpen is immers iets positiefs.
  •  Iedereen wil graag aardig gevonden worden. Je gaat ervan uit dat je niet aardig gevonden zult worden als je nee zegt. Misschien is er een stemmetje in je achterhoofd dat fluistert dat 'nee zeggen' egoïstisch is.
  • Je durft geen nee te zeggen omdat je bang bent dat de ander boos zal worden en je kunt niet tegen conflicten.
  • Je weet niet hoe je nee kunt zeggen en je hebt al 'ja' gezegd voordat het zelfs maar bij je opkwam om 'nee' te zeggen; en voor je gevoel kun je dan niet meer terug.
  • Uit respect voor de ander, omdat je vindt dat die ander (bijvoorbeeld een ouder of een leraar) geen 'nee' verdient.
  • 'Ja' zeggen is de meest gemakkelijke optie. De ervaring heeft je geleerd dat 'nee' zeggen je een schuldgevoel bezorgt. Als HSP’er kan het dan goed zijn dat je, wanneer je toch 'nee' zegt, je jezelf 'straft”'omdat je niet bereid was een ander bij te staan.


Waarom 'nee zeggen'soms noodzakelijk is
Natuurlijk moet je niet altijd nee zeggen, helemaal niet. Ik denk bijna dat je in het leven vaker ergens 'ja' op moet zeggen dan niet. Alleen, het moet een vrije keuze zijn, het gevolg van een eerlijke afweging. Als HSP’er moet je je eigen grenzen (leren) kennen en (leren) bewaken. Wees eerlijk in je emoties. Wees eerlijk in je persoonlijke behoeften. Niemand is gebaat bij een jazegger met een zuur gezicht! Nee kunnen zeggen, iets af kunnen wijzen zonder je daarna schuldig te voelen maakt je vrij. Waarom is nee zeggen zo belangrijk?
  • Het levert respect op. Wie altijd maar ja zegt om aardig te worden gevonden krijgt naar alle waarschijnlijkheid het stempel van 'slijmerd' opgedrukt (en dat is dus helemaal niet hetzelfde als aardig gevonden worden). Duidelijkheid van jouw kant wordt alleen maar gewaardeerd en mensen gaan je zien als een onafhankelijk iemand met een eigen mening.
  • Beter minder vaak ja zeggen om iets met plezier en overgave te kunnen doen. Een goed uitgevoerde klus die op de afgesproken tijd klaar is, leidt ertoe dat mensen je als betrouwbaar gaan zien. Beperk je bij voorkeur tot dingen waar je goed in bent.
  • Met 'nee zeggen' kun je jezelf een hele hoop onnodige stress besparen. Het is onmogelijk om het iedereen naar de zin te maken zonder meer van je krachten te geven dan je weer aan kunt vullen. Een tekort aan krachten leidt onherroepelijk tot stress. Denk daarbij aan het voor HSP’ers niet te verontachtzamen belang van het opladen van de accu’s!


Hoe zeg je 'nee'?
Dat is natuurlijk de hamvraag. Het is inderdaad een kunst om op een goede, eenduidige en vriendelijke manier 'nee' te kunnen zeggen. Een vaag, onduidelijk 'nou, nee, liever niet' brengt je verder van huis; 'liever niet' is geen nee, ookal denk je misschien van wel. Onduidelijkheid kan juist tot misverstanden en conflicten leiden, iets dat je natuurlijk wilt voorkomen.

Het ligt uiteraard aan de omstandigheden en aan de vraag die je krijgt, maar hieronder volgen een aantal 'formules' die je op weg kunnen helpen. Denk eens aan een bepaalde situatie waarin je 'ja' hebt gezegd terwijl je veel en veel liever 'nee' had gezegd, en zoek de formule die bij die situatie past. Spreek hem dan eens een paar keer hardop uit om te kijken hoe het voelt. Het oefenen van dit soort formules helpt je om je meer zekerheid te krijgen en om eenduidig en overtuigend over te komen. Hier komen ze:
  • 'Wat leuk dat je aan me dacht, dank je wel, maar echt, het komt me op het moment niet uit. Ik zeg dus nee.'
  • 'Hé, dat is een leuk idee! Maar wat jammer dat ik op dat gebied zo weinig ervaring heb. Ik doe het niet, want ik heb mezelf beloofd om alleen dingen te doen waarvan ik zeker weet dat ik ze tot een goed einde breng.'
  • 'Oei, nou, ik weet niet. Het komt me niet helemaal eerlijk voor. Nee, daar laat ik me niet mee in.'
  • 'Goh, jammer. Ik had je graag willen helpen, maar het gaat niet want ik heb nog ander werk te doen. Het komt me werkelijk niet uit. Volgende keer beter.'
  • 'Daar vraag je me nogal wat. Zou je iets duidelijker kunnen zijn? Wat wil je precies dat ik voor je doe?' (Je kunt dan altijd nog ja of nee zeggen; het maken van een duidelijke afspraak is even belangrijk als het geven van een duidelijk antwoord).


En dan nog dit:
Er is een tussenoplossing voor degenen die het ondanks de formules nog te moeilijk vinden om ronduit nee te zeggen. Kun je om de een of andere reden niet onmiddellijk een keuze maken tussen ja of nee, ben je er voor jezelf niet uit of je een vraag wel of niet kunt honoreren, dan kan het volgende antwoord uitkomst bieden: 'Ik begrijp je vraag en ik begrijp je behoefte. Ik kan er nu, op dit moment geen antwoord op geven en ik wil er even over denken. Kom je er volgende week op terug?' In de meeste gevallen, dat zul je zien, komt de vrager er niet op terug omdat hij al een andere kandidaat of oplossing heeft gevonden.

Je zult ook situaties meemaken waarin 'nee zeggen' geen optie is. Dat kan bijvoorbeeld zijn wanneer je in een groep (werkploeg) zit die als geheel heeft besloten om ergens mee akkoord te gaan. Probeer dan in ieder geval duidelijk aan te geven tot op welke hoogte je bereid bent om mee te gaan; hou je aan je grenzen. Waak ervoor om je als vrijwilliger op te werpen (een typische HSP-valkuil!).

vrijdag 7 december 2012

Hooggevoelig en met hart en ziel liefhebben


‘De liefde zoeken is niet je taak; je taak is het zoeken naar, en wegnemen van alle, door je zelf opgeworpen innerlijke hindernissen die je het vinden ervan beletten.’ Rumi

Tot de vele pijnplekken die je als hooggevoelige mens kunt ervaren, behoort het feit dat velen zo intens veel van hun partner kunnen houden dat ze zich met “lichaam, ziel en geest” aan hem of haar geven. En dat intense, je met een ander verbonden voelen, hoeft niet eens beperkt te blijven tot liefdesrelaties, maar kan zich ook voordoen bij diepe vriendschappen of bij bepaalde familierelaties. Als zo’n relatie dan op een gegeven moment ophoudt of uit gaat dan kan dat ongelooflijk veel pijn doen. De positieve kant daarvan (want die is er gelukkig wel) is dat een dergelijke ervaring je innerlijk sterker en emotioneel onafhankelijker kan maken.

Binnen een van de HSP-groepen van facebook liep onlangs een interessante uitwisseling over dit tema, die begon met de volgende vraag: ‘Hoe komt het toch dat HSP’ers zo gevoelig zijn voor stemmingen van een ander, en dat dit zelfs ten koste van je eigenwaarde kan gaan?’ Een goede vraag waarin menigeen zich zal herkennen. Maria, van wie deze vraag afkomstig was, ging verder met te vertellen dat haar vriend,  in het begin van hun relatie, haar overlaadde met complimentjes en attenties en hij alles wat ze deed, dacht of zei even fantastisch vond. Na een poosje echter, namen zijn enthousiasme en steun beduidend af en gebeurde het steeds vaker dat hij kritiek leverde terwijl haar plannen en ideeën, die hij vroeger zo fantastich had gevonden, hem nu bespottelijk en infantiel voorkwamen.  Maria is zich ervan bewust hoe ze, bij elk van zijn negatieve reacties, steeds meer aan zichzelf gaat twijfelen, en ze voelt zich verdrietig en verraden. Ze zegt: ‘En het enige wat ik dan nog kan denken is dat het wel erg triest met mezelf gesteld is, want het is duidelijk dat ik mijn zelfbeeld, mijn gevoel voor eigenwaarde, volledig laat afhangen van hoe anderen mij zien. En als ik “anderen” zeg, dan bedoel ik diegenen die ik als mijn centrum beschouw, als mijn motor en mijn anker.’
Dat laatste is belangrijk, en helemaal als je HSP bent. Het gaat hier om twee thema’s waar de hooggevoelige mens nog al eens op minder aangename wijze mee te maken krijgt. Om te beginnen is dat het thema van het zelfbeeld dat, zoals je misschien wel weet, bij veel HSP’ers aan de zwakke kant is. (Klik voor artikelen waarin ‘zelfbeeld’ ter sprake komt). En ten tweede is er het feit (sterk samenhangend met dat zwakke zelfbeeld) dat hooggevoeligen nog al eens de neiging hebben zichzelf aan anderen ‘te schenken’, om zichzelf weg te cijferen.

Terugkerend naar de vraag van Maria, kunnen we stellen dat haar probleem rechtstreeks te maken heeft met dit schenken van jezelf, met het wegcijferen van wie je bent.  In plaats van voor jezelf te leven, leef je voor een ander. Je schenkt jezelf (je tijd, energie, je levenslust en mogelijk zelfs je geld) aan degene die je lief hebt. Waarschijnlijk ben je je er niet van bewust, maar wat er ondertussen gebeurt is dat je je zwakke zelfbeeld probeert te versterken met alles wat je ontvangt door je in dienst van die ander te stellen. Je teert als het ware op wie die ander is. (‘Kijk eens hoe goed ik ben, ik doe álles voor hem/haar!’) Of, om een beeld te gebruiken: je absorbeert de ander, je zuigt hem bij jezelf naar binnen, waardoor je hem automatisch gaat beschouwen als het middelpunt van je leven, als ‘je centrum, je motor en je anker.’

Je zou een zwak zelfbeeld kunnen zien als een innerlijke leegte, als een holte die gevuld zou moeten zijn met een gevoel van tevredenheid, met de aanvaarding van het prachtige wezen dat je bent. Leegtes willen gevuld worden, dat is nu eenmaal zo. Lukt het je om wat voor reden niet om die innerlijke leegte zelf te vullen, dan kun je je misschien voorstellen hoe je op zoek gaat naar anderen die dat voor je kunnen doen: je absorbeert anderen die je met hun liefde voor jou het gevoel kunnen geven dat je de moeite waard bent. En zeg nu zelf, hoe kun je zo iemand niet alles willen geven wanneer die iemand zich in jouw centrum, in jouw hart bevindt en daar volledig deel uitmaakt van jouw bestaan? De grenzen tussen jou en die ander zijn opgelost, zijn vervaagd; jullie zijn één. De versmelting van twee zielen, een prachtig en romantisch beeld dat jammergenoeg tot een ander tijdperk behoort en nu, in deze tijd van de ontwikkeling van het menselijk ego, niet langer haalbaar is.

Laten we eens kijken naar waarom zo’n mooie versmelting op den duur niet houdbaar is. Maria zei het zal: na een tijdje begon haar partner kritisch en onaardig te worden. Haar vriend, die door haar geabsorbeerd was, begint het benauwd te krijgen. Als jij HSP’er bent en je je in Maria’s woorden herkent, is het heel waarschijnlijk dat je vriend of je vriendin jouw voortdurende en niet-aflatende aandacht na een poosje als beklemming begint te ervaren.  Let wel, ik zeg niets over je bedoelingen die ongetwijfeld goed en zuiver zijn; ik kijk alleen maar even naar hoe je partner (al dan niet bewust) meer en meer het gevoel begint te krijgen dat hij bezig is zijn eigen identiteit te verliezen en dat hij zich misschien zelfs wel gemanipuleerd kan gaan voelen. Zo kan het bijvoorbeeld gebeuren dat hij op een dag zegt dat hij het weekend weg wil met zijn vrienden, en dat jij daar een probleem van maakt. Je vriend heeft het gevoel dat hij klem zit en zal misschien niet weggaan om jouw gevoelens te sparen. Maar een volgende keer gaat hij wèl, en dan voel jij je verraden…
En zo verging het ook Maria en haar vriend, die in het begin van hun relatie onafscheidelijk waren en alles samen deelden. Maria voelde zich gezien en bemind door haar partner die haar in alles steunde, maar op een gegeven moment vindt er schijnbaar zomaar opeens een omslag plaats en wordt hij kribbig en kritisch. Zij ervaart het als afgewezen worden, maar in werkelijkheid is het alleen maar dat haar vriend ineens “wakker wordt” en merkt dat hij zichzelf kwijt is: hij zet zich af om zijn eigen grenzen te kunnen hervinden die daarvoor met de jouwe waren versmolten. Hij had jouw leegte gevuld (en uiteindelijk vond hij dat aanvankelijk ook meer dan best, want wie heftig verliefd is, die slaapt een beetje, en wie vindt het nou niet heerlijk als iemand dag en nacht voor je klaarstaat…) maar merkt ineens dat hem dat benauwt omdat het ten koste van zijn eigen wezen gaat.

Een gezonde en evenwichtige relatie
Het zal duidelijk zijn dat een gezonde relatie gebaseerd moet zijn op wederzijdse liefde, maar liefde voor jezelf –blij zijn met wie je bent- is minstens even belangrijk. Tevreden zijn met de mens die je bent, met hoe je eruit ziet en met wat je hebt, zónder jezelf op een voetstuk te plaatsen, is gezond. Van jezelf houden betekent ook je grenzen en behoeften kennen en respecteren, innerlijk willen groeien en willen leren van wat de wereld (en vooral onze relaties met anderen) ons voorhoudt.  En natuurlijk is zo’n gezonde relatie ook alleen maar mogelijk zo lang je bereid bent de ander met al zijn goede en minder goede eigenschappen te accepteren.  En zo lang er van wederzijds vertrouwen sprake is; de ander vrij laten en de ruimte geven opdat hij of zij naar behoeven voor zichzelf kan zorgen en aan zijn behoeften tegemoet kan komen. En mocht het dan gebeuren dat de behoeften van de één een conflict opleveren met de grenzen en de behoeften van de ander, dan is het tijd voor een goed gesprek waarbij respect hoog in het vaandel staat.

Aandachtspunten voor de HSP’er
Om als HSP’er tot zo’n gezonde en evenwichtige relatie te kunnen komen zou het raadzaam kunnen zijn om eens naar de volgende (tere) punten te kijken. Mocht je hier en daar iets van je eigen situatie herkennen, misschien is het dan een goed idee om te kijken in hoeverre er iets te veranderen of te verbeteren valt. Praat met je partner om te zien hoe het staat met jullie gevoelens voor elkaar en met ieders behoeften.

  • Ben je hooggevoelig, kijk dan eens met extra aandacht naar het beeld dat je van je van jezelf hebt. Is dat zelfbeeld aan de zwakke kant (bij veel HSP’ers is dat zo) dan is dit misschien het moment om daar iets aan te doen. Er zijn talloze goede boeken op de markt, cursussen die zeer de moeite waard zijn en het internet is een uiterst bruikbare bron van informatie. Of wat dacht je van het inroepen van de hulp van een coach?
  • Kijk eens met een kritische blik naar je eigen gedrag en ga na of je hobby’s en/of vrienden/vriendinnen hebt laten schieten om je partner een plezier te doen; misschien zelfs zonder dat deze daarom heeft gevraagd. Stel jezelf de vraag of je je anders voordoet dan je in werkelijkheid bent om de man of vrouw te kunnen zijn die je (denkt dat) partner nodig heeft om gelukkig te kunnen zijn.
  • Luister ook eens naar dat innerlijke stemmetje om te zien in hoeverre bepaalde facetten van het gedrag van je partner je hinderlijk voorkomen, maar waarover je je mond houdt om een eventuele ruzie te vermijden. Ontdek je irritaties, probeer dan een manier te vinden om erover in gesprek te raken voordat de boel explodeert op een moment dat je dat totaal niet verwacht.
  • Hoe veel tijd besteed je aan jezelf en doe je iets waar je van binnen blij van wordt? En dan denk ik vooral aan activiteiten zoals het maken van een mooie wandeling, mediteren, schrijven, lezen, schilderen, muziek maken, pilates, tai-chi, yoga, enzovoort, die weldadig zijn voor de innerlijke verrijking, ‘voer voor de ziel.
  • En als laatste tip zou ik je willen voorstellen om je eens in alle ernst af te vragen of je misschien in een van de valkuilen van de HSP’er bent beland, de valkuil van jezelf op te offeren voor de andere mens in de zin van dat je hem of haar met de beste bedoelingen van de wereld elk klusje en elk eigen initiatief uit handen neemt. Ik begrijp heel goed dat je iemand graag wilt bewijzen dat je ontzettend veel van hem of haar houdt en dat je hem of haar het leven zo aangenaam mogelijk wilt maken, maar soms kun je daarin doorschieten en beroof je je geliefde van zijn of haar persoonlijke autonomie. Er zit ook een donker kantje aan dat soort gedrag: als je alles voor iemand doet, dan heb jij de touwtjes in handen en oefen je controle uit, en zou je wel eens, mogelijk zonder het te beseffen, manipulerend bezig kunnen zijn.
Herken je jezelf in dit gedrag, wees dan niet verbaasd als je relatie geen stand houdt, want niemand komt graag in de verdrukking. (Overigens komt het in zo’n geval vaak voor dat iemand roept: ‘…en dat na álles wat ik voor X heb gedaan!’ Precies, daarom dus.). Meer lezen over de rol van ‘redder.’
Lukt het je op positieve wijze met deze tips aan de slag te gaan, dan garandeer ik je dat je relaties een stuk succesvoller zullen zijn!

zondag 2 september 2012

Hooggevoeligheid en passieve agressie

Verreweg de meeste HSP’ers houden van rust en vrede. Vooral van vrede. Meningsverschillen en ruzies worden liever vermeden en voorkomen dan aangegaan. Verbaal (en uiteraard ook fysiek) geweld, vooral wanneer dat direct tegen de hooggevoelige is gericht, leiden er nog al eens toe dat de hooggevoelige mens dichtklapt en blokkeert. 
Wat is de verklaring voor zo’n emotionele blokkade? Stel je voor dat iemand boos op je is en tegen je begint te schreeuwen en te schelden. Je wordt uitgemaakt voor rotte vis en je krijgt beledigingen en verwijten naar je hoofd geslingerd. De luide stem en de nonverbale boodschappen die je te incasseren kijgt maken dat je schrikt, en wie schrikt krimpt innerlijk in elkaar. Door de schrik en de daarmee gepaard gaande paniek komt er een stoot adrenaline vrij, en iedereen weet zo ongeveer wel dat adrenaline een stresshormoon is dat de “vecht- of vluchtreactie” tot gevolg heeft. Afhankelijk van je karakter zul je aan het geweld willen ontsnappen of verlies je je zelfbeheersing en begin je terug te schreeuwen. Zowel het verlangen om weg te komen als de onbeheersbare neiging om je stem te verheffen zijn het resultaat van een innerlijke kortsluiting door een overmaat aan sensoriale input, mogelijk in combinatie met angst en het gevoel te worden aangevallen. 
De meeste HSP’ers slaan akuut dicht en zijn niet in staat om nog maar één woord uit te brengen. Ze voelen zich als verlamd. Een klein percentage hooggevoeligen reageert met terugschreeuwen. Hoewel die laatste reactie niet meteen een blokkade lijkt te zijn, is hij dat wel, aangezien de terugschreeuwende hooggevoelige net zomin tot coherente gedachten in staat is en goed kan luisteren naar wat hem precies wordt verweten als de HSP’er die zich volkomen verlamd voelt. 
Ik behoorde tot de groep van HSP’ers die dichtslaan. En niet alleen klapte ik dicht, ik voelde zelfs fysieke pijn wanneer er tegen me werd geschreeuwd. Dat was vóór ik van hooggevoeligheid had gehoord en ik er geen flauw idee van had dat ik een HSP’er ben. Ik dacht altijd dat de pijn die ik voelde het gevolg was van het feit dat ik pacifiste was (overigens, dat ben ik nog steeds). Maar intussen weet ik dat er heel iets anders aan de hand is: dat dichtslaan komt door die kortsluiting als gevolg van te veel sensoriale input en angst, en het heeft helemaal niets te maken met het feit dat ik tegen oorlog ben. Blokkeren komt zuiver en alleen door een te grote aanslag op de zintuigen en door angst. 
Iemand opzettelijk geen antwoord geven, iemand expres negeren is een van de meest gebruikte strategieën binnen wat passieve agressie word genoemd. Het lijkt onschuldig, maar het “slachtoffer”, degene die genegeerd wordt, ervaart het doodzwijgen duidelijk als een daad van agressie. Misschien is het je wel eens overkomen; dan weet je hoe erg het is. Ben je geblokkeerd geraakt op de manier zoals die hierboven is beschreven en ben je niet in staat om de persoon die tegen je tekeer gaat antwoord te geven, dan is het niet ondenkbaar dat diegene jouw zwijgen als een daad van agressie ervaart en nóg woedender wordt. 
Het is van belang om te begrijpen dat een ander niet kan weten wat er in ons omgaat, net zomin als wij met enige zekerheid kunnen weten wat een ander denkt of voelt. (Hou er rekening mee dat je intuitie niet betrouwbaar is wanneer je angstig of boos bent).  Daarom zullen we toch íets moeten zeggen, als is het maar om de ander te laten weten dat je nú niet op zijn verwijten kunt ingaan, maar dat je dit later (Over een uur? De volgede dag?) zult doen. Probeer zo specifiek zo mogelijk te zijn. Op die manier voelt de ander zich gehoord en gezien, weet hij waar hij aan toe is en kan hij er gerust op zijn dat het niet om een passief agressieve aanval van jouw kant gaat. Duidelijkheid zorgt voor kalmte. 
Hoe meer ik over dit gedrag nadacht en er met anderen over sprak, des te duidelijker het me werd dat er onder de hooggevoeligen toch wel sprake is van een zekere neiging tot het gebruik van passief-agressieve strategieën. Waarom? Als eerste omdat we geen heiligen zijn. Goed, we hebben onze morele waarden en daar zijn we trots op, en waarschijnlijk zijn we ook “goede” mensen en helpen we graag en waar we kunnen, maar dat wil niet zeggen dat we nóóit eens een moment zouden hebben waarop we niet van een ander zouden willen winnen, hem of haar de baas zouden willen zijn, of deze of gene niet eens een lesje zouden willen leren. (Heb je kinderen en geef je die wel eens straf wanneer ze weer eens zo “ontzettend klierig” zijn?)  Dáárom, én omdat, zoals we al zeiden, de meeste HSP’ers moeite hebben met ruzie en we graag een vriendelijke en aardige indruk willen maken. 

Over passieve agressie
Je zou kunnen zeggen dat passieve agressie een uiterst destructief gedragspatroon is waarbij de persoon de indruk wekt dat hij vriendelijk, toegeeflijk en behulpzaam is, terwijl hij in werkelijkheid de ander zo veel mogelijk dwars probeert te zitten. Het is een soort van wraakgedrag dat voortkomt uit (al dan niet bewust) onderdrukte woede. We zien het binnen relaties, tussen ouders en kinderen, op scholen, op het werk… kortom, overal waar mensen met elkaar in contact komen. We zien het onder hooggevoeligen, en bij mensen met een normale mate van gevoeligheid. Maar vergis je niet: de werking die van dit schijnbaar onschuldige gedrag uit gaat is absoluut vernietigend.  Mocht je iemand kennen die dit soort tactieken gebruikt, wees dan op je hoede. En mocht het zo zijn dat jij zo’n HSP’er bent die blokkeert en dan –omdat je niet anders kunt— ook gedrag van dit type vertoont, doe dan alsjeblieft je uiterste best om hier iets aan te veranderen, vooropgesteld dat je een ander niet onnodig pijn wilt doen.
Ik hamer er bij mijn cliënten altijd op hun eigen gedrag zorgvuldig te reviseren (en in dit geval zou je ook eens kritisch naar het gedrag van anderen moeten kijken). Soms bedienen we ons van strategieën waar ogenschijnlijk niks mis mee is, maar die toch een passief-agressief kantje hebben waardoor we minder aardig en empatisch over komen dan we willen.
Hier volgt een aantal voorbeelden van schijnbaar onschuldig en vredelievend gedrag dat in werkelijkheid alles behalve onschuldig, en bepaald gewelddadig is. 


‘Nee hoor, ik ben helemaal niet boos.’
Veel hooggevoeligen hebben de gewoonte hun boosheid te onderdrukken en er zijn dan ook heel wat HSP’ers die vinden dat woede negatief en slecht is. Daar komt bij dat boosheid een uiterst complexe emotie is waardoor je, juist als gevolg van die complexiteit, kunt blokkeren. Hou er rekening mee dat het negeren en het onderdrukken van de woede die je voelt, juist geldt als het meest voorkomende, klassieke passief-agressieve gedrag. Ontkennen dat je boos bent terwijl de stoom uit je oren spuit staat gelijk aan een leugen; het conflict gaat er niet van over, het wordt er alleen maar groter op.


‘Je gaat je gang maar. Doe wat je niet laten kunt.’
Mokken en je emotioneel terugtrekken is nog zo’n klassieke strategie binnen het scala van de passieve agressie. Het betreft een indirecte uiting van woede waarmee je de deur tot een open en eerlijke dialoog  stevig dicht gooit. Ook hier kan de emotionele blokkade in het spel zijn, evenals het onvermogen –vaak uit angst— de woede toe te laten en te uiten. Als je deze zinnetjes van jezelf kent, raad ik je aan eens bij jezelf na te gaan op welke momenten je ze gebruikte en wat je intentie erbij was.


‘Ik kom eraan…’
Zeggen dat je iets doet en het vervolgens niet doen, hoort ook thuis in het rijtje strategieën van passief agressief gedrag. Het is een halve waarheid, een leugen dus eigenlijk, die rechtstreeks van invloed is op de levenssfeer van de person die je hulp of je aandacht nodig heeft. Je creëert een machtssituatie met een subtiele, quasi passieve ondertoon. Bij dit zinnetje hoort nog een tweede: ‘O, ik wist niet dat je nu metéén bedoelde.’  Mocht je nog twijfelen aan de enorme agressieve lading van deze twee uitspraken, probeer je dan maar eens te herinneren of iemand ze ooit tegen jou heeft gebruikt, en zo ja, hoe je je toen voelde.

‘O, maar jij wilt het ook altijd zó perfect!’
Wanneer uitstellen of rekken geen optie is, dan heeft de passief-agressieve persoon nog een troef achter de hand. Hij doet dan wèl wat er van hem gevraagd wordt, maar hij doet dat dan slecht en ver beneden de maat, of tergend langzaam. Je kunt denken aan een leerling die zijn huiswerk halfslachtig heeft gemaakt, of aan een huisgenoot die je “helpt” met boodschappen doen en dan juist nèt datgene “vergeet” waar je om zit te springen, of dat er meer wordt uitgegeven dan de afspraak was. Wat we zien is dat de person de afspraak wèl nakomt (hij bedoelt het schijnbaar goed) maar hij doet opzettelijk iets verkeerd. Wanneer de ander hem dan ter verantwoording roept, verschuilt hij zich achter het zogenaamde perfectionisme van de ander.


‘Ik dacht dat je het wist.’
Een verhaal vertellen maar een belangrijk onderdeel daarvan verzwijgen is nog zo’n typisch passief-agressieve tactiek. Het spreekt bijna vanzelf dat het weggelaten deel van het verslag juist dát stuk is dat tot problemen zou kunnen leiden.  Dit is een strategie die veel HSP’ers bekend zal voorkomen juist omdat, zoals we al zagen, hooggevoelige mensen veelal huiverig zijn voor ruzies en conflicten. Ik kan niet nalaten om het nog maar eens te zeggen: een problem verdwijnt niet door het te verzwijgen, integendeel, het wordt er juist groter op.


‘Het was maar een grapje.’
Sarcasme is de laatste strategie die ik hier wil noemen. Hierbij geeft de spreker hardop uiting aan zijn ergernis, maar in plaats van dat op een eerlijke, zuivere manier te doen, doet hij het op indirecte en sociaal aanvaardbare wijze.  Maakt zijn ‘tegenstander’ vervolgens een gekwetste en beledigde indruk, dan trekt de ‘aanvaller’ onmiddellijk het boetekleed aan en zegt, op zijn beurt diep gekwetst, iets in de trant van: ‘Goh, ik wist niet dat je geen gevoel voor humor hebt.’


Ik hoop dat deze voorbeelden voldoende verhelderend zijn om je een duidelijk beeld te geven van een sort gedrag waar ogenschijnlijk niets op aan te merken is maar waarvan, onder de oppervlakte, een hele nare en ongrijpbare agressieve werking uit gaat die onvermijdelijk tot conflicten leidt. Ik zei het al en ik zeg het nog maar eens: het is bijzonder destructief gedrag. Als coach, maar ook op persoonlijke titel, kan ik niet voldoende aandringen op de noodzaak onze intenties en ons gedrag regelmatig en met de grootste oprechtheid onder de loep te nemen om na te gaan of we altijd wel echt zo zuiver en moreel zijn als we graag zouden willen.