Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label behoeftes. Alle posts tonen
Posts tonen met het label behoeftes. Alle posts tonen

dinsdag 18 maart 2014

Hooggevoelig en emotionele afhankelijkheid

Nog een paar dagen en het is zover, de equinox en het officiële begin van de lente. De dagen zijn alweer flink aan het lengen, voorjaarsbloemen bloeien volop en de lucht heeft een levendige, haast borrelende en kwaliteit.  
Lente staat gelijk aan een nieuw begin, en het is geen toeval dat veel mensen juist in het voorjaar verliefd worden. Verliefd worden heeft iets van jezelf uit te willen breiden, van meer ruimte in willen nemen en een ander mens in die ruimte te betrekken. We zien expansie in de ontluikende natuur, en in zekere zin dus ook in de mensen. Doe je ogen maar eens even dicht en probeer dat gevoel van verliefd zijn in je op te roepen; merk je hoe je daarbij als het ware “uitzet”? 
Verliefd zijn is heerlijk, daar zijn de meeste mensen het wel over eens. Maar voor HSP’ers betekent verliefd zijn nog al eens het betreden van een terrein vol valkuilen. De meeste van die valkuilen hebben direct te maken met dat gevoel van uitzetten, met die expansie. 
Wanneer je “uitzet” word je groter. Je gevoelsantennes (in die zin is de metafoor van Cupido’s pijlen absoluut geniaal) worden langer en reiken in en om de man of de vrouw op wie je verliefd bent. Er zijn mensen die dat ook echt kunnen zien. Dit uitzetten en groeien van je gevoelsantennes geldt voor iedereen, maar als HSP’er is het bijna altijd een feit dat je je daarbij zozeer naar buiten, op die ander richt, dat je jezelf en je eigen behoeften al snel helemaal vergeet. In plaats van gewoon voor jezelf te blijven zorgen, richt je je meer en meer naar die ander. Als X maar gelukkig is, dan ben ik het ook, is je motto. Je geeft gul van je tijd, van je energie, van je hart en misschien zelfs ook nog wel van je wereldse bezit. 
En zo kan het gebeuren dat je een poosje heerlijk verliefd bent en je jezelf oplaadt aan het genot en het innig gelukkig en tevreden zijn van je partner. Bij het zien van je gelukkige geliefde heb je het heerlijke, “uitgezette” gevoel dat jullie werkelijk iets heel bijzonders hebben samen. Je let er voortdurend op dat hij of zij niets te kort komt, dat hij of zij zich in alle opzichten bemind weet... geen enkele behoefte van hem of haar ontsnapt er aan je aandacht. Vooral dat laatste is iets waar HSP’ers een “extra oog” voor lijken te hebben. Je hoeft maar even aan hem of haar te merken dat er iets nodig is, dat hij of zij niet helemaal 100% gelukkig is, en je weet niet hoe snel je dat door jou gesignaleerde (en misschien zelfs wel denkbeeldige) tekort weer aan moet vullen. Je houdt ervan hem of haar te vertroetelen en te verwennen, is het niet? En als je partner je dan met een kus, een glimlachje, een lief woordje of een gebaar laat blijken dat hij je dankbaar is, dan kun je je geluk niet op. Er wordt van je gehouden! 
Beetje bij beetje sluipt de routine jullie relatie binnen; het logische gevolg van het feit dat jullie elkaar steeds beter leren kennen. En terwijl jij, de HSP’er, je altijd nog braaf  blijft opofferen voor je lief om hem voortdurend te laten blijken dat je er helemaal voor hem bent, is het niet ondenkbaar dat hij gewenningsverschijnselen is gaan vertonen en jou steeds minder vaak laat blijken dat hij van je houdt. Maar omdat jij vanuit een diepe onzekerheid die signalen, die blijken van liefde nodig hebt, kan het zijn dat je je nóg meer gaat uitsloven om alsnog dat kusje, dat glimlachje of dat lieve woordje te kunnen oogsten. 
Weet je nog van de saboteurs? Nou, één ding waar saboteurs dól op zijn, dat is twijfel en onzekerheid. ‘In het begin gaf hij me altijd een kus wanneer ik hem koffie bracht. Gisteren deed hij dat niet, en vandaag alweer niet. Zou hij niet meer van me houden?’, ‘Hij is zomaar naar zijn werk gegaan, zonder afscheid te nemen. Hij is vast boos.’ Betrap je jezelf op dit soort gedachten, dan kun je er van op aan dat de Onzekerheid en de Twijfel zich in je hart hebben genesteld. En dat kan, zonder dat je het zelf beseft, het begin zijn van wat we emotionele afhankelijkheid noemen. 
Emotionele afhankelijkheid ontstaat wanneer we ons eigen geluksgevoel laten afhangen van het geluksgevoel van onze partner. Misschien vind je het niet leuk om dit te moeten horen, maar zo lang je je emotionele welzijn laat afhangen van je omgeving –zoals bijvoorbeeld van blijken van genegenheid van je geliefde- zul je je nooit blijvend gelukkig, innig tevreden of dankbaar kunnen voelen. En dat is nog niet eens het enige, want ben je namelijk voortdurend op je omgeving gefocust, dan raak je na enige tijd uitgeput en gestresst. En je partner? Nou, misschien geloof je me niet, maar het is meer dan waarschijnlijk dat je partner op een gegeven moment schoon genoeg krijgt van je eeuwige gezorg en aanhoudende bezorgdheid. Hij zal het er benauwd van krijgen en hij zal steeds meer afstand gaan nemen. En wanneer hij dan uiteindelijk een streep onder de relatie zet, zit jij zonder partner en met een enorm verdriet, met een enorme innerlijke leegte, met een gapende afgrond in je hart. 
Ik weet precies hoe het voelt, want ik ken deze emotionele afhankelijkheid en de rest van het verhaal uit eigen ervaring. Ik heb het niet één keer meegemaakt, maar meerdere keren. Ik begreep niet waarom mijn relaties kapot gingen; ik deed immers telkens alles wat je volgens mij geacht werd te doen wanneer je je leven met iemand deelde. Ik was een kei in mezelf opofferen en mezelf wegcijferen. Intussen ben ik er echter wel achter dat de beste manier om een relatie om zeep te helpen het bovenstaande patroon is: jezelf wegcijferen, dag en nacht klaarstaan voor je lief, je eigen hobby’s en vrienden opgeven en besluiten dat al die dingen, die waarden waar je voorheen voor stond, eigenlijk toch maar onzin zijn omdat je lief er andere ideeën op na houdt, en die je dan dus ook tot jouw ideeën maakt. 
Alleen dan wanneer je je jezelf blijft, wanneer je niet opgeeft wie je bent, alleen dán kun je uit vrijheid iemand liefhebben. Wie zich aanpast aan de (vaak imaginaire) behoeften van de ander, offert zijn Ik, zijn identiteit. Wanneer je datgene dat je maakt tot wie je bent cadeau doet aan een ander, is het alleen maar logisch dat je afhankelijk van die ander wordt. Immers, je gaat varen op de kracht van die ander! Wil die ander jou niet meer, dan is het een enorme klus om jezelf weer terug te vinden. Let wel, ik zeg dus niet dat delen met een ander verkeerd zou zijn, of dat je een ander niet zou moeten vertroetelen. Ik zeg alleen dat je, wanneer je daarvoor kiest, je dat moet doen omdat je daar uit vrijheid toe hebt besloten en niet omdat je zonder kusjes, lieve woordjes en knuffels ‘als vanzelfsprekend’ gaat twijfelen aan de liefde van je partner.
  
Hoe kun je weten of je in de valkuil van de emotionele afhankelijkheid bent beland? 
  • Je vrienden en familieleden klagen erover dat je geen tijd meer voor ze hebt. 
  • Voorheen deed je dingen voor jezelf; je had je eigen hobby’s. In plaats daarvan deel je nu de hobby’s van je partner.  
  • Je betrapt jezelf steeds vaker op gedachten in de trant van ‘Houdt hij niet meer van me?’, ‘Hij doet zo raar; heb ik misschien iets gedaan waar hij boos om is?’ ‘Vindt hij me nog wel aantrekkelijk?’ 
  • Er gaan je steeds meer dingen opvallen aan het gedrag van je partner die je eigenlijk helemaal niet prettig vindt, maar je durft er niets van te zeggen uit angst voor ruzie en het risico dat hij het uit zal maken (je allergrootste angst). 
  • Je verzint voortdurend smoezen voor de facetten aan het gedrag van je partner die je niet aanstaan –je probeert alles goed te praten- en voor het feit dat je jezelf altijd maar blijft opofferen voor hem.

  
Wat kun je doen om de vicieuze cirkel van de afhankelijkheid te doorbreken? 
  • Inzien dat je smoezen in werkelijkheid uitvluchten zijn en dat je in de valkuil van emotionele afhankelijkheid bent beland. 
  • Aan je zelfbeeld gaan werken. Dat kun je alleen doen (er is erg veel literatuur over het thema) of in workshops, of je zou de hulp kunnen inschakelen van een therapeut of een coach. 
  • Opnieuw contact leggen met je vrienden van vroeger en weer leuke dingen samen doen. Neem vooral ook je eigen hobby’s weer op. 
  • Leer alleen te zijn. Ontdek hoe je zélf invulling kunt geven aan je tijd. 
  • Neem bewust de beslissing dat je geen slachtoffer bent. Je kunt ervoor kiezen om positief en proactief in het leven te staan.


Een  goede relatie kenmerkt zich door een gezond evenwicht tussen geven en ontvangen. Om dat te bereiken is het van het allergrootste belang dat elke partner waakt over het behoud van zijn eigen identiteit. Dat betekent onder andere het behoud van je eigen contacten met familie en vrienden en het blijven uitoefenen van je eigen hobby’s... Delen? Natuurlijk! En zo veel mogelijk, maar niet jezelf opofferen, en jezelf en alles wie en wat je bent, alles wat je hebt, wegschenken. Geven en delen vanuit een waarachtige beleving van liefde en altijd uit vrijheid, omdat je er bewust elke keer weer voor kiest.

En wil je meer weten over de valkuilen van de HSP'er in de relatie, wil je weten waar je voor moet waken en wat je kunt doen wanneer je erin beland bent, dan raad ik je van harte mijn boekje aan... 

dinsdag 18 februari 2014

Hooggevoelig in de relatie: opruimwoede

‘Mijn vrouw snapt het niet, en dat kan ík weer niet begrijpen. Ik wil gewoon dat het opgeruimd is in huis. Zij zegt dan, dat is het toch, maar dat is het niet. Het is nooit opgeruimd. Echt, ik kan er niet meer tegen.’ 
‘Nooit?’ herhaal ik. ‘En je kunt er niet meer tegen, zeg je? Kun je er misschien iets meer over vertellen?’ 
‘Nou, als ik thuiskom van een lange dag werken en dan de krant en een stel boeken op de grond zie liggen, en het speelgoed van de kinderen, kledingstukken die rondslingeren, ja, dan ben ik op slag verschrikkelijk geïrriteerd. En die afwas op het aanrecht. Ze heeft een afwasmachine! Ik beleef het als een enorme bende, maar zij vindt het heel normaal en het stoort haar niet. Weet je wat ze zegt? We wonen in een huis en niet in een museum!’ 
Ik zeg niets. Mijn cliënt slaakt een diepe zucht. ‘Als het niet opgeruimd is, dan kan ik me niet ontspannen. Ik begin als een gek alles op te rapen, op te ruimen, de vuile boel in de vaatwasmachine te laden. Marjan vat dat altijd op als kritiek, weet je? En, oké, ergens heeft ze ook wel gelijk, hoor. Wanneer ik zo als een tornado door het huis ga, dan zit er wel iets achter van Kijk, dit bedoel ik, zo wil ik het hebben, zo hoort het. Eigenlijk, dat bedenk ik nu ineens, wil ik ook dat ze zich rot voelt, dat ze inziet dat ze het niet goed doet... gek is dat; dat had ik me nog nooit zo gerealiseerd. We maken veel te vaak ruzie om dit soort stomme dingen. Zij maakt me dan uit voor perfectionist, en ik haar voor sloddervos.’ Hij lacht kort. ‘Een soort van welles-nietesspelletje...’ 
‘Is dat altijd al zo gegaan tussen jullie?’ wil ik weten. 
Pieter kijkt me aan en ik zie dat mijn vraag hem verbaast. Grappig eigenlijk, want het is toch een redelijk normale vraag. Het lijkt wel alsof hij helemaal vergeten is hoe het vroeger was tussen hen, toen ze pas samen waren, zonder kinderen, zonder de drie honden en de kat die ze nu hebben... een tijd dat er niet altijd zo’n bende in huis was, en áls die er al was, dat hij er geen last van had. Ik vraag hem of er, afgezien van die nieuwe huisgenoten, misschien nog meer dingen zijn veranderd. 
Ja hoor, natuurlijk zijn er dingen veranderd, vertelt hij. Toen ze trouwden hadden ze alle twee een baan, was er geld in overvloed en woonden ze bovendien heel idyllisch in een huisje buiten. Goed, ze maakten lange dagen, maar hun leven voelde toch als vrij en ontspannen. Ze hadden tijd om van elkaar en hun samenzijn te genieten, ze maakten vaak uitstapjes en werkten met plezier in de tuin... Terwijl Pieter me dit alles vertelt zie ik zijn gezicht, zijn hele houding veranderen, en aan de glinstering in zijn blik zie ik dat hij zich in die tijd echt gelukkig voelde. 
Tot hier het verhaal van Pieter. Ben je hooggevoelig en heb je tot aan hier gelezen, dan herken je jezelf waarschijnlijk in thema’s als stress en perfectionisme. Wat ik daarnaast opvallend vind aan Pieters relaas, is zijn bekentenis dat hij wil dat zijn vrouw ‘zich rot voelt.’ Dat hij haar als het ware met zijn gedrag wil straffen. Dat is een uitstekend voorbeeld van wat we passieve agressie noemen... Jij zit emotioneel niet lekker in je vel, je weet niet precies waarom en je wilt een ander ervoor laten ‘boeten.’ Die ander is dan meestal een partner, een kind of, dat zie ik ook wel, een ouder. 
  
Drie dingen
Het voorbeeld  van Pieter gaat in feite over drie dingen, drie thema’s, die verband houden met elkaar. Ik schreef al eerder over elk van de drie afzonderlijk, maar in dit artikel gaat het me om de combinatie. 
1.   Perfectionisme: Het overgrote merendeel van de hooggevoelige mensen neigt tot perfectionisme. De HSP’er pikt relatief heel veel informatie op en beschikt daardoor over een groot referentiekader dat hem onmiddellijk ‘fouten’ doet opmerken. Ik zet dat tussen aanhalingsrekens omdat het doorgaans een op een subjectieve mening gebaseerd oordeel betreft. Het perfectionisme en de (haast) onbedwingbare impuls om ‘fouten’ te corrigeren gaan licht met de HSP’er aan de haal: hoe gestresster de HSP’er is, hoe sneller hij in de greep van zo’n correctiedwang terecht komt. 
2.   Stress: Hoe gestresster iemand is, des te groter zijn behoefte aan ‘volmaaktheid’; we zien een toenemende behoefte aan controleren, aan het beheersen van de omgeving. Wie gestresst is raakt het contact met zijn Ik kwijt waardoor de gevoelens een eigen leven gaan leiden en onbeheersbaar worden. Zodra je al dan niet bewust in de gaten krijgt dat je de controle over jezelf kwijt bent, zul je proberen om die weer terug te krijgen. Wat je dan nog al eens ziet gebeuren is dat je die controle niet terug probeert te krijgen door je eigen Ik tot de orde te roepen (die is dan vaak al te ver ontsnapt) maar door de omgeving tot orde te brengen. Dus, in plaats van ‘ik beheers me’ krijg je iets van ‘doe wat ik zeg en het komt goed.’ Pieter denkt op dat moment werkelijk dat hij zich beter zal voelen wanneer zijn huis weer netjes is. Zijn vrouw is dan verantwoordelijk voor het feit dat hij zich rot voelt en zijn boodschap is: ‘Ik voel me rot, ik ben moe en gestresst, ik wil rust, ik wil orde; jij hebt –weer- niet opgeruimd, en daardoor voel ik me nóg ellendiger.’ 
3.   Passieve agressie: Je doet iets om een ander te straffen. In dit voorbeeld gaat Pieter als een soort van witte tornado door het huis om zijn vrouw duidelijk te maken dat zij niet deugt, om haar te straffen. Hij wil dat ze het gevoel krijgt dat ze niet deugt als vrouw, dat ze te kort schiet als echtgenote en vrouw des huizes. Pieter gebruikt geen lichamelijk geweld en hij zegt geen woord. Hij zegt niet wat hij denkt, hij zegt niet wat hij voelt. Hij beschuldigt haar nergens van, althans niet met woorden. Nee, hij beschuldigt haar door middel van zijn schijnbaar onpersoonlijke optreden, maar daarbij vuurt hij onophoudelijk pijlen af op zijn vrouw. En als zij haar schouders ophaalt en hem gewoon zijn gang laat gaan, dan valt dat verkeerd; en als zij opstaat om mee te helpen opruimen, dan valt dat óók verkeerd. Het is een situatie die, als er niet over wordt gesproken, steevast ontaardt in een fikse ruzie. 
In de coachingssessie met Pieter wordt duidelijk hoe enorm destructief zijn optreden is. Hij weet bij nader inzien ook héél goed dat de rommel in zijn huis en het wel of niet opruimen ervan door zijn vrouw niets te maken heeft met het feit of hij zich nu wel of niet prettig voelt. Hij geeft zelfs toe dat het met die ‘bende’ bij hem thuis eigenlijk reuze meevalt, en dat het uiteindelijk alleen maar om een krant en wat kinderspeelgoed op de vloer, en een paar gebruikte theekopjes gaat. Pieter is hooggevoelig, hij heeft een hele zware baan en hij had al een paar weken niet meer de tijd genomen om echt te ontspannen, om eens lekker het bos in te gaan, om in de tuin te werken en om gewoon eens lekker een boek te lezen. Op tijd naar bed gaan en voldoende slapen was er al lang niet meer bij. Hij realiseerde zich dat hij zijn behoeften helemaal uit het oog was verloren en dat hij naar de omgeving toe onduidelijke boodschappen had gegeven. 
Nadat we nog eens met nieuwe aandacht naar zijn lijstje van persoonlijke behoeften hadden gekeken, en naar wat hij zelf kan doen om ervoor te zorgen dat die ook gehonoreerd worden (dus zelf pro-actief bezig te zijn in plaats van zijn vrouw van alles te verwijten) voelde hij zich meteen al een heel stuk beter. We zagen dan ook hoe je, wanneer je eenmaal wordt weggezogen in een spiraal van stress, makkelijk vergeet wat je nodig hebt en wat goed voor je is. Het is alsof je, al naar gelang het toenemen van de stress, een groeiende blinde vlek ontwikkelt die ervoor zorgt dat je steeds minder zicht en greep krijgt op je eigen Ik. 
Het kan voldoende zijn om eens rustig te gaan zitten, je behoeften vast te stellen en in overeenstemming daarmee te handelen. Soms kun je dat heel goed alleen, soms is het lastig om dat zelf te doen en kan het een goed idee zijn om de hulp van een coach in te schakelen. Als coach die gespecialiseerd is in de problematiek van de hooggevoelige mens,  wil ik je daar graag bij helpen (ook vía skype).

vrijdag 7 december 2012

Hooggevoelig en met hart en ziel liefhebben


‘De liefde zoeken is niet je taak; je taak is het zoeken naar, en wegnemen van alle, door je zelf opgeworpen innerlijke hindernissen die je het vinden ervan beletten.’ Rumi

Tot de vele pijnplekken die je als hooggevoelige mens kunt ervaren, behoort het feit dat velen zo intens veel van hun partner kunnen houden dat ze zich met “lichaam, ziel en geest” aan hem of haar geven. En dat intense, je met een ander verbonden voelen, hoeft niet eens beperkt te blijven tot liefdesrelaties, maar kan zich ook voordoen bij diepe vriendschappen of bij bepaalde familierelaties. Als zo’n relatie dan op een gegeven moment ophoudt of uit gaat dan kan dat ongelooflijk veel pijn doen. De positieve kant daarvan (want die is er gelukkig wel) is dat een dergelijke ervaring je innerlijk sterker en emotioneel onafhankelijker kan maken.

Binnen een van de HSP-groepen van facebook liep onlangs een interessante uitwisseling over dit tema, die begon met de volgende vraag: ‘Hoe komt het toch dat HSP’ers zo gevoelig zijn voor stemmingen van een ander, en dat dit zelfs ten koste van je eigenwaarde kan gaan?’ Een goede vraag waarin menigeen zich zal herkennen. Maria, van wie deze vraag afkomstig was, ging verder met te vertellen dat haar vriend,  in het begin van hun relatie, haar overlaadde met complimentjes en attenties en hij alles wat ze deed, dacht of zei even fantastisch vond. Na een poosje echter, namen zijn enthousiasme en steun beduidend af en gebeurde het steeds vaker dat hij kritiek leverde terwijl haar plannen en ideeën, die hij vroeger zo fantastich had gevonden, hem nu bespottelijk en infantiel voorkwamen.  Maria is zich ervan bewust hoe ze, bij elk van zijn negatieve reacties, steeds meer aan zichzelf gaat twijfelen, en ze voelt zich verdrietig en verraden. Ze zegt: ‘En het enige wat ik dan nog kan denken is dat het wel erg triest met mezelf gesteld is, want het is duidelijk dat ik mijn zelfbeeld, mijn gevoel voor eigenwaarde, volledig laat afhangen van hoe anderen mij zien. En als ik “anderen” zeg, dan bedoel ik diegenen die ik als mijn centrum beschouw, als mijn motor en mijn anker.’
Dat laatste is belangrijk, en helemaal als je HSP bent. Het gaat hier om twee thema’s waar de hooggevoelige mens nog al eens op minder aangename wijze mee te maken krijgt. Om te beginnen is dat het thema van het zelfbeeld dat, zoals je misschien wel weet, bij veel HSP’ers aan de zwakke kant is. (Klik voor artikelen waarin ‘zelfbeeld’ ter sprake komt). En ten tweede is er het feit (sterk samenhangend met dat zwakke zelfbeeld) dat hooggevoeligen nog al eens de neiging hebben zichzelf aan anderen ‘te schenken’, om zichzelf weg te cijferen.

Terugkerend naar de vraag van Maria, kunnen we stellen dat haar probleem rechtstreeks te maken heeft met dit schenken van jezelf, met het wegcijferen van wie je bent.  In plaats van voor jezelf te leven, leef je voor een ander. Je schenkt jezelf (je tijd, energie, je levenslust en mogelijk zelfs je geld) aan degene die je lief hebt. Waarschijnlijk ben je je er niet van bewust, maar wat er ondertussen gebeurt is dat je je zwakke zelfbeeld probeert te versterken met alles wat je ontvangt door je in dienst van die ander te stellen. Je teert als het ware op wie die ander is. (‘Kijk eens hoe goed ik ben, ik doe álles voor hem/haar!’) Of, om een beeld te gebruiken: je absorbeert de ander, je zuigt hem bij jezelf naar binnen, waardoor je hem automatisch gaat beschouwen als het middelpunt van je leven, als ‘je centrum, je motor en je anker.’

Je zou een zwak zelfbeeld kunnen zien als een innerlijke leegte, als een holte die gevuld zou moeten zijn met een gevoel van tevredenheid, met de aanvaarding van het prachtige wezen dat je bent. Leegtes willen gevuld worden, dat is nu eenmaal zo. Lukt het je om wat voor reden niet om die innerlijke leegte zelf te vullen, dan kun je je misschien voorstellen hoe je op zoek gaat naar anderen die dat voor je kunnen doen: je absorbeert anderen die je met hun liefde voor jou het gevoel kunnen geven dat je de moeite waard bent. En zeg nu zelf, hoe kun je zo iemand niet alles willen geven wanneer die iemand zich in jouw centrum, in jouw hart bevindt en daar volledig deel uitmaakt van jouw bestaan? De grenzen tussen jou en die ander zijn opgelost, zijn vervaagd; jullie zijn één. De versmelting van twee zielen, een prachtig en romantisch beeld dat jammergenoeg tot een ander tijdperk behoort en nu, in deze tijd van de ontwikkeling van het menselijk ego, niet langer haalbaar is.

Laten we eens kijken naar waarom zo’n mooie versmelting op den duur niet houdbaar is. Maria zei het zal: na een tijdje begon haar partner kritisch en onaardig te worden. Haar vriend, die door haar geabsorbeerd was, begint het benauwd te krijgen. Als jij HSP’er bent en je je in Maria’s woorden herkent, is het heel waarschijnlijk dat je vriend of je vriendin jouw voortdurende en niet-aflatende aandacht na een poosje als beklemming begint te ervaren.  Let wel, ik zeg niets over je bedoelingen die ongetwijfeld goed en zuiver zijn; ik kijk alleen maar even naar hoe je partner (al dan niet bewust) meer en meer het gevoel begint te krijgen dat hij bezig is zijn eigen identiteit te verliezen en dat hij zich misschien zelfs wel gemanipuleerd kan gaan voelen. Zo kan het bijvoorbeeld gebeuren dat hij op een dag zegt dat hij het weekend weg wil met zijn vrienden, en dat jij daar een probleem van maakt. Je vriend heeft het gevoel dat hij klem zit en zal misschien niet weggaan om jouw gevoelens te sparen. Maar een volgende keer gaat hij wèl, en dan voel jij je verraden…
En zo verging het ook Maria en haar vriend, die in het begin van hun relatie onafscheidelijk waren en alles samen deelden. Maria voelde zich gezien en bemind door haar partner die haar in alles steunde, maar op een gegeven moment vindt er schijnbaar zomaar opeens een omslag plaats en wordt hij kribbig en kritisch. Zij ervaart het als afgewezen worden, maar in werkelijkheid is het alleen maar dat haar vriend ineens “wakker wordt” en merkt dat hij zichzelf kwijt is: hij zet zich af om zijn eigen grenzen te kunnen hervinden die daarvoor met de jouwe waren versmolten. Hij had jouw leegte gevuld (en uiteindelijk vond hij dat aanvankelijk ook meer dan best, want wie heftig verliefd is, die slaapt een beetje, en wie vindt het nou niet heerlijk als iemand dag en nacht voor je klaarstaat…) maar merkt ineens dat hem dat benauwt omdat het ten koste van zijn eigen wezen gaat.

Een gezonde en evenwichtige relatie
Het zal duidelijk zijn dat een gezonde relatie gebaseerd moet zijn op wederzijdse liefde, maar liefde voor jezelf –blij zijn met wie je bent- is minstens even belangrijk. Tevreden zijn met de mens die je bent, met hoe je eruit ziet en met wat je hebt, zónder jezelf op een voetstuk te plaatsen, is gezond. Van jezelf houden betekent ook je grenzen en behoeften kennen en respecteren, innerlijk willen groeien en willen leren van wat de wereld (en vooral onze relaties met anderen) ons voorhoudt.  En natuurlijk is zo’n gezonde relatie ook alleen maar mogelijk zo lang je bereid bent de ander met al zijn goede en minder goede eigenschappen te accepteren.  En zo lang er van wederzijds vertrouwen sprake is; de ander vrij laten en de ruimte geven opdat hij of zij naar behoeven voor zichzelf kan zorgen en aan zijn behoeften tegemoet kan komen. En mocht het dan gebeuren dat de behoeften van de één een conflict opleveren met de grenzen en de behoeften van de ander, dan is het tijd voor een goed gesprek waarbij respect hoog in het vaandel staat.

Aandachtspunten voor de HSP’er
Om als HSP’er tot zo’n gezonde en evenwichtige relatie te kunnen komen zou het raadzaam kunnen zijn om eens naar de volgende (tere) punten te kijken. Mocht je hier en daar iets van je eigen situatie herkennen, misschien is het dan een goed idee om te kijken in hoeverre er iets te veranderen of te verbeteren valt. Praat met je partner om te zien hoe het staat met jullie gevoelens voor elkaar en met ieders behoeften.

  • Ben je hooggevoelig, kijk dan eens met extra aandacht naar het beeld dat je van je van jezelf hebt. Is dat zelfbeeld aan de zwakke kant (bij veel HSP’ers is dat zo) dan is dit misschien het moment om daar iets aan te doen. Er zijn talloze goede boeken op de markt, cursussen die zeer de moeite waard zijn en het internet is een uiterst bruikbare bron van informatie. Of wat dacht je van het inroepen van de hulp van een coach?
  • Kijk eens met een kritische blik naar je eigen gedrag en ga na of je hobby’s en/of vrienden/vriendinnen hebt laten schieten om je partner een plezier te doen; misschien zelfs zonder dat deze daarom heeft gevraagd. Stel jezelf de vraag of je je anders voordoet dan je in werkelijkheid bent om de man of vrouw te kunnen zijn die je (denkt dat) partner nodig heeft om gelukkig te kunnen zijn.
  • Luister ook eens naar dat innerlijke stemmetje om te zien in hoeverre bepaalde facetten van het gedrag van je partner je hinderlijk voorkomen, maar waarover je je mond houdt om een eventuele ruzie te vermijden. Ontdek je irritaties, probeer dan een manier te vinden om erover in gesprek te raken voordat de boel explodeert op een moment dat je dat totaal niet verwacht.
  • Hoe veel tijd besteed je aan jezelf en doe je iets waar je van binnen blij van wordt? En dan denk ik vooral aan activiteiten zoals het maken van een mooie wandeling, mediteren, schrijven, lezen, schilderen, muziek maken, pilates, tai-chi, yoga, enzovoort, die weldadig zijn voor de innerlijke verrijking, ‘voer voor de ziel.
  • En als laatste tip zou ik je willen voorstellen om je eens in alle ernst af te vragen of je misschien in een van de valkuilen van de HSP’er bent beland, de valkuil van jezelf op te offeren voor de andere mens in de zin van dat je hem of haar met de beste bedoelingen van de wereld elk klusje en elk eigen initiatief uit handen neemt. Ik begrijp heel goed dat je iemand graag wilt bewijzen dat je ontzettend veel van hem of haar houdt en dat je hem of haar het leven zo aangenaam mogelijk wilt maken, maar soms kun je daarin doorschieten en beroof je je geliefde van zijn of haar persoonlijke autonomie. Er zit ook een donker kantje aan dat soort gedrag: als je alles voor iemand doet, dan heb jij de touwtjes in handen en oefen je controle uit, en zou je wel eens, mogelijk zonder het te beseffen, manipulerend bezig kunnen zijn.
Herken je jezelf in dit gedrag, wees dan niet verbaasd als je relatie geen stand houdt, want niemand komt graag in de verdrukking. (Overigens komt het in zo’n geval vaak voor dat iemand roept: ‘…en dat na álles wat ik voor X heb gedaan!’ Precies, daarom dus.). Meer lezen over de rol van ‘redder.’
Lukt het je op positieve wijze met deze tips aan de slag te gaan, dan garandeer ik je dat je relaties een stuk succesvoller zullen zijn!

maandag 5 maart 2012

De HSP’er en zijn behoefte aan tijd voor zichzelf

In het artikel van afgelopen maand kwam ter sprake hoe belangrijk het voor de hooggevoelige mens is om tijd en ruimte voor zichzelf te hebben. Elke hooggevoelige moet zich zonder zich schuldig te voelen op bepaalde momenten kunnen afzonderen om alleen met zichzelf te kunnen zijn. 
HSP’ers hebben de neiging om voortdurend klaar te staan om anderen te helpen, om onmiddellijk in te springen wanneer er in hun omgeving iemand –partner, familielid, vrienden, collega of buur– is die even handen te kort lijkt te komen. Wanneer de HSP’er de ander niet tot dienst kan zijn, en dat geldt in het bijzonder ten opzichte van de partner of zijn kinderen, bestaat de kans dat hij zich schuldig gaat voelen omdat hij niet voor de volle honderd procent kan bijdragen aan het geluk en welzijn van een dierbare. 
‘Ik wil zo graag wat meer aan mezelf denken zonder me daar schuldig onder te voelen. Wat kan ik doen?’ Dit was de vraag waar Laura in haar eerste coachingssessie mee kwam. ‘Je kunt je niet voorstellen hoe ik er soms naar snak om zo af en toe eens alleen te zijn, om me zo nu en dan eens terug te trekken en voor de verandering eens niet beschikbaar te zijn. Er zijn altijd mensen in huis, en er moet altijd van alles gebeuren. Soms voel ik dan een haast onbedwingbare neiging om te gaan gillen, en als ik hier niets aan doe, dan word ik gek.’ En ze besloot met: ‘Weet je, ik kan geen nee zeggen. Ik zal dat toch echt eens moeten leren. Als ik niet heel gauw een begin maak met het op een rijtje krijgen van mijn eigen behoeften en het honoreren daarvan, dan ben ik bang dat ik dit niet zo heel veel langer meer kan volhouden. Ik wil iets doen voor het te laat is.’ 
Laura’s behoefte is duidelijk: om haar emotionele evenwicht te kunnen bewaren heeft ze tijd nodig voor zichzelf, tijd om alleen te kunnen zijn. Elk mens heeft tijd nodig om eens rustig na te kunnen denken, om te kunnen mediteren, om zijn accu op te laden, om te dromen en plannen te maken en gewoon, om eens adem te kunnen halen. Het betreft een algemene behoefte, maar een HSP’er heeft die behoefte eerder en vaker, en ook zullen de periodes van rust en afzondering voor de meeste hooggevoeligen langer zijn dan gemiddeld. Als het je niet lukt de ruimte die je nodig hebt op te eisen, dan zal je humeur daar onder te lijden hebben, ga je je meer en meer aan van alles en nog wat ergeren, krijg je last van toenemende stress en kun je uiteindelijk in een depressie geraken. De kwestie waar het hier om draait is het (h)erkennen van je grenzen en ze bewaken. 
Het kan best zijn dat je partner ‘je altijd nodig heeft’, maar je kunt veel liefdevoller zijn, veel positiever en gezelliger, wanneer je je eigen stukje tijd en ruimte in ere weet te houden. 


Wat kun je doen om je stukje ‘eigen-tijd’ te veroveren?
  • Vraag je partner wanneer hij tijd zou hebben voor een belangrijk gesprek. Met het maken van een duidelijke, concrete afspraak (op díe en díe dag, om zo en zo laat en gedurende X tijd) laat je je partner weten dat het om iets serieus gaat, om iets wat je bezig houdt.
  • Is het moment van de afspraak aangebroken, let er dan op dat jullie alle twee je mobiel uit zetten, en dat er ook geen radio of televisie aan staat. Jullie willen niet gestoord worden. Probeer zo veel mogelijk een liefdevolle ruimte te creëren waarin het wederzijds respect en vertrouwen voorop staan.
  • Begin met je partner duidelijk te maken dat je veel van hem houdt, maar dat, om je ook in de toekomst liefdevol naar hem/haar toe te kunnen blijven opstellen, je het zo nu en dan nodig hebt om je even helemaal terug te trekken. Zeg er vooral heel duidelijk bij dat dit niets met je partner te maken heeft, dat je hem of haar niets verwijt, maar dat het zuiver en alleen iets is dat voortkomt uit jouw emotionele en fysieke behoeften. Het is belangrijk dat je partner begrijpt dat het een kwestie van gezondheid is.
  • Omdat je op dat moment waarschijnlijk nog niet helemaal duidelijk hebt hoe veel tijd je precies nodig zult gaan hebben, is het verstandig een proeftijd af te spreken (een maand?) waarin je rustig kunt uitproberen wat voor jou het prettigste aanvoelt.
  • Als je het fijn hebt gevonden om zo, vol vertrouwen en respect, met je partner te praten, is het misschien een idee om voor te stellen dit soort gesprekken eens in de zo veel tijd te herhalen. Om te beginnen zou je dat kunnen doen om verslag uit te brengen van de proeftijd waarin je experimenteerde met het creëren van ruimte voor jezelf.
  • Maak van deze bijzondere emotionele gespreksruimtes met je partner gebruik om hem of haar te vragen of hij of zij misschien ook onderwerpen heeft om met jou te delen, onderwerpen die bij kunnen dragen aan het emotioneel welzijn van jullie relatie.

Deze communicatietechniek, waarbij intimiteit, respect en vertrouwen voorop staan, is ideaal voor het uitspreken van emotionele behoeften die je anders maar moeilijk te berde kunt brengen. 
Let op: Het gebeurt nog al eens dat de HSP’er de neiging heeft zijn emotionele behoeften er op de meest ongeschikte momenten ‘uit te flappen’, op momenten waarop we eigenlijk van te voren al weten dat je toch niet wordt gehoord. Als dit gebeurt, dus, als je er iets belangrijks uitgooit op een totaal ongeschikt moment (bijvoorbeeld op het moment dat we de kamer uitlopen, of wanneer je partner op het punt staat om de voordeur achter zich dicht te trekken om naar zijn werk te gaan), en als er dan dus inderdáád geen acht op je woorden wordt geslagen… kijk dan uit! Pas op dat je jezelf daarmee dan niet bevestigd gaat zien in negatieve overtuigingen van het soort ‘Zie je wel, ze geven niet om mij!’ of ‘Ja, hoor, ik wíst het wel, ze luisteren niet naar me want ik ben het niet waard, dus ik zal nóg meer mijn best voor de ander moeten doen.’ Jullie weten best dat dit soort gedachten zuivere onwaarheden zijn die rechtstreeks uit een zwak zelfbeeld voortkomen. Immers… hoe kunnen ze nu naar je luisteren als je niet bewust de nodige maatregelen treft om je ervan te verzekeren dat je gehoord wordt?

dinsdag 10 januari 2012

HSP en eenzaamheid

Het nieuwe jaar is alweer bijna twee weken oud, maar toch wil ik iedereen alsnog een goed jaar vol hooggevoelige kracht, licht, geduld, gezondheid en wijsheid toewensen.

In meerdere HSP-fora, maar ook in enkele mails die mij de afgelopen dagen bereikten, werd gesproken over de eenzaamheid die vooral tijdens de feestdagen zo intens beleefd kan worden.

Zo was er iemand die schreef:

'Ik wens iedereen een goed nieuw jaar. Ik hoop dat niemand zich zo verschrikkelijk eenzaam heeft gevoeld als ik op oudejaarsavond, met al mijn familie en vrienden om mij heen.'

Ik vermoed dat dit veel HSP’ers bekend voorkomt.

De feestdagen, de periode vanaf Sinterklaas tot en met Driekoningen, betekenen voor veel hooggevoeligen een tijd van stress en verplichtingen.

Met vrienden en familie feestvieren heeft vele kanten. Het vooruitzicht op gedeelde gezelligheid is doorgaans iets om je op te verheugen. Maar het plannen, inkopen, voorbereiden en daarbij steeds kijken tot waar je kunt gaan en je grenzen blijven bewaken, dat valt niet altijd mee. Het gebeurt nog al eens dat de HPS’er zich laat overrompelen door verzoeken van anderen, terwijl het ook lastig kan zijn om alle publiciteit die er in dit jaargetijde over de mensheid wordt uitgestort, kritisch te blijven bekijken. Zo wordt de indruk gewekt dat ‘echte gezelligheid’ alleen maar mogelijk zou zijn met stapels (grote en dure) cadeaus, grote hoeveelheden –bijzonder- eten, veel drank en natuurlijk ook die feestelijke kledij.

Kijken we dan ook eens naar de basisbehoeften van de doorsnee HSP’er, dan wordt al snel duidelijk dat het een en ander niet verenigbaar is. Bij “echte gezelligheid” denkt hij immers veel meer aan rustig en relaxt, een klein en select gezelschap, eenvoud, een goed gesprek en mogelijk enige introspectie.

Iemand anders schreef:


'Op oudejaarsavond voelde ik me, ondanks alle mensen om me heen, zo intens alleen dat ik niet anders kon dan me terugtrekken op mijn kamer om in alle rust een beetje te lezen en te schrijven, terwijl de anderen in de woonkamer luid aan het feesten waren.'

En hoewel het een feit is dat er ook hooggevoeligen zijn die dol zijn op feestvieren met dansen en luide muziek, en die dat zelfs zo nu en dan echt nodig hebben om zich eens helemaal uit te kunnen leven, ligt de behoefte van de meeste HSP’ers toch eerder op het gebied van een meer ingetogen sfeer.


Je eenzaam voelen met veel mensen om je heen, hoe kan dat?

De mens, dat weten we allemaal, is een social wezen. Een social wezen heeft behoefte aan contact met andere mensen. Maar wat wil dat precies zeggen? Wat bedoelen we met dat woordje ‘contact’? Om te beginnen hebben we elkaar als mensen nodig om aan de meest elementaire basisbehoeften te kunnen voldoen: zo kunnen we bijvoorbeeld niet zonder boer, zonder bakker en zonder alle mensen die nodig zijn om onze huizen te bouwen. We hebben mensen nodig die in de meest ruime zin werk voor ons verzetten, en net zo moeten wij werk voor anderen doen. We kunnen niet zonder mensen die vaardigheden en talenten bezitten die wij zelf niet bezitten, en net zo zijn anderen die ónze vaardigheden niet bezitten en nodig hebben weer op óns aangewezen. We vullen elkaar aan en we zijn van elkaar afhankelijk voor onze primaire lichamelijke en geestelijke behoeften en voor onze veiligheid. We dragen bij aan het bestaan van anderen, en anderen dragen bij aan ons bestaan.

Daarnaast hebben we vrienden nodig, en collega’s, om ons gewaardeerd te kunnen voelen, om te weten dat de dingen die we doen zinvol zijn. We willen ons kunnen identificeren en ergens bij kunnen horen, en daarvoor zoeken we aansluiting bij grotere groepen (wij zijn hooggevoelig!). Het besef ergens bij te horen, ergens deel van uit te maken, geeft een gevoel van zekerheid en wie ergens bij hoort voelt zich minder alleen.

Vanaf dat punt begin je je met anderen te vergelijken. Het is een bijzondere gewaarwording dat je dingen met anderen deelt, maar dat je tegelijkertijd toch ook juist heel anders bent. Dat je jezelf bent en niet de ander. Jij bent jouw eigen IK. En jouw eigen IK is niet hetzelfde als het IK van die ander. Dat lijkt voor de hand te liggen, maar het grappige is dat we er dan vaak onmiddellijk weer toe neigen om vooral te letten op al die facetten die we met de ander gemeen hebben. Zo lang we ons concentreren op onze raakvlakken met de ander voelen we ons minder alleen.

Laten we weer eens naar de feestdagen kijken. De meeste hooggevoeligen hebben een sterke behoefte aan echte verbinding met andere mensen. Oppervlakkig contact is in de regel niet wat ze primair zoeken. Oppervlakkige gesprekjes zijn misschien wel een poosje leuk – voortdurend diep en intens contact hebben kan hondsvermoeiend zijn- maar het is niet iets wat de HSP’er op de lange duur bevredigt. De hooggevoelige heeft doorgaans meer ‘voeding’ nodig, en daarnaast wil hij ook graag meer ‘voeding’ kunnen geven. De Kersttijd, die begint met de adventsweken en eindigt met het feest van Driekoningen, geldt voor veel hooggevoeligen als een hele bijzondere tijd van het jaar. Het is een tijd waarin je doorgaans wat meer bij jezelf naar binnen kijkt. Bepaalde waarden zoals oprechtheid, rechtvaardigheid en naastenliefde, worden op een dieper niveau beleefd. De manier waarop deze feestdagen in reclames worden afgebeeld, komt in veel gevallen op ons over als vals en leugenachtig. De overdaad, de frivoliteit en de valse schone schijn stroken niet met die innerlijke waarden. Het is dan ook niet ondenkbaar dat we ergens het verlangen koesteren om juist deze tijd, de Kersttijd, te vieren zoals deze oorspronkelijk bedoeld is. In mijn vorige nieuwsbrief schrijf ik hier wat meer over.

Bevinden we ons in een gezelschap dat Kerstmis anders wil vieren dan wij, dan kan het gebeuren dat er niet wordt voldaan aan die, zo kenmerkende HSP-behoefte van het maken van verbinding. Anders gezegd, je kunt je niet identificeren met de groep: we zoeken naar wat we met anderen gemeen hebben, maar in dit geval wordt die behoefte in onvoldoende mate bevredigd. We staan dan met lege handen, of liever, met een leeg hart. En een leeg hart staat gelijk aan eenzaamheid.

De werkelijke intelligentie werkt in stilte, zegt Echkart Tolle. Het werkelijke begrijpen vindt plaats in stilte. De eenzaamheid is stilte, en het is de ontmoeting met jezelf, met die IK van je allerdiepste kern. En ja, zeker in het begin is zo’n ontmoeting niet altijd even leuk –het kan zelfs een angstige ervaring zijn. Misschien vind je die IK die je daar diep van binnen tegenkomt wel helemaal niet zo leuk en aardig, en in die zin is het alleen maar een begrijpelijke reactie om die IK niet onder ogen te willen zien. Het is echter daar, diep van binnen, waar we als mens kunnen groeien. Alleen wanneer we de moed opbrengen om te proberen onszelf te zien zoals we echt zijn –en dan niet alleen onze mooie en dappere kant- met al onze angsten en tekortkomingen, met onze duistere facetten en onhebbelijkheden, kunnen we bewust besluiten om dingen in onszelf te overwinnen.

De reclame, om daarop terug te komen, wil ons doen geloven dat het triest en zielig is om alleen te zijn. Je zou dat dus moeten zien te voorkomen, lijkt het. Erger nog, het lijkt haast wel alsof je iets verkeerd zou doen, of dat je een slecht mens zou zijn als je de feestdagen liever niet zonder mensen doorbrengt, of als je je gewoon liever afzondert tijdens het feestgedruis. Alsof je op zijn minst raar of zonderling zou zijn als je gewoon liever alleen wilt zijn. En dat is een leugen.

We worden alleen geboren en ook sterven doen we alleen. En dat is niet zielig of triest. De behoefte om zo nu en dan eens alleen te willen zijn is een intens menselijke behoefte, net zoals het met anderen willen delen en samen willen zijn een intens menselijke behoefte is. En leren om met jezelf alleen te kunnen zijn, om dat alleen zijn aan te kunnen, is dat ook. De eenzaamheid leren waarderen, beste HSP’ers, is dan het volgende stapje.

Als hooggevoelige mens hebben we het nodig om ons van tijd tot tijd eens helemaal af te zonderen. Nog los van het belangrijke feit dat je beetje bij beetje meer over jezelf gaat ontdekken en mogelijk besluit om met die zelfkennis aan de slag te gaan, is bewust gekozen eenzaamheid voor de HSP’er een medicijn. Alleen zijn met jezelf is voor velen –en voor de een meer dan voor de ander- dé manier om je batterijen op te laden en om je creativiteit te wekken en te cultiveren. Die noodzaak is er uiteraard het hele jaar door, maar mogelijk heb je er juist in de Kersttijd extra behoefte aan. Dat is dus niet raar of vreemd, maar het sluit aan bij het sterke innerlijke verlangen dat veel hooggevoeligen kennen, namelijk, het verlangen om de donkerste maand van het jaar op een zinvolle en bevredigende wijze te beleven. Ik wil dit artikel graag besluiten met het tweede deel van de uitspraak van Eckhart Tolle:

In de stilte bevinden zich de creativiteit en de oplossing voor velerlei problemen.

Ik wens jullie een goede januarimaand toe!

woensdag 21 december 2011

Kerstmis

Amper nog drie dagen te gaan, en het is Kerstmis. Ik wens jullie een paar bijzondere dagen toe met volop gelegenheid om te genieten van kalmte en rust, van het goede van het hier en nu, en dat in het gezelschap van jullie dierbaren. Ik hoop dat jullie eventuele drukte en stress buiten de deur zullen kunnen houden en er gelegenheid is om zo nu en dan eens even tijd voor jezelf te nemen. 
Dit schrijf ik omdat ik in mijn omgeving uitspraken heb gehoord als ‘Voor mij kunnen die feestdagen niet snel genoeg voorbij zijn,’ of ‘Nou, al dat gedoe hoeft voor mij helemáál niet,’ en ‘Als het aan mij lag, dan zaten we alweer ergens halverwege januari.’ 
Zijn we vergeten hoe we van deze speciale feestdagen moeten genieten? Zijn we het verleerd? Weten we dan niet meer wat de betekenis van Kerstmis is? Wegen de verplichtingen, de verwachtingen van de anderen en de stress van het bereiden van de meest prachtige gerechten en alles wat daarbij komt kijken, zwaarder dan de viering van de geboortedag van Christus, of de geboortedag van het Licht, het feest van de Vrede? 
Ik stel voor om eens een paar minuutjes tijd voor jezelf te nemen om je af te vragen wat Kerstmis voor jou betekent. Als je wilt en als je kunt, ga dan eens even rustig zitten, sluit je ogen, haal een paar keer diep adem, ontspan je, luister naar de stilte van binnen en vraag je af….

  • Wat betekenen deze dagen voor mij? Draait het om het geven en ontvangen van geschenken? Draait het om het vieren van een geloofstraditie? Om het vieren van het leven zelf? Om het samenzijn met familie en vrienden? Om de bewustwording van alles wat er in de wereld gaande is? Om de belangenloze liefde voor je medemens? Laat je gedachten hier over gaan en luister naar wat er in je opkomt.

  • Hoe wil ik deze dagen vieren? Als je eenmaal duidelijkheid hebt verkregen over wat deze dagen voor je betekenen, kun je bedenken hoe je ze bij voorkeur door zou willen brengen. Wat is belangrijk voor jou? Laat je gedachten eens gaan over wat je eigenlijk wilt doen, wat je diep van binnen nodig vindt, en of dat strookt met wat er (volgens jou) door de omgeving van je wordt verwacht. Maar al te vaak laten we ons uitsluitend, of voor een groot deel leiden door ‘verplichtingen.’
 Heb je duidelijk gekregen wat de Kersttijd voor je betekent en hoe je deze dagen wilt doorbrengen, maak dan een plan waarbij je streeft naar het vinden van een evenwicht tussen de échte verplichtingen enerzijds, en je eigen behoeften anderzijds. Je eigen gevoelens, je binnenwereld, je ziel – ze zijn belangrijk. Dit is de tijd van het jaar om eens extra goed voor dat deel van jezelf te zorgen.

Vereenvoudig. Het is echt niet nodig dat alles volmaakt is. Vraag om hulp, delegeer en schrap alles wat gewoon te veel of niet noodzakelijk is. De voorbereidingen kunnen vast ook wel (voor een deel) gezamenlijk worden gedaan zodat ze deel gaan uitmaken van het feest; probeer dan het contact en de verbinding met anderen te laten prevaleren boven de perfectie en de stress.

En mocht je besluiten jezelf iets cadeau te willen doen, wat zou je dan zeggen van een beetje tijd om wat rust te nemen, om eens een poosje kalm adem te halen, om je te ontspannen en om innerlijk te verjongen. Om je batterijtjes op te laden. Dat zijn de beste cadeautjes die je jezelf kunt geven want je houdt er energie, vreugde en een positieve instelling aan over, oftewel, alles wat je nodig hebt om optimaal van het Feest van het Licht te kunnen genieten.

Beste mede-HSP’ers, ik wens jullie oprecht een speciale Kersttijd met innerlijke kalmte en rust, en spiritueel bewustzijn toe.