Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label moed. Alle posts tonen
Posts tonen met het label moed. Alle posts tonen

maandag 30 september 2013

Hooggevoelig en verstoppertje spelen

‘Als je geen plan hebt voor je eigen dromen, word je ingezet in de dromen van anderen…’



Op basis van research door Elaine Aron en andere psychologen die zich met het onderwerp ‘hooggevoeligheid’ hebben beziggehouden, weten we dat vijftien tot twintig procent van de mensheid beduidend gevoeliger is dan de rest. Hooggevoeligheid komt wereldwijd voor, zowel bij mannen als bij vrouwen. Zoals je misschien wel weet geef ik lezingen over HSP, en dit is meestal de zin waarmee ik open. Een veelgehoorde reactie hierop is dan: ‘O ja? Twee op de tien mensen? Nou, dan weet ik niet waar die lui zitten, want ik ken er niet één.’

Hoe komt dat? Het antwoord is simpel: een HSP’er neigt ertoe zich aan te passen. De hooggevoelige mens is veelal in staat om gelijk een kameleon op te gaan in zijn omgeving, om er als het ware mee te versmelten. Wie, om wat voor reden dan ook, niet de aandacht wil trekken die heeft in principe twee mogelijkheden tot zijn beschikking: doen als de rest, zich kleden zoals de meerderheid dat doet, herhalen wat anderen zeggen (dus geen eigen mening hebben) en braaf zijn of, dat kan ook, zo veel mogelijk elke omgeving mijden waarvan je van te voren al weet dat je je er niet prettig en op je gemak zult voelen.

Ben jij ook zo iemand die op zoek is naar andere hooggevoeligen en niet weet waar hij ze kan vinden, dan raad ik je aan om specifiek je aandacht te richten op die mensen die er alles aan doen om vooral niet de aandacht te trekken, mensen dus die hun best doen om onzichtbaar te zijn. Als HSP’er zal het je niet echt veel moeite kosten om die mensen te ontdekken.

Voor hetzelfde geld echter, ben jij zélf zo iemand die niet opgemerkt wil worden en die het liefste verstoppertje speelt. Misschien ben jij er wel zo eentje die zich voortdurend aanpast, die zich steeds maar weer schikt naar de wensen en de behoeften van anderen. Wie weet ben jij wel zo’n HSP’er die zich het rustigste en het zekerste voelt zolang er maar niet op je wordt gelet.

Het is waar: zo lang je niet opvalt en je je ware gezicht niet laat zien is de kans klein dat iemand je iets zal verwijten. Wie niet zichtbaar is zal niet gauw op zijn donder krijgen. De kans dat je wordt uitgescholden, dat je wordt aangewezen om een extra klus te klaren of dat je een lastige opdracht moet uitvoeren waarvan je twijfelt of je die wel tot een goed einde zult kunnen brengen, is klein. Het is lekker rustig zo, alles blijft zoals het is, je weet waar je aan toe bent en je hoeft je comfortzone nog geen centimeter op te rekken.

Wat echter óók waar is, is dat niemand je capaciteiten en je talenten zal zien. Wist je eigenlijk al dat hooggevoeligen hele speciale talenten hebben? En heb je je al eens afgevraagd waar jouw specifieke gaven liggen?

Ik ben van mening dat iedereen die rondloopt op deze prachtige planeet die wij Moeder Aarde noemen, ongeacht of hij nu hooggevoelig is of niet, hier is om een steentje bij te dragen, om een voetafdruk achter te laten, hoe klein of schijnbaar onbeduidend ook. En dat kun je eigenlijk alleen maar doen wanneer je van jezelf weet wat je talenten (en ook wat je zwakke plekken) zijn; immers, je talenten duiden op het soort voetafdruk dat jij na zou kunnen laten. Als HSP’er is het goed mogelijk dat jouw persoonlijke gaven op het gebied liggen van de zogenaamde positieve eigenschappen van de hooggevoeligheid. Mocht je vergeten zijn hoe het ook alweer zat met die positieve kant van de hooggevoeligheid, misschien is het dan een idee om het artikel dat ik daar een aantal maanden geleden over schreef nog eens te lezen.

Laat ik jullie bekennen dat ik zo’n HSP’er was die dol was op verstoppertje spelen. Ik had geen eigen mening (en áls ik die al had dan durfde ik er niet voor uit te komen) en aandacht trekken was niets voor mij. Gedurende ruim de helft van mijn leven was ik een schaduw, een lijf zonder persoonlijkheid. Mijn mond opendoen tijdens vergaderingen of zo? Geen denken aan. Ik hield me zo veel mogelijk overal afzijdig van. Waarom ik zo was, dat wist ik niet, maar goedbeschouwd kon het me ook niet schelen: ik vond het wel best zo. Zo heel af en toe bekroop me een vaag verlagen om eens ergens in uit te blinken (ik wist namelijk wel dat er dingen waren waar ik goed in was) maar uit angst om voor ingebeeld te worden uitgemaakt, of dat niemand mijn werk interessant zou vinden, of dat ik vragen zou krijgen waarop ik geen antwoord zou weten, besloot ik altijd maar weer om gewoon in mijn vertrouwde en veilige comfortzone te blijven.

Pas nadat ik het thema van de hooggevoeligheid had ontdekt en begreep hoe het kwam dat ik zo’n absoluut saaie (maar wel vlijtige en nuttige) schaduw was, begon ik te veranderen. Of dat proces van verandering en groei makkelijk was? Helemaal niet! Of het de moeite waard was? Nou en of! En of ik nu uitgeleerd zou zijn? Natuurlijk niet; het leren en groeien is een doorgaand proces.

Ik zou je willen aanmoedigen om uit die kleurloze anonimiteit te stappen. Bedenk dat je kunt kiezen om dat stapje te doen. Je neemt het besluit en je begint. Het leven gaat er zo heel anders door uitzien, je zelfbeeld verandert en dingen waar je vroeger huizenhoog tegenop zag worden in veel gevallen een uitdaging die je aan durft te gaan. Echt, het wordt er alleen maar leuker en boeiender op. Na een tijdje begin je de vruchten te plukken van je verandering, en dat is nog maar het begin. Die vruchten, dat zijn de sporen die je nalaat, dat wat je bijdraagt aan de wereld. Ik durf zelfs te beweren dat het onze “mensenplicht” is om onszelf te ontwikkelen, om innerlijk te groeien, om uit onze schuilplaats tevoorschijn te komen en andere HSP’ers te laten zien dat verstoppen niet nodig is. Denk anders maar eens aan de goden die je de voor jou specifieke talenten hebben meegegeven om jezelf en de wereld een eindje verder te helpen... je wilt ze toch zeker niet teleurstellen?


Vragen die je jezelf kunt stellen:  
  • Wat zijn mijn talenten, mijn gaven? Waar ben ik goed in? (Mocht je niets te binnen schieten, vraag het dan maar eens aan een goede bekende). 
  • Wat zou mijn bijdrage aan de wereld kunnen zijn? En hoe zou ik dat kunnen verwezenlijken? Met welk doel?  
  • Wat zou ik willen dat er tijdens mijn begrafenis door de nabestaanden over mij werd gezegd? 
  • Welk stemmetje (saboteur) belet mij om mijn comfortzone een stukje op te rekken?


Voorbeeld:
Een aantal dagen geleden kreeg ik een youtube over een vrouw die de moed heeft weten op te brengen om vanuit de schaduw in het licht te stappen. In de spotlights, nog wel. Het zijn opnamen van Britain’s got Talent, en eigenlijk heb ik een enorme hekel aan dit soort programma’s waar naar mijn gevoel alles onecht en overdreven aan is. De vrouw -zonder enige twijfel een HSP- in deze opname raakte me. Ze durft zich voor de camera’s enorm kwetsbaar op te stellen en haar meest gevoelige kant te tonen: onzeker en bang, maar met een talent dat ze met de wereld wil delen. De beelden doen me veel. 
Alice Fredenham zingt ‘My funny Valentine’. 

De video is in het Engels, en mocht je het niet verstaan, dan nog zeggen de beelden en haar lichaamstaal meer dan genoeg.

Laat het duidelijk zijn, je hoeft heus niet meteen vanuit de schaduw het toneel op en het licht van de schijnwerpers in. Het mag best iets bescheideners zijn. Ik heb het als voorbeeld genomen omdat ik het mooi vind, en omdat ik weet dat er veel hooggevoelige kunstenaars en artiesten zijn die hun angst hebben overwonnen, of liever, wier behoefte om bij te dragen sterker was dan hun angst, hun onzekerheid. Ik geef jullie de verzekering dat het de moeite dubbel en dwars waard is.

zondag 12 augustus 2012

Hooggevoelig en gastvrouw/gastheer

foto: Josh van Dyke
Voor velen is dit de tijd van de grote vakantie, de tijd van bijkomen en uitrusten en van het opladen van je persoonlijke accu. Misschien doe je dat ergens in het buitenland, misschien blijf je gewoon lekker thuis. Misschien ga je ergens bij familie of vrienden logeren, of misschien krijg je zelf logés.

De afgelopen maand kreeg ik van meerdere kanten –cliënten en vriendinnen– verhalen te horen over het bezoek dat bij hen had gelogeerd. Die verhalen waren stuk voor stuk heel herkenbaar want zelf had ik ook mensen in huis en ik mag dan coach zijn, maar ik ben ook HSP en net als iedereen heb ik ook zo mijn momenten. Met name het verhaal van de pas getrouwde Cristina, die met haar man in een piepklein flatje woont en familie van haar man (een echtpaar met twee tienerzoons) te logeren kreeg, zorgde ervoor dat het me een goed idee leek om de rol van de hooggevoelige gastvrouw/gastheer tot onderwerp van deze nieuwsbrief te maken.

Cristina vroeg me om advies want ze wist zich geen raad met een situatie die haar al binnen een dag boven het hoofd was gegroeid: gevoelens van groeiende irritatie, oververzadiging en machteloosheid wonnen het van haar gebruikelijke gulheid en opgewekte humeur. En dát had weer tot gevolg dat ze zich schuldig voelde. Haar bezoek, dat zijn best deed om haar zo veel mogelijk te helpen en tegemoet te komen, kon geen goed doen. Haar schoonzus, die zich bewust was van de “overlast” die zij met haar man en kinderen bezorgde, verklaarde dat Cristina zich “nergens druk om hoefde te maken en dat zij en haar man voor de boodschappen en voor het eten zouden zorgen.” Cristina liet de hele situatie over zich heen komen (ze wilde immers dat haar schoonfamilie haar aardig zou vinden) maar kon het niet verdragen dat haar schoonzus ineens de scepter zwaaide over het keukentje en de inhoud van de koelkast. En dat was niet het enige dat haar hopeloos dwars zat en haar een pesthumeur bezorgde, maar afgezien daarvan waren er nog kwesties als de troep die niet werd opgeruimd, het lawaai en nog zo wat.

En dan het verhaal van Saskia, een van mijn hooggevoelige vriendinnen. Ze belde zomaar, om te horen hoe het met me ging, maar toen ik vroeg hoe het met haar was, vertelde ze me over hoe haar man een goede vriend had uitgenodigd om een paar dagen te komen logeren (ze wonen op een prachtige plek in de Zwitserse Alpen) en dat die vriend uiteindelijk ruim twee weken was gebleven, want “hij vond het zo heerlijk bij hen.” Saskia had niet de moed om haar man te laten weten dat ze na een kleine week al meer dan genoeg had van het bezoek en dat ze dringend behoefte had aan ruimte en rust in huis. Ze durfde het niet tegen haar man te zeggen omdat ze het egoïstisch van zichzelf vond; net alsof ze haar man het gezelschap van zijn vriend misgunde. Dat laatste was het ook niet, in tegendeel, ze was juist blij voor haar man dat zijn vriend er was. Dat kon evenwel niet verhinderen dat ze het gevoel had alsof ze haar huis en haar vrijheid kwijt was. En ook zij voelde zich schuldig.

Als je dit zo leest zou je allicht kunnen denken dat HSP’ers asociaal, intolerant en antipathiek zijn, maar is dat werkelijk zo? Nou, nee, dat is bepaald niet het geval, uitzonderingen daargelaten. De meeste HSP’ers vinden het juist heerlijk om mensen uit te nodigen, om lekker voor hun bezoek te koken en het hen in zo veel mogelijk opzichten naar de zin te maken. Het gros van de overgevoelige mensen is juist extreem gastvrij en gul, en vindt het heerlijk om met anderen te delen. De kwestie is alleen dat de meeste HSP’ers moeite hebben met het bepalen en bewaken van hun grenzen.

Het is bekend dat een hooggevoelige relatief snel het punt van sensoriale en emotionele verzadiging bereikt. Onze zintuigen zijn als sponzen die alles opzuigen, en we hebben meer tijd nodig dan de gemiddelde (niet hooggevoelige) mens om alle opgedane indrukken te verwerken. We hebben behoefte aan tijd voor onszelf alleen, of, op zijn minst, aan tijd waarin we ons om niemand hoeven te bekommeren en we onze batterijen kunnen opladen. Met logés in huis is dit dikwijls niet mogelijk.

Als we daar dan nog eens de voor de HSP’er karakteristieke behoefte aan orde en ‘perfectie’ (het huis schoon en op orde, de ideale gastrvouw/gastheer zijn, maaltijden waar niets, maar dan ook niets op aan te merken is en die bij voorkeur uit meerdere gangen bestaan, altijd even vriendelijk en voorkomend te zijn en er alles voor over hebben dat het bezoek het tweehonderd procent naar de zin heeft) aan toevoegen, plus zijn behoefte de ander te dienen en de neiging om zichzelf op de laatste plaats te laten komen, ligt het voor de hand dat dit niet goed kan gaan. Samenleven is op zich al een uitdaging die acceptatie en aanpassingen vereist, maar het delen van je eigen ruimte met mensen die je niet goed kent en die bij jou vakantie komen vieren (terwijl jij bovendien misschien ook nog gewoon naar je werk moet) waardoor je niet aan je eigen rust toekomst, staat gelijk aan stress. En stress maakt dat je weinig tot niets kunt hebben en je je overall aan gaat ergeren. Hoe gestresster je bent, des te minder je van anderen kunt hebben en des te groter je behoefte het op een krijsen te zetten. En hoe onmogelijker het voor je wordt gezellig mee te doen en van je bezoek te genieten.

Je grenzen beter bewaken
Om te beginnen zul je voor jezelf moeten uitmaken wat voor jou onontbeerlijk is om niet gespannen en geïrriteerd te raken. Met andere woorden, wat zijn jouw innerlijke grenzen? Je kunt daarbij denken aan dingen als: acht uur ongestoorde slaap, in je eentje rustig en stil ontbijten, een half uurtje mediteren per dag, bezig zijn met de verzorging van je planten, op de sportschool aan je conditie werken, geen alcohol drinken, etc., etc. Het gaat daarbij duidelijk om dingen die bijdragen aan je innerlijk evenwicht. Het leven heeft je geleerd dat, wanneer je je niet aan deze voor jou gouden regels houdt, je relatief snel zenuwachtig wordt en je opgejaagd gaat voelen.

Onder normale omstandigheden lukt het je misschien nog wel om je aan je eigen gouden regels te houden (al kan dat soms best lastig zijn) maar wanneer je logés hebt valt dat helemaal niet mee. Het is daarom een goed idee om je bezoek te laten weten dat ze absoluut welkom zijn, maar dat er een aantal dingen zijn die je, in ieders belang, graag met ze wilt afspreken. Je legt ze uit wat jouw gouden regels zijn en dat je je daar óók met bezoek in huis aan wilt houden. Als je dat bij aanvang van het bezoek doet, dan kun je dat op een gezellige, vriendelijke manier doen zonder boos of geïrriteerd te zijn. Heb je behoefte aan iets als tijd en rust –ik noem maar wat– laat dat dan weten en vráág erom. Je kunt je gasten achteraf niet iets verwijten als je je daar in het begin niet heel duidelijk over hebt uitgesproken. Met vertwijfelde uitspraken als: ‘Ze snappen toch zeker óók wel dat ik ’s ochtends wil mediteren?’ plaats je jezelf in de slachtofferrol en creëer je een hele vervelende stemming. Waarom? Omdat iemand onmogelijk iets kan snappen wat hij niet weet; jíj weet het wel, maar als je het niet duidelijk uitspreekt kun je niet aannemen dat een ander dat aan het puntje van je neus kan zien aflezen.

Het op proactieve wijze bewaken van je grenzen houdt in dat je duidelijk en nauwkeurig omschrijft wat je behoeften zijn. Elke ochtend wil je een half uurtje stilte in huis om van zeven uur tot half acht te mediteren. Je wilt dat je bezoek meehelpt in huis bij het dekken en afruimen van de tafel, en dat drie keer per dag. Je wilt dat ze de hond tussen de middag, om precies te zijn, om één uur, uitlaten. Je werkt en moet vroeg op, en doordeweeks moet je daarvoor om tien uur in bed liggen, enzovoort. Het is echt een goed idee om je bezoek aan het begin (of mogelijk zelfs nog daarvóór) van hun verblijf van deze dingen op de hoogte te brengen, want bèn je eenmaal geïrriteerd dan kun je dit waarschijnlijk alleen nog maar boos en kribbig doen. Denk eraan dat je niet vergeet om je bezoek te vragen of ze deze behoeften van jou kunnen respecteren  en honoreren, of dat er misschien van hun kant iets is waardoor dat bemoeilijkt wordt. Als jij van te voren weet dat de hond op een bepaalde dag niet uitgelaten kan worden –ik noem maar wat– dan kun je tijdig andere maatregelen treffen en hoef je je achteraf niet boos te maken of op te winden.

Het is fijn en leuk om logés te hebben. Het is verrijkend in vele opzichten. Om van je gasten te kunnen genieten en om ervoor te zorgen dat zij optimaal van jouw gastvrijheid kunnen genieten, zul je je eigen grenzen moeten kennen, duidelijk moeten maken en eraan vast moeten kunnen houden.

Ik wens jullie een fijne vakantie –hoe dan ook, waar dan ook en met wie dan ook!

Nieuwtjes
Eindelijk, mijn Spaanse boek is uit en de verkoop ervan loopt goed. Jullie hebben er waarschijnlijk niets aan, maar misschien hebben jullie Spaanse kennissen of familie die je er een plezier mee kunt doen. Ik heb me voorgenomen om in de winter aan de Nederlandse vertaling ervan te gaan werken.
Het boek was de aanleiding tot het vernieuwen en moderniseren van mijn Spaanse web en ik wil best bekennen dat ik trots ben op het frisse en tegelijkertijd hooggevoelige resultaat.